Oekraïense langeafstandsdrones hebben dit weekeinde de grote olieterminal in Sint-Petersburg geraakt en zouden ook de marinehaven Kronstadt hebben getroffen. Daarmee zou Oekraïne de Russische brandstofvoorziening opnieuw een klap hebben toegebracht.
is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Eerder was hij correspondent in Oost-Europa en Zuidoost-Azië.
Gouverneur Aleksandr Beglov van Sint-Petersburg bevestigde de ‘enorme aanval’ op de terminal en de schade aan de olieopslag. De Oekraïense president Volodymyr Zelensky plaatste op Telegram een foto van een terminal met zware rookwolken erboven. Volgens Zelensky is de olieopslag van Sint-Petersburg, die zich op 850 kilometer van de Oekraïense grens bevindt, ‘een van de grootste van Rusland’.
Oekraïne stuurt zijn langeafstandsdrones al maanden bij voorkeur naar plekken die cruciaal zijn voor de Russische brandstofvoorziening. Het heeft naar eigen zeggen al 43 procent van de Russische brandstofvoorziening uitgeschakeld. De Russische president Vladimir Poetin heeft op 28 juni toegegeven dat die aanvallen voor Rusland ‘een probleem’ zijn.
In bijna de helft van alle Russische regio’s is de verkoop van brandstof al strikt aan banden gelegd. Lange wachtrijen voor tankstations en de zwarte rookwolken boven Moskou en boven Sint-Petersburg, dat 850 kilometer van Oekraïne ligt, maken de oorlog ineens zichtbaar voor iedereen in Rusland. Ze hebben een einde gemaakt aan de zorgvuldig in stand gehouden mythe dat het leven in Rusland ondanks de oorlog ‘gewoon’ doorgaat.
Volgens The Financial Times heeft Poetin een fatale strategische denkfout gemaakt door ervan uit te gaan dat de tijd in zijn voordeel zou werken. Maar Oekraïne hield vol en weigerde te capituleren voor de dagelijkse bombardementen op zijn steden. In plaats daarvan heeft het zijn eigen langeafstandswapens ontwikkeld en de massaproductie van drones opgezet.
De bombardementen maken vooralsnog geen einde aan de zich voortslepende frontoorlog. Die heeft intussen weer de aandacht van de Amerikaanse president Donald Trump. Hij sprak zaterdag negentig minuten met zijn Russische ambtgenoot Vladimir Poetin.
In dat gesprek heeft Trump aangeboden het over de oorlog te zullen hebben bij de Navo-top in Ankara, waar hij deze week aanwezig zal zijn. Volgens Kremlinmedewerker Joeri Oesjakov hadden de presidenten een ‘zakelijk’ en ‘nogal constructief’ gesprek, maar over resultaten sprak hij niet.
President Zelensky zei zondag eveneens een ‘zeer goed gesprek’ met Trump te hebben gehad. Hij voegde daar zelfs aan toe dat er ‘eindelijk uitzicht was op een einde aan de oorlog’.
Oekraïne lijkt, ondanks een dagelijkse dodelijke regen van Russische drones en raketten op zijn steden, tevreden met hoe het nu gaat. Het heeft eindelijk drones genoeg, en die kunnen half Rusland bestrijken.
De FT publiceerde zondag gegevens waaruit blijkt dat Oekraïne alleen al in mei en juni 32 duizend drones heeft afgevuurd. Rusland heeft de meeste daarvan onderschept, maar er blijven er genoeg over om het land pijn te doen, aldus de krant.
Tot vrede zal het telefoongesprek tussen Trump en Poetin waarschijnlijk niet leiden. Poetin heeft vrijdag zijn commandanten nog eens op het hart gedrukt keihard door te gaan met de bombardementen en de zware strijd aan het front. Over onderhandelen en over concessies repte hij met geen woord.
Eigenlijk heeft Poetin snel succes nodig om te kunnen volhouden wat hij eind juni zei: ‘Er zijn wat problemen’, maar de Russische strijdkrachten ‘blijven aan de winnende hand’. Vrijdag feliciteerde hij zijn commandanten met de verovering van Kostjantynivka, een kapotgeschoten stad in de Donbas waar al maanden hevig om wordt gevochten.
Beelden tonen militairen die zwaaien met de Russische vlag, en volgens het Russische ministerie van Defensie zitten Russische troepen nu ‘in alle delen van de stad’. Oekraïne heeft de inname van Kostjantynivka echter ontkend. Het Oekraïense leger zou de stad nog altijd controleren, en de vaandelzwaaiende Russen zouden inmiddels onschadelijk zijn gemaakt.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant