Wat komt er toch ‘achter de komma’? Dat vroegen Ketikoti-bezoekers zich woensdag af in het Amsterdamse Oosterpark, waar de afschaffing van de slavernij werd herdacht. Want drie jaar geleden beloofde het toenmalige kabinet dat het niet alleen bij excuses zou blijven.
is regioverslaggever van de Volkskrant in Amsterdam en omstreken.
Weet je wat je moet doen, zei de 59-jarige Audrey Azijnman vanochtend tegen haar man. ‘Je moet je vastketenen aan de stuurtafel van de metro.’ Azijnman zit deze woensdagmiddag in het zonovergoten Oosterpark in Amsterdam, te midden van duizenden andere mensen. Allemaal zijn ze hier om Ketikoti te vieren, oftewel de afschaffing van de slavernij op 1 juli 1863, de dag waarop de ‘ketenen werden verbroken’.
Maar voor Azijnman ontbreekt één persoon, en dat is haar man, die als metrobestuurder werkt. Hij kon geen vrij krijgen. ‘Alle andere feestdagen kunnen mij gestolen worden, maar 1 juli niet.’ Dat de werkgever van haar man hem vandaag toch inroosterde, is wat haar betreft een teken. Het belang van Ketikoti wordt nog lang niet door iedereen erkend, zegt ze. ‘De ketenen zijn dus niet helemaal verbroken.’
Azijnman zit op een bankje, gehuld in rode, feestelijke kleding, gemaakt van traditionele Surinaamse zakdoeken. Snel eet ze nog even een chocoladecroissantje. Over een paar minuten zal de officiële nationale herdenking beginnen. Dan zullen meerdere sprekers stilstaan bij de honderdduizenden slachtoffers van de trans-Atlantische slavernij en hoe dit verleden doorwerkt in het heden. Een van de sprekers is premier Rob Jetten.
Eerder deze week klonk opnieuw de oproep om van Ketikoti een nationale feestdag te maken. Zo zei Araya Sumter, de nieuwe Amsterdamse wethouder diversiteit en inclusie, in Het Parool dat ze hoopte dat Jetten woensdag met een mooi cadeau naar Amsterdam zou komen. Oftewel met de boodschap dat Ketikoti een nationale vrije dag zou worden, zodat iedereen de afschaffing van de slavernij zou kunnen herdenken en vieren.
‘Want Ketikoti is een nationale aangelegenheid’, aldus de wethouder, die tot vorige maand als topambtenaar in Den Haag werkte en onder meer betrokken was bij de interdepartementale Stuurgroep Doorwerking Slavernijverleden.
‘Toen ik dat interview las, kreeg ik hoop’, zegt Jet Bannink (67). Samen met twee vriendinnen zit de gepensioneerde docent op het grasveld; voor hen liggen twee zelfgemaakte kartonnen bordjes met daarop ‘1 juli vrije dag’ geschilderd. Zo nu en dan steken ze die demonstratief omhoog.
Bannink had gehoopt dat er meer zou zijn veranderd sinds 2023, het jaar waarin koning Willem-Alexander zijn excuses aanbood en toenmalig premier Rutte beloofde dat de excuses ‘geen punt waren, maar een komma’.
En dus luistert ze vanmiddag extra aandachtig als Jetten het woord krijgt. Zou er vandaag dan toch iets volgen ‘na die komma’?
Volgens de premier is er de afgelopen jaren meer aandacht gekomen ‘voor deze schandvlek in onze geschiedenis’. Hij ziet een ‘onomkeerbare beweging’: er zijn meer onderzoeken, er komen meer monumenten, de doorwerking van het slavernijverleden is zichtbaarder geworden. ‘Maar tegelijkertijd moeten we eerlijk zijn’, vervolgt hij. ‘De hoop en de verwachtingen die er waren na 1 juli 2023 zijn nog niet waargemaakt. Het proces van heling en herstel verloopt niet vlekkeloos.’
Ook Jetten vindt dat het ‘sneller en beter’ moet, en hij citeert een oud-Surinaams spreekwoord: ‘Als je de stenen op je pad niet opruimt, zullen je kinderen erover struikelen.’
Even hebben Bannink en haar vriendinnen hoop. Maar al snel daarna fluistert er een teleurgesteld: ‘Die nationale feestdag, die gaat niet gebeuren.’
Want de premier zegt dat ‘we met elkaar in gesprek moeten gaan’ om het herstelproces ‘een nieuwe impuls te geven’. ‘Laten we samen zorgen voor meer actie na de komma’, zegt hij. Als voorbeeld geeft hij de vlag die woensdag bij het ministerie van Algemene Zaken ter ere van Ketikoti is gehesen. ‘Ik nodig alle overheidsinstanties uit om op 1 juli voortaan hetzelfde te doen.’
Hoewel anderen klappen, horen Bannink en haar vriendinnen het gelaten aan. Het spreekwoord over de stenen die je moet oprapen van het pad vonden ze mooi. ‘Maar Jetten pakt wel hele kleine steentjes op van dat pad’, zegt er een, terwijl ze even later hun spullen pakken. ‘Jet’, zegt een van de vriendinnen, ‘vergeet die kartonnen bordjes waarop ‘1 juli vrije dag’ staat niet mee te nemen. Die halen we volgend jaar gewoon weer uit de kast.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant