Home

In Oekraïne werpt de oorlog een schaduw over de diploma-uitreiking: ‘Natuurlijk zijn deze scholieren allemaal getroffen’

Oekraïense geslaagden krijgen dezer dagen hun diploma. Niet alleen hun schooltijd, ook hun toekomstdromen zijn sterk beïnvloed door de oorlog. ‘Ik wil psychologie gaan studeren. Misschien komt het door mijn vader. Hij is militair en heeft PTSS.’

is buitenlandredacteur en voormalig correspondent in Moskou van de Volkskrant. Hij doet verslag uit Oekraïne.

De scholieren betreden het stadsplein op hun netste schoenen en hoogste hakken. Nog een laatste keer zijn ze samen. Ze nemen plaats rondom versierde tafels en wachten tot ze één voor één naar voren worden geroepen onder applaus van familie en vrienden.

Het lijkt een diploma-uitreiking zoals die hoort te zijn in Oekraïne. Maar daarvoor is er te veel gebeurd op dit plein. Daarvoor missen er te veel vaders.

‘Vandaag is geen dag van uitbundige vreugde’, zegt de presentator van de ceremonie door de luidsprekers. ‘Dit is een dag van dankbaarheid voor het feit dat we hier zijn en zullen blijven zijn.’

Oekraïense scholieren ontvangen dezer dagen hun schooldiploma’s op pleinen waar zij hebben gerouwd om gesneuvelde buren, vrienden en familieleden. Sommigen om hun vader.

Sinds het begin van de oorlog zijn centrale pleinen niet alleen plekken voor festiviteiten, zoals diploma-uitreikingen. Het zijn ook de plekken waar de rouwdiensten plaatsvinden voor alle inwoners die in een kist terugkeren van het front.

‘Dit plein is doordrenkt met de tranen van onze gemeenschap’, zegt de presentator op het plein in Bar, een provinciestadje met 13 duizend inwoners in Centraal-Oekraïne. ‘Vandaag staat hier onze jeugd. En dat is geen toeval.’ En dan richt ze zich tot de geslaagden: ‘Jullie zijn de toekomst waarvoor onze helden hun leven hebben gegeven.’

De honderdvijftig uitgedoste geslaagden luisteren aandachtig toe. Het grootste deel van hun schooltijd is getekend door de oorlog. Bij elk luchtalarm moesten ze de schuilkelder van de school invluchten. ’s Winters hebben ze zich zonder verwarming en elektriciteit voorbereid op examens, omdat Rusland de energievoorzieningen had gebombardeerd.

Vlad Tsjabanjoek (17 jaar) wil arts worden

‘Ik wilde eerst advocaat worden, maar sinds een zomerkamp wil ik arts worden. Op het kamp ontmoette ik kinderen uit frontgebieden, uit de regio Soemy.

‘Er was een meisje van 14 jaar, ze had de Russische bezetting doorgemaakt. Toen ze aankwam bij het kamp, ging ze door het lint. Ze scheurde haar kleren aan flarden en trok haar haren uit haar hoofd. Ik heb haar omhelsd om haar te kalmeren. Toen zei ze tegen me: ‘Waarom leven mensen hier gewoon hun leven terwijl er in Soemy mensen doodgaan?’ Ik zal dat nooit vergeten.

‘Er was ook een jongen die zijn vader was verloren in de oorlog. Bij een optreden met liedjes over soldaten raakte hij buiten zinnen. Hij zei niets, maar je zag dat hij helemaal in paniek was. Ik ging naast hem zitten en hield hem vast. Op dat moment kwam er een fonkeling in zijn ogen.

‘Ik denk dat ik mensen kan helpen. Daarom ga ik geneeskunde studeren. Aan een universiteit in Slowakije. Als het na mijn studie nog oorlog is, kom ik terug.

‘Maar plannen maken heeft geen zin. Door de oorlog voel ik me rusteloos en gespannen. Veel mensen uit mijn dorp zijn gedood. Zoals de beste vriend van mijn broer. Bohdan Martinjoek was zijn naam. Ik heb een foto van hem waarop hij op mijn bed zit. Ik was net naar die foto aan het kijken toen mijn moeder me vertelde dat hij was omgekomen. Je weet gewoon niet wat je morgen te wachten staat.’

Ondertussen zagen ze steeds meer volwassenen naar frontlinies vertrekken. Ze namen deel aan massale rouwdiensten in hun woonplaats, waarbij alle inwoners knielen als de kist van het plein wordt getild, richting de erebegraafplaats. En hun telefoons vulden zich met video’s van geweld, zoals dronevideo’s die de laatste momenten tonen van opschrikkende militairen die tevergeefs proberen te vluchten.

Olena Dykaljoek (16 jaar) wil PTSS-psycholoog worden

‘Het voelt alsof mijn kindertijd vandaag ten einde komt. Ik begin aan een nieuw hoofdstuk. Ik wil psychologie gaan studeren. Het is niet zo dat ik dat altijd al wilde. Iets heeft me ernaartoe geleid de afgelopen jaren. Ik ben er steeds vaker over gaan lezen. Terwijl anderen in de geschiedenisboeken zaten, las ik over posttraumatische stressstoornissen.

‘Misschien komt het door mijn vader. Hij is militair en heeft PTSS. Hij heeft het me zelf verteld. Hij is nu in therapie. Ik kan zien dat de oorlog hem heeft veranderd. Maar ik ben heel trots op hem. Hij zit al drie jaar in het leger. Hij kan er vandaag niet bij zijn, want hij moet bij zijn eenheid zijn.’

‘De blootstelling aan de oorlog is heel groot’, zegt Svitlana Osiptsjoek, directeur van het War Childhood Museum, een instituut dat de kindertijd van Oekraïners documenteert. Na interviews met 900 kinderen weet Osiptsjoek dat ook tieners ver van het front zijn beschadigd. ‘Ze zeggen: anderen zijn zwaarder geraakt. Ze bagatelliseren hun ervaringen, omdat ze op sociale media ergere dingen zien. Zo werkt trauma. Natuurlijk zijn ze allemaal getroffen.’

De vier scholieren met de hoogste cijfers van Bar worden naar voren geroepen voor een speciale eer. Zij mogen de bloemen leggen bij een lange herdenkingsmuur op het plein. Aan de muur hangen de foto’s van 218 mannen die ze allemaal kenden. Sommigen heel goed.

Ljoebov Palamartsjoek schraapt haar keel op het podium. De presentator van de ceremonie, wier man en schoonzoon aan het front staan, heeft haar toespraak huilend geschreven. Ze kende de gesneuvelde vaders persoonlijk.

Zonder hapering zegt ze in de microfoon: ‘Helaas zijn er in onze regio veel mensen die hun geslaagde zoon of dochter nooit meer kunnen omhelzen.’ En weer plengen er tranen op het plein van Bar.

Sasja Krykljoek (17 jaar) wil dronetechnicus worden

‘Ik vind het geen makkelijke dag. Ik hield van mijn school en de leerkrachten. Ik ga ze missen.

‘Ik ga naar de Oekraïense Katholieke Universiteit in Lviv. Die staat bekend als een van de beste universiteiten van het land. Ik wil robotica studeren. Als kind vond ik het leuk om speelgoed kapot te maken en daarna te repareren. Hopelijk kan ik nu leren om drones te bouwen. Gronddrones kunnen gewonden veilig evacueren van het slagveld.

‘Mijn vader zit bij de dronestrijdkrachten. Hij dient sinds het eerste jaar van de oorlog in het leger. Mijn oom ging ook het leger in. Maar hij is omgekomen. Hier op het plein hangt een foto van hem. Daar, aan de herdenkingsmuur.

‘Zelf overweeg ik ook om in dienst te gaan. Iedere man heeft de plicht zijn land te verdedigen.’

Sommige vaders zijn er vandaag wel bij. De vader van Sasja Krykljoek kijkt trots toe hoe zijn zoon met een zilveren afstudeersjerp om zijn schouder zijn diploma ontvangt. ‘Dit is de volgende stap op de ladder voor mijn zoon’, zegt de militair. ‘Ik vind het heel belangrijk dat ik hier bij ben.’

De oorlog heeft de toekomstdromen van zijn zoon en de andere geslaagden sterk beïnvloed. Zij moeten nu beslissen of ze zich gaan inzetten voor de verdediging van hun land. De jongens hebben nog tot hun 25ste voor ze gemobiliseerd kunnen worden. Maar vanaf hun 18de worden ze al geconfronteerd met uitnodigingen van het leger om tegen een bovengemiddeld salaris infanteriesoldaat of dronepiloot te worden – de twee gevaarlijkste banen aan het front.

De burgemeester van Bar zegt vanaf het podium te hopen dat niet alle geslaagden het leger in gaan. De stad heeft mensen nodig met civiele beroepen, zegt hij. ‘Jullie kunnen hier terugkomen na jullie studie.’

Sommigen zijn dat ook van plan. Volodymyr (17) wordt boer, Timoer (17) gaat een stad verderop landschapsarchitectuur studeren en komt in de weekenden terug om zijn vriendin op te zoeken. Dasja (17) wordt architect, MMA-vechter of tatoeëerder. Anderen gaan zich wel voorbereiden op een rol in het leger of gaan juist naar het buitenland.

Samen dansen ze over het podium, zoals hun ouders ook deden bij hun diploma-uitreiking. Een geslaagd meisje zingt solo het laatste Oekraïense schoollied. ‘Ik ga je missen, school. Je komt nooit meer terug.’

En dan flaneren de honderdvijftig geslaagden van Bar één voor één over de rode loper, op weg naar een onvoorspelbare toekomst.

Dasja Vovtsjoek (17 jaar) wil architect, MMA-vechter en tatoeëerder worden

‘Ik vind het jammer dat school voorbij is. Ik vond het er fijn. Alleen het luchtalarm was naar. Elke keer moesten we de kelder in. En dan moesten we wachten tot onze ouders ons kwamen ophalen.

‘Mijn droom is om architect te worden. Mijn opa was hoofdarchitect van de stad. Toen ik als kind begon te tekenen, zeiden mijn ouders al: ‘Je bent net als opa.’

‘Maar ik heb meer dromen. Ik wil ook MMA-vechter worden. Ik doe binnenkort mee aan het Oekraïens kampioenschap. En ik wil ook tatoeëerder worden. Misschien kan ik het allemaal combineren.

‘Ik hoop in elk geval dat we weer naar het buitenland op vakantie kunnen. Sinds de oorlog kan dat niet meer. Daarvoor ben ik met mijn vader in Polen geweest. Ik leer Engels en wil graag naar meer landen. Ik denk dat ik er veel kan leren.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next