Bij temperaturen van bijna 40 graden draaide de vierde Touretappe vooral om afkoelen. Mads Pedersen won in Foix, maar de verzengende hitte wakkerde opnieuw de discussie aan of het nog wel verantwoord is om onder zulke omstandigheden te koersen.
schrijft voor de Volkskrant over wielrennen en Formule 1.
Onderweg van Carcassonne naar Foix gaan vrijwel onafgebroken de handen omhoog. Bidons. Water. Alles wat verkoeling kan brengen. Nu het kwik richting de 40 graden klimt, proberen renners hun lichaamstemperatuur koste wat kost onder controle te houden. Ploegauto’s die uit voorzorg extra veel water hebben meegenomen moeten halverwege de etappe al stoppen om nieuwe voorraad te halen. Al het vocht is opgedronken, of over de lichamen van de renners leeggespoten.
Als Mads Pedersen na 4,5 uur fietsen de meet in Foix passeert, heeft hij niet alleen de heetste Touretappe van dit jaar overleefd, maar ook nog eens gewonnen. Na afloop vertelt de Deen veel hittetrainingen te hebben gedaan. Mede door de vele bidons van zijn soigneurs en ploeggenoten heeft hij weinig last van de hitte gehad. Pedersen, die in 2022 en 2023 ook al een touretappe pakte, was zo met afstand de snelste van een groep van tien overgebleven vluchters.
In de rit van Carcassonne naar Foix was afkoelen het belangrijkste geweest. Voor Pedersen was het een voordeel dat hij in de kopgroep reed, vertelde hij achteraf. Daardoor was de ploegauto dichtbij en kon hij nog makkelijker en sneller koelen.
Wielerploegen doen er alles aan om de renners tegen te hitte te beschermen. Al tijdens het openingsweekend in Barcelona verschenen er beelden van de renners van Ineos die voor de start met hun onderarmen in bakken koud water zaten. Jonas Vingegaard werd door zijn ploegmaats van Visma-Lease a Bike nog diep in de finale van de tweede etappe helemaal natgespoten.
Dat de Tour ondanks deze hitte ‘gewoon’ doorgaat, is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Terwijl renners met koelvesten, ijs en extra bidons proberen de omstandigheden het hoofd te bieden, vindt Matteo Trentin dat de discussie verder moet gaan dan alleen de vraag hoe goed renners zich kunnen aanpassen.
Ver voordat het peloton voor de heetste etappe van deze Tour vertrekt, zijn de renners al bezig geweest met de hitte. Eigenlijk al maanden geleden, toen ze zich, net als Pedersen, met hittetrainingen aan het voorbereiden waren op de Franse temperaturen. Paar lagen kleding aan, de rollers op en dan trappen totdat het lichaam een temperatuur van rond de 38,5 graden bereikt. En dat dan zo’n veertig minuten volhouden. Geen pretje, voor de meeste renners.
Maar koersen met een hittegolf, dat is een ander verhaal. Onverantwoord, meent Trentin. En met de kennis dat dit weer geen uitzondering is, gezien de klimaatverandering, vindt hij dat er snel iets moet gebeuren.
‘Het is tijd dat we met z’n allen om de tafel gaan hoe we hier in de toekomst mee omgaan’, aldus de Italiaan, die jarenlang betrokken was bij de internationale wielervakbond CPA, bij Wielerflits. ‘Het is moeilijk om nu nog iets te veranderen, omdat ritten zoals in de Tour al maandenlang zijn voorbereid. Maar rond het middaguur beginnen onder deze felle zon is geen slim idee.’
De 36-jarige renner van Tudor benoemt dat er in Frankrijk en Italië regels zijn voor mensen die werken in de bouw en de agrarische sector, die onder deze temperaturen niet zouden mogen werken. En zij zijn, technisch gezien, ook aan het werk.
Toch, zelfs als het kwik tijdens de start van de vierde etappe in Carcassonne richting de 40 graden gaat, vertrekt het peloton voor 182 kilometer koers. Weliswaar met een nieuwe maatregel van de internationale wielerunie UCI waarmee de bevoorradingsregels versoepeld zijn, waardoor drinkbussen makkelijker verdeeld kunnen worden in het peloton. Een dag eerder gaf onder meer de ploeg van Red Bull-Bora-Hansgrohe al extra bidons mee in de eetzakjes, maar daarvoor werd het team beboet.
Al voor de start van de etappe proberen renners zich met koelvesten te koelen. Niet alleen tijdens het infietsen, maar ook als ze de media te woord staan. Alleen voor de ploegenpresentatie gaat het koelvest kort even uit. Eenmaal terug bij de bus nemen sommige renners nog iets wat aan een slush puppy doet denken, of iets wat op een waterijsje lijkt.
‘Bevroren sportdrank’, zegt Tim Marsman. De ploegmaat van Mathieu van der Poel legt uit dat je op die manier ook van binnenuit de koeling krijgt. Ook die komen tijdens deze vierde etappe van pas, zelfs als Tadej Pogacar heeft besloten het rustig aan te doen en het geel weg te geven aan de Noor Torstein Traeen.
Als Marsman een kwartiertje na Pedersen ook in Foix aankomt, is het koelen nog niet voorbij. Sterker nog, dan moet het koudste moment van de dag nog komen: een ijsbad. Veel ploegen, waaronder ook Alpecin-Premier Tech, hebben een extra wagen laten maken. Hun truck met vier ingebouwde ijsbaden was net voor de start van de Tour klaar. ‘Na de etappe moeten we daar allemaal tien minuten in, daarna zijn we weer afgekoeld’, vertelt Marsman.
Lekker is het niet, daar is het eigenlijk te koud voor. ‘Maar na een paar minuten voel je je benen niet meer en dan gaat het wel. Je merkt wel echt een verschil: als je terugkomt in de bus, heb je het gewoon bijna koud. En dat is best bijzonder als het buiten zo warm is.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant