Home

Van arbeidsconflict tot ruzie met de huisbaas: bij ‘Je goed recht’ in Rotterdam kan iedereen rechtshulp krijgen – maar zulke initiatieven zijn zeldzaam

Rechtshulp De Tweede Kamer debatteert woensdag over de grote tekorten aan laagdrempelige rechtshulp in provincies als Drenthe en Zeeland. Het initiatief Je goed recht uit Rotterdam is een van de voorbeelden hoe rechtshulp toegankelijk kan zijn. Maar: „Het is uniek, niet iedere gemeente heeft een filantroop als geldschieter.”

Het kantoor van Je goed recht, in Rotterdam.

Alsaid Taha (36) ) besloot onlangs te stoppen met zijn baan als lasser via het uitzendbureau. Hij werd niet ingeroosterd, soms wel drie weken achter elkaar niet. Terwijl hij op zijn telefoon zijn contract erbij zoekt, vertelt zijn partner Rama Alsaleh Alhamid (28) het verhaal. Taha spreekt zelf niet zo goed Nederlands. „Het vinden van een baan was daarom erg moeilijk”, zegt ze.

Ze zitten bij ‘Je goed recht’, aan een drukke straat in Rotterdam-Zuid, en praten met juridisch hulpverlener Marion Rijker (26). De stichting heeft drie winkels in Rotterdam waar je kosteloos terecht kunt met juridische vragen. De financierder achter het initiatief is Stichting De Verre Bergen, van de Rotterdamse filantropenfamilie Van der Vorm. De meeste vragen gaan over huurrechten – zoals over achterstallig onderhoud of schimmel – of, zoals bij Taha, over arbeidsconflicten.

„Hoe kon hij door bij die werkgever? We moeten de huur betalen en hebben twee kinderen”, zegt Alsaleh Alhamid terwijl ze de kinderwagen wiegt waarin haar zoontje ligt, die morgen één jaar wordt. Zij werkt in de avonduren als schoenmaker zodat ze overdag op de kinderen kan passen, en Taha werkt overdag als lasser. Van beide banen konden ze al nét rondkomen. 

Maar omdat Taha werk heeft geweigerd, zou het kunnen dat zijn bijstandsuitkering verlaagd wordt naar 800 euro per maand, vertelt Alsaleh Alhamid terwijl ze een brief van de gemeente Rotterdam naar Rijker toeschuift. Te weinig om de maandlasten van te kunnen betalen. Taha solliciteert veel, maar tot nu toe zonder succes.  

Rijker verzekert het stel dat ze die maandag een brief zal opstellen, waarin staat dat Taha wil werken, míts hij voldoende wordt ingeroosterd en betaald krijgt. Die brief kan hij meenemen naar een gesprek met de gemeenteambtenaar aankomende donderdag. „Als ik iets verkeerd heb begrepen, laat het weten, ik zal het meteen aanpassen”, zegt Rijker. 

‘Postcoderecht’

Een initiatief als Je goed recht is zeldzaam in Nederland. Onvoldoende Nederlanders hebben toegang tot de juiste rechtshulp, laat onder meer het meest recente rapport van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) zien. Zo neemt een groeiende groep geen actie wanneer ze een juridisch probleem hebben, naar schatting gaat dat om één op de twaalf juridische problemen. Woensdag debatteert de Tweede Kamer over het verbeteren van de toegang tot recht.

Er is sprake van „postcoderecht”, zegt oud SP-leider Lilian Marijnissen aan de telefoon. Zij is door de overheid aangesteld als ‘kwartiermaker’ voor een landelijk dekkend netwerk sociaal-juridische en financiële hulp, vorige maand deelde ze een tussentijds rapport over haar bevindingen. Hiervoor reisde Marijnissen de afgelopen maanden door het land en zag ze hoe in de ene gemeente wél geïnvesteerd wordt in laagdrempelige hulp, en in de andere niet. „Te lang zijn gemeenten uitgegaan van de zelfredzaamheid van mensen.”

In het regeerakkoord van het kabinet-Jetten staat dat het de toegang tot recht wil „waarborgen” door te investeren in de sociale advocatuur; deze beroepsgroep kampt al jaren met tekorten vanwege vergrijzing. Die investeringen zijn hard nodig, vindt Marijnissen, maar volgens haar kan de sociaal advocatuur óók worden verlicht door de zogenoemde ‘eerstelijnshulp’ te verbeteren. Ze doelt op het eerste contact dat een persoon met een juridisch hulpverlener heeft, voordat diegene in contact hoeft te komen met een sociaal advocaat. 

Op dit moment is deze vorm van rechtshulp sterk versnipperd. In de ene gemeente zijn er bijvoorbeeld sociaalraadslieden of juridische loketten, die door de gemeente ingezet worden om advies te geven over juridische en financiële problemen. In andere gemeenten zijn rechtswinkels of stichtingen, waarbij studenten van universiteiten en vrijwilligers juridisch advies geven. In het ergste geval is er in een regio niks. Voornamelijk in de provincies Zeeland en Drenthe zijn ernstige tekorten aan rechtshulp.

Geldschieter achter de hand

In Rotterdam is dat een ander verhaal. „We zijn hier eigenlijk goed bedeeld, als je het vergelijkt met een provincie als Zeeland”, vertelt Carlijn Vervoort, directeur van Je goed recht, in de winkel in Rotterdam-Zuid. Zo is er ook een Juridisch Loket in de stad en zijn er verschillende rechtswinkels te vinden. Tegelijkertijd ziet Vervoort dat er nog steeds een grote groep mensen is die hier geen gebruik van maken. „Bij mensen met juridische problemen is een sterke behoefte om het verhaal in één keer te vertellen en dat iemand het vervolgens voor je oppakt.”

De vraag naar Je goed recht blijft sinds de oprichting zes jaar geleden groeien. „Er zit nog heel veel rek in”, aldus Vervoort. Afgelopen jaar behandelde de stichting zo’n 6.700 hulpvragen, en dit jaar verwachten ze er zo’n tienduizend. „Er zijn veel mensen in de stad die bijvoorbeeld ons toeslagensysteem te ingewikkeld vinden”, vertelt Vervoort. „Ze hebben behoefte aan iemand die tegenover je zit en het je rustig kan uitleggen.”

De gesprekken mogen breder zijn dan alleen de juridische vraag die een bezoeker heeft. „Als iemand ondertussen vertelt dat hij moeite heeft om zijn boodschappen te kunnen betalen, checkt de rechtshulpverlener ook of hij wel alle toeslagen ontvangt waar hij recht op heeft. En of hij bij de voedselbank loopt”, vertelt Vervoort. 

Meer gemeenten zouden kunnen leren van die brede aanpak van Je Goed Recht, zegt Marijnissen. Maar dan moet er wel geld voor zijn, dit initiatief wordt bekostigd door een filantroop, zegt ze als kanttekening. „Niet iedere gemeente heeft een geldschieter achter de hand”, zegt Marijnissen. Volgens haar moet deze eerstelijnshulp daarom meer prioriteit van de overheid krijgen. „Rechtshulp is een basisvoorziening.”

Source: NRC

Previous

Next