Home

Lage waterstand baart veel schippers zorgen, maar Joan Nijsse ziet de zonzijde: ‘Kleinere ladingen betekent hogere prijs per vracht’

Door de Rijn stroomt komende week vanwege de droogte zeldzaam weinig water. De zakkende waterstanden zijn lastig voor de scheepvaart, al kunnen schippers met kleine schepen profiteren. ‘Van mij mag het droog blijven, hoe langer hoe beter.’

is regioverslaggever van de Volkskrant in Oost-Nederland.

Omdat je wachtend voor een sluis beter iets nuttigs kunt doen, is Annelies Nijsse (36) een rondje gaan hardlopen in het Gelderse Eefde. Haar partner Joan Nijsse (28) is intussen bezig hun binnenvaartschip, een Kempenaar uit 1962 (60 meter lang en 6,6 meter breed) langzaam richting de sluis van het Twentekanaal te bewegen. Ze mogen er eindelijk door met hun lading grind uit Rotterdam.

De binnenvaart ondervindt de eerste pijnscheuten van de droogte. De Waal staat ‘tamelijk laag’ voor de tijd van het jaar en in de Gelderse IJssel is ‘draaiboek laagwater actief’, laat Rijkswaterstaat weten. Op de laagstaande, en daardoor smalle IJssel is het devies nu: in bochten op elkaar wachten.

Wat Nijsse ondervindt, is ingrijpender: vanaf de IJssel bij Eefde is een van de twee sluizen naar het Twentekanaal deels buiten werking gesteld. Alleen schepen zonder lading, of slechts met een kleine hoeveelheid goederen, mogen erdoor. Gevolg: urenlange vaarfiles. Nijsse: ‘Dit is tijd waarin ik vanavond niet in mijn bed kan liggen.’

Sluizen gesloten

Ook elders in het land zijn er problemen. Stroomopwaarts heeft een sluis in de IJssel bij Doesburg kuren. Door het watertekort in de Westerschelde zijn bij Terneuzen alle sluizen voor onbepaalde tijd gesloten. Met warme en droge dagen op komst is de inschatting dat er in het hele land meer verstoringen op komst zijn.

Vooral de afvoer van de Rijn, waar de IJssel en Waal van afhankelijk zijn, is zorgelijk. Naar verwachting stroomt volgende week vrijdag bij gebrek aan neerslag 800 tot 850 kubieke meter water per seconde door de rivier. ‘In juli is zo’n lage afvoer slechts één keer eerder voorgekomen, in 1976’, meldt Rijkswaterstaat.

Tot zorgen leidt het bij Nijsse en zijn partner niet, zegt hij als hij een tros losmaakt. In tegendeel. In de drie jaar dat zij nu hun eigen binnenvaartschip bezitten, bevaren en bewonen, is hij nooit stil komen te liggen. Dat dit binnenkort zal gebeuren vanwege lage waterstanden, kan hij zich niet voorstellen. ‘Van mij mag het droog blijven, hoe langer hoe beter.’

Prijzen bij laagwater

Bij laagwater zijn de prijzen namelijk goed, legt hij uit. Er volgt een klassiek economisch lesje over vraag en aanbod. ‘Minder water betekent kleinere ladingen per schip, zodat ze minder diep komen te liggen. Hierdoor neemt voor dezelfde hoeveelheid goederen de vraag naar schepen toe. Voor ons betekent dat een hogere prijs per vracht.’

Laagwater mag dan hoge prijzen betekenen, geen scheepvaart betekent geen geld. Dat dit scenario niet denkbeeldig is op de plek waar Nijsse ligt, bleek vier jaar geleden. Nu is de ‘minst gepeilde diepte’ van de IJssel nog 2,1 meter. In de zomer van 2022 was dat 1,5 meter.

Dat was vijf centimeter verwijderd van een ongekend drastische maatregel. Bij 1,45 meter zou vanwege het lage waterpeil eenrichtingsverkeer worden ingevoerd op de alsmaar smaller wordende IJssel. Schepen vanuit Duitsland hadden de rivier dan niet meer opgemogen. Uit vrees opgesloten te raken in het Twentekanaal, met als enige uitgang de sluizen bij Eefde, gingen schepen destijds de waterweg naar Almelo en Hengelo mijden.

Zorgelijke weersvoorspellingen

‘Het gaat nu nog, maar de komende weken lijkt het weer zorgelijk te worden’, zegt Fiona Oomen van branchevereniging Koninklijke Binnenvaart Nederland met een blik op de waterstanden en weersvoorspellingen op Teletekst. Ze brengt toevallig een bezoekje aan haar man Rein Schut, die met zijn klasse 5A containerschip (‘De grootste soort die het Twentekanaal op mag’) ook in de file ligt voor de sluis.

Oomen schenkt koffie en wijst dan op het schip van Nijsse, dat voor ze ligt: ‘Dat soort kleine schepen zijn voor onze branche onmisbaar. Ze steken minder diep en kunnen bij laagwater in verhouding meer meenemen dan grotere schepen.’

Pompende gemalen

Kijkend over de containervracht van het 110 meter lange schip van Schut zijn de pompen te zien die bij de sluizen in Eefde uit voorzorg klaarstaan. Die worden ingezet als het oude gemaal de nog lagere waterstanden niet aan kan.

Als het water niet wordt teruggepompt naar het Twentekanaal ontstaan tekorten in de drinkwatervoorzieningen in de Achterhoek, Twente en delen van Drenthe. Mocht dit ondanks de extra pompen toch dreigen te gebeuren, dan kan het Twentekanaal worden afgesloten voor de scheepvaart.

Zo’n vaart zal het voorlopig niet lopen, denkt de ontspannen ogende Joan Nijsse. En dus laat hij zijn schip straks gewoon schutten in de sluis, zodat het in het meters hoger gelegen Twentekanaal komt.

Op naar Frankrijk

Mogelijk wacht Nijsse en zijn partner de volgende dag hetzelfde scenario, als ze terug vanuit Hardenberg de sluis moeten nemen om de IJssel weer op te gaan. Maar ze hebben nog even. Over een paar dagen moeten ze pas in Amsterdam zijn voor een lading veevoer, met bestemming Izegem, West-Vlaanderen.

Afdalen naar het zuiden doen ze graag met hun werk- en woonschip. Het heet Antio Sas, Grieks voor ‘tot ziens’. En dan het liefst door naar Arques, in Frankrijk. Niet alleen vanwege de betere prijzen die de Fransen betalen. Het liefst laden de vrijheidsminnende Annelies en Joan behalve bulkgoederen ook hun Yamaha Tracer- en KTM 890 SMT-motoren van het dek van de Antio Sas. ‘En dan lekker de Franse kust afrijden.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next