Max Pam is schrijver en columnist van de Volkskrant.
Amerikaanse komieken worden erg oud. Zo was George Burns, de oervader van de Amerikaanse comedy, al 100 jaar toen hij in 1996 stierf. Hij maakte veel grappen over zijn ouderdom, zoals deze: ‘When I was a boy, the Dead Sea was only sick.’ Ook Bob Hope (1903-2003) werd 100 en ook voor hem werd leeftijd steeds meer een thema: ‘I don’t feel old. I don’t feel anything until noon. Then it’s time for my nap.’ Phyllis Diller (1917–2012), die veel met Hope heeft samengewerkt en die je ook de oermoeder van de vrouwelijke stand-upcomedians kunt noemen, bereikte de eerbiedwaardige leeftijd van 95. Ze zei: ‘I’m at that age where my mind makes contracts my body can’t sign.’
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Norman Lear (1922-2023), komiek en producent van All in the Family, werd zelfs 101. Een jaar voor zijn dood zei hij nog dat hij zich 27 voelde. Carl Reiner (1922-2020), vader van de onlangs door diens zoon vermoorde Rob Reiner, eindigde op de leeftijd van 98. Hij zei: ‘Elke morgen lees ik de overlijdensadvertenties. Als ik er niet bij sta, ga ik kennelijk gewoon door.’ Dick Van Dyke leeft nog. Hij werd een half jaar geleden 100. Bij zijn laatste tv-optreden zei hij dat mensen hem benaderen alsof hij van glas is, terwijl hij toch echt nog beweegt. Alleen Groucho Marx – nog twee jaar jonger dan Charlie Chaplin – valt met 86 wat uit de toon, om van de andere Marx Brothers maar niet te spreken.
Vorige week werd ook Mel Brooks 100. Zijn leeftijd was op het laatst zijn handelsmerk. Hij is zo oud dat hij nog een eerste druk van de Bijbel zag verschijnen en hij stond erbij toen het lachen – overigens nog ver voor het wiel – werd uitgevonden. Ik ben altijd een groot fan van zijn films geweest en het zou mij wat waard zijn als de Volkskrant hem weet te strikken voor de prachtserie over 100-jarigen. The New York Times presenteerde op zijn verjaardag honderd redenen om van Mel Brooks te houden. De meeste daarvan ken ik, of heb ik gezien. Het zijn bijna allemaal films, series of toneelstukken waar je vrolijk uitkomt, omdat er veel te lachen viel.
Onvergetelijk en nog steeds actueel is The Producers, over een musical waarvan de makers hopen dat het een flop wordt, omdat bij faillissement het geld van de investeerders niet terugvorderbaar is. Daarom wordt de musical zo beroerd mogelijk in elkaar geflanst met als dieptepunt het lied Springtime for Hitler. Als u dat nog nooit heeft gezien, haast u dan naar YouTube, want dat hoort echt bij uw algemene ontwikkeling. Uiteraard wordt de musical in deze bijtende satire op Broadway, tegen de bedoeling in, geen flop maar een groot succes.
Geweldig leuk is ook de scène uit History of the World, Part I, waarin Mel Brooks als Mozes van de berg afdaalt met de tafelen waarop de elf geboden staan. Helaas glijdt een van de tafelen uit zijn handen en spat op de grond uiteen in gruzelementen, zodat de mensheid het verder slechts met tien geboden moet doen. Ongeëvenaard komisch (en treurig) is Blazing Saddles, waarin door een misverstand een zwarte sheriff wordt benoemd in het diepe zuiden van Amerika. Zelfs van Ernst Lubitsch’ meesterwerk To Be or Not to Be heeft Brooks een grappige remake weten te maken, niet in het minst dankzij Charles Durning, die als ‘Concentration Camp Erhardt’ een meesterlijke kampcommandant neerzet.
Diens punchline is: ‘We do the concentrating, and the Poles do the camping’, waarbij Brooks met opzet in de tekst de Joden heeft vervangen door de Polen, om het liegen van de kampcommandant nog schrijnender te maken.
Een film waar ik een zwak voor heb, is High Anxiety, dat op een Hitchcock-achtige manier een satire wil zijn op One Flew Over The Cuckoo’s Nest van Milos Forman. Het verhaal speelt zich af in het Psychoneurotic Institute for the Very, Very Nervous, een psychiatrische inrichting waar hoofdzuster Diesel de patiënten met Duitse tucht in het gareel probeert te houden. Sinds Brooks die film in 1977 maakte, hebben nervositeit en depressie in de gedaante van vage klachten een enorme bloei doorgemaakt. Met onduidelijke klachten kun je tegenwoordig niet alleen terecht bij individuele psychologen en psychiaters, maar ook poliklinisch, zoals op de VU in Amsterdam, waar de afdeling de vage naam Soma & Psyche draagt. Daarnaast bestaan er zelfs hele winkelketens die handelen in vage klachten. ‘Zenuwachtig gevoel zonder reden?’, vraagt Holland & Barrett, die er als ‘de specialist in gezondheid’ wel een oplossing voor heeft in de vorm van een middel met een pittig prijskaartje.
‘Tragedie is als ik mij in mijn vinger snij’, zei Mel Brooks, ‘komedie is als jij in een open riool valt en sterft.’
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.