Home

Azc-rellen nog voelbaar in opvang Loosdrecht: 'Denken dat we gevaarlijk zijn'

Bijna twee maanden na de anti-azc-rellen bij de noodopvang in Loosdrecht is de impact bij bewoners nog duidelijk voelbaar. Hoewel kleurrijke kaarten en tekeningen hun een welkom en veilig gevoel moeten geven, durft niet iedereen zomaar het gebouw te verlaten.

"You are very welcome here", staat op een van de tekeningen bij de geïmproviseerde receptie in het oude gemeentehuis van Loosdrecht. Het pand is twee maanden geleden omgebouwd tot een noodopvanglocatie voor zeventig asielzoekers. De gemeenschappelijke ruimte, de deuren van de gedeelde slaapruimtes en bijna alle muren zijn rijkelijk versierd met kaarten en tekeningen.

Er zijn er inmiddels meer dan 50.000 binnengekomen, zegt de locatiemanager van het COA, die om veiligheidsredenen liever anoniem blijft. "En we krijgen nog steeds postzakken vol." Ook hebben bewoners en vrijwilligers tientallen zakken stroopwafels en bossen bloemen in ontvangst mogen nemen.

Naast de noodzakelijke voorzieningen, zoals douches op het parkeerterrein en vier toiletten die bezoekers met elkaar delen, is het pand ingericht met gedoneerde spullen. Zoals een PlayStation, een televisie en een pingpongtafel voor de gemeenschappelijke ruimte, en banken en gewichten voor de fitnessruimte.

"Dit is echt uitzonderlijk", zegt de locatiemanager. "We werken hier nu met 150 vrijwilligers en hebben zelfs mensen moeten afwijzen, omdat er geen werk voor ze is. Dat heb ik nog nooit meegemaakt." Een rondje door het omgebouwde gemeentehuis doet bijna vergeten dat hier nog geen twee maanden geleden gewelddadige rellen plaatsvonden.

Op 12 mei, enkele uren na de aankomst van de eerste asielzoekers, liep een azc-protest met zo'n vierhonderd aanwezigen uit de hand. Demonstranten gooiden met fakkels en vuurwerk naar de noodopvang, waarna de bosjes vlam vatten. Agenten werden belaagd en hulpdiensten werden verhinderd bij het blussen.

De 45-jarige Kenechukwu is een van de asielzoekers die eerder die dag waren aangekomen bij de opvang. "We moesten allemaal in de recreatieruimte verzamelen", zegt hij tegen NU.nl. Ze moesten zich klaarmaken om het gebouw te verlaten en al hun spullen achter te laten. "En dat is extra zwaar, want ze hebben al zo weinig", vult de locatiemanager hem aan.

Het vuur was binnen te ruiken. "Dat was wel heel eng", zegt Kenechukwu. Het vuur was op tijd geblust en de bewoners hoefden het pand uiteindelijk niet te verlaten. Toch heeft het veel indruk gemaakt op Kenechukwu, die is gevlucht vanuit Nigeria.

Sinds de rellen staat er dagelijks nog een groep van zo'n twintig demonstranten voor de deur. Die groep wordt volgens de medewerkers wel steeds kleiner. Toch is het voor sommige inwoners intimiderend. "Ik ben nog maar drie keer naar de supermarkt geweest sinds ik hier ben", vertelt Kenechukwu. Verder heeft hij de opvanglocatie niet verlaten. "Ik ben bang voor ze."

Hij probeert te begrijpen waarom de demonstranten met geweld de komst van mensen zoals hij willen tegenhouden. "Misschien zijn ze bezorgd omdat hier alleenstaande mannen verblijven? Er gaan misschien wel verhalen rond dat wij weggestopt moeten worden omdat we gevaarlijk zijn."

Het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) benadrukte afgelopen donderdag nog dat het overgrote deel van de asielzoekers nooit verdacht is geweest van criminaliteit. Van alle verdachtenregistraties in Nederland kwam in 2024 ongeveer 2,5 procent voor de rekening van bewoners van COA-locaties.

Dat percentage is al jaren stabiel, ondanks de groei van de opvangcapaciteit en de toename van het aantal noodlocaties. Vooral kwetsbare minderjarige asielzoekers hebben volgens de onderzoekers een groter risico op problematisch gedrag. Maar in Loosdrecht worden geen minderjarigen opgevangen.

Daarnaast is de sfeer binnen de opvang gemoedelijk, zegt ook Munzir uit Soedan. Tegen een kleine vergoeding helpt hij samen met andere bewoners bij het schoonmaken, tolken of andere taken. "Als ik de brieven lees, voel ik me welkom hier. Maar de kleine groep mensen die tegen ons is schreeuwt luider."

De negatieve gevoelens die dat met zich meebrengt, komen boven op de grote onzekerheid voor bewoners in de opvang. Omdat er te weinig opvangcapaciteit is in Nederland, gaan veel asielzoekers van de ene tijdelijke noodopvang naar de andere. Zo sluit de opvang in Loosdrecht op 1 november.

"Ik heb er niet voor gekozen om hier te zijn", zegt de 25-jarige Munzir. "En ik weet ook niet waar ik naartoe kan als deze locatie sluit." Hij wacht op zijn werkvergunning zodat hij aan de slag kan in de keuken van een restaurant in de buurt. "Het is nog maar de vraag of ik daar kan blijven werken als ik straks weg moet."

Als hij een verblijfsvergunning krijgt, zou hij graag computerwetenschappen studeren, zoals hij ook in Soedan deed. Ter voorbereiding sluit hij aan bij de Nederlandse lessen die twee weken geleden zijn begonnen in de opvang.

Kenechukwu wil ook graag aan het werk, maar wacht nog op een burgerservicenummer. In Nigeria was hij bus- en vrachtwagenchauffeur. Dat kan hij hier ook doen, denkt hij. Ondertussen is hij, net als Munzir, ongewild het middelpunt geworden van een heetgebakerde maatschappelijke discussie in Nederland, die in Loosdrecht zelfs uitmondde in geweld.

Het gaat om een mix van politieke keuzes, een verhit debat, weerstand, angst bij de bevolking en een deel dat ver gaat in vreemdelingenhaat. Dat helpt mensen als Kenechukwu niet verder: "Ik wil gewoon leven en werken als een normaal persoon."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next