Pfas zit in de moedermelk van alle vrouwen, maar bij 82 procent van de vrouwen is die hoeveelheid lager dan de risicowaarde. Onderzoekers van het RIVM zien een afname vergeleken met een onderzoek uit 2014.
Als de concentratie pfas in moedermelk lager is dan de risicowaarde, worden er geen schadelijke effecten voor het kind verwacht. Dat was dus bij 82 procent van de onderzochte moedermelk het geval.
Bij de 18 procent met meer pfas dan de risicogrens zijn schadelijke effecten op het lichaam van het kind niet uit te sluiten. Pfas heeft namelijk een negatieve invloed op antistoffen, waardoor het lichaam vatbaarder wordt voor ziektes.
Maar pfas in moedermelk zorgt er niet meteen voor dat kinderen ziek worden, benadrukt het RIVM. Dat hangt af van verschillende omstandigheden, zoals erfelijke aanleg, voeding en leefomgeving.
Het RIVM onderzocht moedermelk van 1.629 vrouwen uit 2021. Het onderzoek is onderdeel van een breder onderzoeksprogramma om een beeld te krijgen van de hoeveelheid pfas in lichamen van Nederlanders. Eerder publiceerde het RIVM al een onderzoek naar pfas in bloed en in voedsel.
Onderzoekers zien dat de hoeveelheid pfas in moedermelk is afgenomen in vergelijking met een onderzoek van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), dat moedermelk uit 2014 analyseerde.
Mogelijk is dat het gevolg van maatregelen die de afgelopen jaren tegen pfas zijn genomen. Door Europese regels zijn de pfas-soorten pfos, pfoa en pfhxs inmiddels verboden in producten. Het doel is dat er minder van die stoffen in de natuur en het menselijk lichaam terechtkomen. Het RIVM benadrukt dat verdere maatregelen tegen pfas nodig blijven om de uitstoot van de schadelijke stoffen verder te verminderen.
Pfas is een verzamelnaam van chemische stoffen die worden gebruikt bij de productie van bijvoorbeeld regenjassen, blusschuim en de antiaanbaklaag van pannen. De stoffen zijn ook in de natuur beland en komen via voedsel en drinkwater in het menselijk lichaam terecht.
De uitkomsten van het RIVM-onderzoek zijn voor het Voedingscentrum geen reden om het advies over borstvoeding aan te passen. Moedermelk heeft namelijk ook belangrijke gezondheidsvoordelen, benadrukt het centrum.
"Baby’s die borstvoeding krijgen, profiteren ook van belangrijke stoffen en beschermende effecten van moedermelk", zegt Wieke van Vossen, expert voedselveiligheid bij het Voedingscentrum. "Zo helpt borstvoeding juist het immuunsysteem van een baby door de aanwezigheid van onder meer antistoffen en immuuncellen."
Het Voedingscentrum blijft dus borstvoeding aanbevelen voor minstens de eerste zes maanden van een baby, als dat mogelijk is voor de ouders en het kind. De keuze voor borstvoeding ligt bij ouder en kind, benadrukt het centrum daarbij.
Het onderzoek van het RIVM is het grootste Nederlandse onderzoek naar pfas in moedermelk tot nu toe. Hoewel er een vrij grote groep vrouwen aan meedeed, was het onderzoek niet helemaal representatief voor Nederland. Zo zijn de deelnemers gemiddeld iets hoger opgeleid dan de gemiddelde Nederlander.
Source: Nu.nl algemeen