Home

Even borrelen, want de oppositie kan morgen coalitiegenoot zijn

In de rubriek Binnenskamers schrijft politiek verslaggever Edo van der Goot wekelijks over wat hem opvalt in Den Haag. Deze week: Kamervoorzitter Thom van Campen wil meer 'kantinegevoel' in de Tweede Kamer.

De laatste week van de Kamer voor het zomerreces zit erop. Het Tweede Kamergebouw is maandagmiddag nagenoeg leeg. Alleen een groepje Iraanse politici wordt rondgeleid.

Ik heb afgesproken met Kamervoorzitter Thom van Campen. Sinds hij de voorzittershamer heeft overgenomen van PVV'er Martin Bosma, heeft hij een doel: er moet een "kantinegevoel" in de Kamer komen. Een prettige omgang met elkaar, waarbij iedereen zich welkom voelt.

Als ik hem hierover spreek in zijn werkkamer, vraag ik hoe het ervoor staat met dat doel. "Het kan altijd beter", zegt hij.

Bij parlementariërs ontstaan goede onderlinge relaties vaak tijdens debatten in de commissiezalen en in de wandelgangen tijdens informele overleggen, maar ook door toevallige ontmoetingen in het Kamergebouw of bij een borreltje aan de bar.

Daarom laat Van Campen op bepaalde momenten, zoals afgelopen donderdag op de laatste Kamerdag voor het zomerreces, de bar van het ledenrestaurant langer openblijven. "Voor één of twee rondjes", zegt hij.

Hier mogen alleen Kamerleden komen. Dat moet het saamhorigheidsgevoel versterken. Het is, zoals Van Campen het zegt, "geen grote party." "Gewoon even informeel met elkaar, niet te klef", legt hij uit. "Die contacten zijn belangrijk, want de oppositie van vandaag kan je coalitiegenoot van morgen zijn."

Even tot elkaar komen, want het gaat er soms hard aan toe tijdens debatten. Dat hoort er nu eenmaal bij, vindt de Kamervoorzitter. "Maar soms moet je tijdens een debat even een opmerking maken: 'Mag het wat hoffelijker?' Aan de andere kant: het is ook geen vve-vergadering."

Oud-Kamervoorzitter Gerdi Verbeet zag zichzelf als een soort ventiel van de Kamer. "Zo zie ik dat ook", zegt Van Campen. "Soms moet je de angel eruit halen. Dat kan met een beetje luchtigheid."

Een beetje luchtigheid tijdens debatten en een drankje aan de bar na afloop valt dan nog te organiseren. Dat geldt niet voor toevallige ontmoetingen in het parlement. Dat is best een probleem, vindt Van Campen. "We moeten elkaar juist blijven ontmoeten."

Daarbij speelt het tijdelijke Tweede Kamergebouw, dat inmiddels nogal permanent aanvoelt, een cruciale rol. "Dit gebouw is gebouwd als ministerie", zegt Van Campen, verwijzend naar het departement van Buitenlandse Zaken. "Maar de Tweede Kamer is geen ministerie."

Het Binnenhof wordt momenteel gerenoveerd. Daarvoor liep je elkaar daar nog weleens toevallig tegen het lijf. Zo was dat gebouw ook ontworpen. Van Campen: "Als je nu op de gang van BBB of PRO loopt, ben je ook echt op zoek naar die partij."

Over toeval gesproken: Van Campen was maandagochtend op bezoek bij het Binnenhof. Hij mocht samen met anderen symbolisch de eerste paal voor de nieuwe publieke ingang van het Tweede Kamergebouw in de grond slaan.

Aanvankelijk zouden de Binnenhofbewoners dit jaar weer terugkeren. Dat moment is inmiddels verschoven naar de zomer van 2031 (en de renovatie is ook bijna zes keer zo duur als oorspronkelijk was begroot).

Die nieuwe datum staat nu écht vast, werd Van Campen verzekerd. Hoe dan ook: tot die tijd zal hij het kantinegevoel een beetje moeten organiseren.

Het reces betekent ook dat dit blogje er een paar weken tussenuit gaat. Op dinsdag 1 september ben ik er weer. Laat me weten wat jij verwacht en hoopt van de politiek na de zomer!

Laat het hieronder achter, of mail naar edo@nu.nl.

Kamervoorzitter Van Campen:
"Al met al lijkt er draagvlak te ontstaan om nog eens goed naar onze manier van werken te kijken. Ik speel daarom met de gedachte om na het reces met een groepje intelligente Kamerleden, en Joost Eerdmans, de hei op te gaan."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next