Tweede Kamerleden buigen zich donderdag over de vraag hoe het verder moet met kernenergie in Nederland, nu voor de minimaal twee vurig gewenste centrales geen ruimte is op het stroomnet. Biedt een nieuw type reactor, de kleinere SMR, een uitweg?
Op een heuveltje met teletubbiegroen gras, omzoomd door zachtruisende populieren, prijkt een parelwit gebouw, lijkend op de musea voor moderne kunst die te vinden zijn in steden als Bilbao en Amsterdam. ‘Wat we hier zien, is een volledig geïntegreerde kerncentrale’, klinkt een Engelstalige voice-over, ‘en een schitterend architectonisch bouwwerk.’
Dit beeld komt uit een promotievideo van Rolls-Royce, dat niet alleen bekend is van zijn somptueuze personenwagens en straalmotoren voor passagiersvliegtuigen, maar dat inmiddels ook een tak heeft die kerncentrales ontwikkelt. De laatste jaren timmert het concern aan de weg met een nieuw type: de kleine, modulaire reactor, kortweg: SMR.
New nuclear, noemt Rolls-Royce zijn kerncentrale. De SMR lijkt in niets op de nucleaire kathedralen die de wereld nu nog kent: centrales met betonnen koepels en hoge koeltorens waaruit pluimen witte waterdamp opstijgen. De SMR is juist klein en vriendelijk en dankzij zijn moderne uitstraling makkelijk in te passen in elk landschap, wil de video van Rolls-Royce benadrukken.
Er zijn meer voordelen. Doordat SMR’s grotendeels in een fabriek worden gefabriceerd, om ter plekke te worden geassembleerd, is de impact tijdens de bouw veel kleiner dan bij grote centrales. En omdat hun vermogen geringer is, pleegt een SMR een kleinere aanslag op het krakende stroomnet.
Juist dat zou in Nederland goed uitkomen. Het kabinet zit namelijk behoorlijk klem in de zoektocht naar een geschikte locatie voor de bouw van twee grote kerncentrales, die in het regeerakkoord zijn beloofd.
Er liggen nog twee opties op tafel: Terneuzen en de Noord-Groningse Eemshaven. Maar in Zeeland, waar in elk geval bestuurders onder strikte voorwaarden openstaan voor de bouw van kerncentrales, is het hoogspanningsnet te dun. En in Groningen – de provincie die het vorige kabinet nog plechtig beloofde te ontzien – is de bouw van kerncentrales voor bestuurders en inwoners onbespreekbaar.
Donderdag debatteert de Tweede Kamer over hoe het verder moet met de kernenergie-ambitie. In dat debat zouden ‘SMR’s’ weleens het toverwoord kunnen worden. De D66-fractie (die zich in de Volkskrant al uitsprak tegen de locatie Eemshaven) hintte op de kleine modulaire reactoren als alternatief voor de bewerkelijke joekels. Meerdere gemeenten hebben hun vinger al opgestoken.
Wat zijn SMR’s precies, welke voor- en nadelen kleven eraan, en: zijn ze echt een alternatief voor traditionele kerncentrales?
Wat moeten we ons bij SMR’s voorstellen?
‘SMR’s variëren van het formaat van een zeecontainer tot de huidige kerncentrale Borssele’, zegt Machiel Mulder, hoogleraar energie-economie aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Ze kunnen in principe worden neergezet daar waar de elektriciteitsvraag is. Hierdoor zijn er minder investeringen in het stroomnet nodig.’
Er is nog een voordeel, zegt de hoogleraar: de restwarmte van SMR’s (‘kerncentrales zijn in feite reusachtige waterkokers’) kan worden gebruikt voor industriële processen of voor het verwarmen van gebouwen. SMR’s kunnen worden gebouwd op plaatsen waar behoefte aan die restwarmte is. Voor de locatie Eemshaven geldt echter dat die waarschijnlijk te ver af ligt van bebouwing om van dit voordeel te kunnen profiteren.
Dankzij deze eigenschappen zijn SMR’s een goede aanvulling op duurzame energie uit zon en wind, zeggen diverse experts: ze nemen weinig ruimte in, leveren – in tegenstelling tot wind en zon – een constante stroom elektriciteit en warmte, en doen dit in potentie tegen lagere kosten dan bestaande kerncentrales, aldus Marten van der Laan, lector systeemintegratie in de energietransitie aan de Hanzehogeschool Groningen.
Allemaal voordelen zonder nadelen – geen wonder dat lokale en landelijke politici enthousiast zijn over het concept. Al klopt dit niet, want veel nadelen van kernenergie gelden ook voor SMR’s, benadrukt Daan Welling van anti-kernenergieorganisatie Wise. Ze produceren nog altijd radioactief afval dat tienduizenden jaren gevaarlijk blijft, en bij een kleinere centrale is een nucleaire ramp evenmin volledig uitgesloten.
Kernenergie heeft niettemin de wind mee: de weerstand onder de bevolking is de afgelopen jaren afgenomen, niet in de laatste plaats omdat de weerstand tegen windparken op land juist toeneemt.
In veel provincies beschouwen bestuurders de SMR als een uitweg: geen woud van stalen turbines met brommende turbinebladen en stroboscopische slagschaduwen, maar een ‘schitterend architectonisch bouwwerk’ dat stilletjes zijn werk doet, zonder al te veel ruimte in te nemen. Wie wil dat nou niet. Dus verkennen onder meer de provincies Gelderland, Noord-Brabant, Overijssel, Limburg en Flevoland inmiddels de mogelijkheden van deze energiebron.
Hoogspanningsnetbeheerder Tennet bouwde in zijn rapport over de lastige inpassing van grote kerncentrales in het stroomnet een politiek vluchtheuveltje in door alvast zes locaties te opperen waar een SMR wel kan draaien: Dodewaard (waar ooit al een kerncentrale stond), Bleiswijk, Europoort, Maasbracht, Lelystad en Haarlemmermeer.
Hoeveel SMR’s draaien er al in de wereld?
Nul. Maar er wordt wel aan gebouwd. Onder meer in Darlington, Canada, waar het Amerikaanse GE Hitachi werkt aan een SMR van 300 megawatt. Als alles goed gaat, kan deze kleine centrale rond 2028 op het stroomnet worden aangesloten.
In het noordelijkste puntje van Wales moeten de komende jaren drie SMR’s van Rolls-Royce verschijnen. Als ook hier alles volgens plan verloopt, zal dit drietal rond 2035 draaien. Tsjechië wil zes SMR’s van Rolls-Royce kopen en vorige maand bestelde het Zweedse Vattenfall er ook drie.
‘Door deze bestellingen wordt het risico voor Nederland kleiner’, zegt Mulder. ‘Hoe meer landen een SMR bestellen, hoe meer de risico’s immers worden gespreid.’
Wat is precies ‘klein’ en ‘modulair’?
Een SMR is niet slechts een ‘kleine kerncentrale’. De SMR waar Rolls-Royce nu aan werkt, heeft bijna net zoveel vermogen als de kerncentrale van Borssele (470 versus 485 megawatt). De twee geplande grote centrales kunnen samen maximaal 3.200 megawatt produceren.
De term ‘modulair’ betekent dat de meeste componenten in een fabriek worden gemaakt en op locatie worden geassembleerd. Hierdoor moeten de kwaliteit hoger zijn en de uiteindelijke kosten lager. ‘Het moet nog blijken of dat echt zo is’, zegt hoogleraar Mulder.
Ook hoogleraar energietechnologie David Smeulders (TU Eindhoven) moet het nog zien, al bespeurt hij wel kansen om te besparen. ‘De bouw van een grote kerncentrale is logistiek vergelijkbaar met de Deltawerken. Als je die complexiteit kunt beperken door modulair te bouwen, moet het goedkoper kunnen.’ Maar zeker is dat allerminst, benadrukt ook Smeulders. ‘De bouw van de SMR in Darlington is een goede testcase.’
Welling van Wise is niet overtuigd. De eerste SMR’s zijn vooral conventionele centrales in een nieuw jasje, stelt hij. ‘Met dus dezelfde problemen.’
Wanneer komen ze?
De eerste generatie SMR’s volgen hetzelfde technische principe als ‘gewone’ kerncentrales van de zogenoemde derde generatie. Naar verwachting gaan de eerste SMR’s van dit type rond 2035 hun stroom leveren. Er wordt ook gewerkt aan een totaal nieuw type reactor: de gesmoltenzoutreactor van onder meer het Nederlandse Thorizon. Dit bedrijf verwacht rond 2032 de eerste werkende versie te hebben, maar de meeste experts verwachten ze niet voor 2040. Ook in een recent rapport van ingenieursbureau Royal Haskoning over SMR’s, in opdracht van de provincie Gelderland, staat dat nieuwe types op zijn vroegst rond 2040 beschikbaar komen.
Echt kleine reactors van 5 tot 50 megawatt, die bij wijze van spreken bij een industriecomplex kunnen worden geplaatst om daar warmte en elektriciteit te leveren, worden niet verwacht voor 2045. Het internationaal energieagentschap IEA voorziet dat rond 2035 de eerste SMR’s zullen draaien in de westerse wereld.
Mulder verwacht ze in 2035 of later. Smeulders van de TU Eindhoven is optimistischer. Hij denkt dat 2032 haalbaar is, als er vaart wordt gemaakt. Van der Laan noemt elk jaartal ‘koffiedik kijken’. Hij verwacht niet dat er vóór 2040 een werkend systeem in Nederland is. De techniek is nog volop in ontwikkeling, stelt hij, en Nederland heeft eerder laten weten niet voorop te willen lopen.
Als je zes ‘kleine’ SMR’s bouwt in plaats van één grote centrale, krijg je dan ook niet zes keer de weerstand van burgers?
‘De technologie beheersen we wel’, zegt Smeulders . De belangrijkste vraag is volgens hem: willen mensen wel een kleine kernreactor in hun achtertuin, of dreigen ook hierbij slepende procedures? ‘Tot nu toe lijken SMR’s in de publieke opinie de wind mee te hebben’, zegt hij. ‘Of dat zo blijft, moet blijken.’
Smeulders ziet liever SMR’s verrijzen dan twee of vier grote centrales. Omdat de kosten op termijn lager zullen zijn, verwacht hij. ‘En de ruimtelijke inpassing gaat gewoon beter. Je zet ze op plaatsen waar er behoefte aan is.’
Pak als bestuurder direct het vliegtuig naar Darlington om te kijken hoe ze daar het draagvlak onder de bevolking hebben gerealiseerd, zegt Smeulders. ‘En kijk ook hoe de aanbesteding daar is geregeld.’
Ook Mulder van de Universiteit Groningen vraagt zich af of er wel twee of zelfs vier grote centrales moeten worden gebouwd, omdat het dan vanwege de grote afstand tot de bewoonde wereld lastig is om de restwarmte te gebruiken. Bij een goed geplaatste SMR kan dat wel. En als er even geen behoefte is aan elektriciteit, kun je de SMR inzetten om waterstof te produceren. Mulder: ‘Eigenlijk maakt zo’n installatie drie producten. Dat maakt een SMR aantrekkelijk.’
Smeulders noemt ook nog de mogelijkheid van ontzilting van drinkwater. Dit is een energie-intensief proces dat nu vooral wordt toegepast in de Arabische wereld. Maar nu zelfs in Nederland drinkwatertekorten dreigen, is dit in de toekomst ook hier een optie, denkt hij. ‘Je moet inzetten op een zo breed mogelijk palet aan toepassingen voor nucleair.’
Zijn er nog andere risico’s?
Niet alleen burgers krijgen in de zomer steeds meer last van de hitte, door klimaatverandering zijn kerncentrales langs rivieren ook een uitdaging, stelt Royal Haskoning. ‘Het lozen van koelwater wordt bij opwarmende rivieren door klimaatverandering steeds lastiger.’ Rivieren mogen niet te veel opwarmen, en dit dreigt in de zomer juist te gebeuren. Dit is een reden waarom Franse centrales tijdens de hittegolf van vorige week deels moesten worden uitgeschakeld .
Welling van Wise ziet – naast het kernafval – nog een risico: ‘Er zijn nu al honderd modellen SMR’s, en talloze leveranciers.’ Het kan niet anders of er komt in de toekomst een consolidatiegolf, waarbij veel partijen zullen verdwijnen. ‘Je moet dus uitkijken op welk bedrijf je wedt. Als je een verliezer kiest, krijg je misschien nooit je centrale en is je geld weg.’
Ook de veiligheid blijft een issue, zegt Welling. ‘De industrie zegt dat de nieuwste centrales heel veilig zijn, maar een ongeval zit in een klein hoekje, hebben we eerder geleerd.’ Een ding staat volgens hem vast: ‘Het ontploffingsgevaar van een windmolen is echt minder groot.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant