Home

Meermaals heeft mijn moeder gezegd dat kennissen op mijn bruiloft geld zullen geven

Mijn moeder en ik hebben het nooit over de liefde. Misschien omdat we weten dat we het dan ook eindelijk eens moeten hebben over het huiselijk geweld van weleer. Ze vraagt wel al lang wanneer ik ga trouwen. Voorheen antwoordde ik steevast dat ik dat niet weet, daarna ‘weet ik veel’, vervolgens werd het een wedervraag: ‘Hoe moet ik dat weten?’ of: ‘Waarom vraag je dat aan mij, alsof ik zelf het lot in handen heb?’. Uiteindelijk antwoordde ik, tot voor kort: ‘Nooit.’

Meermaals heeft mijn moeder in een bijzin gezegd dat op mijn bruiloft kennissen geld zullen geven, zoals zij dat al jaren doet bij anderen. In De mythe van het gezin schrijft historicus Lotte Houwink ten Cate: ‘Eeuwenlang was liefde geen reden om te trouwen; het huwelijk werd beschouwd als een verbond tussen twee families, dat in het beste geval winstgevend zou uitpakken.’ Nog steeds is trouwen een investering, met hoop op rendement.

Maar het is wrang dat mijn moeder het mij blijkbaar gunt dat ik ga trouwen. Zij zat immers vastgeklemd in een gewelddadige relatie met mijn vader. Een relatie die ze pas verliet toen de dood haar boven het hoofd hing. Ik heb nooit durven vragen naar haar beweegredenen om te blijven. Vooral omdat zo’n vraag verwijtend is, en achteraf eigenlijk enkel gesteld wordt aan de mensen die de meeste klappen ontvingen. Waarom een geweldpleger al die tijd bleef en niet de benen nam, is zelden een kwestie.

Mijn moederlief zou vele redenen kunnen hebben gehad om pas op die ene middag weg te gaan. Omdat ze zich bijvoorbeeld schaamde tegenover de gemeenschap hier en in haar vaderland. Omdat ze begreep dat de samenleving een volwassene zonder geliefde als incompleet beschouwt. Omdat ze de Nederlandse wetgeving niet kende, maar wel doorhad dat de letter van de wet voorschrijft dat een huwelijk pas ontbonden wordt als het ‘duurzaam ontwricht’ is. Andere redenen die misschien voor haar golden: dat lange tijd vrouwen van gastarbeiders hun verblijfsvergunning konden verliezen wanneer ze scheidden, dat ze de Nederlandse taal niet beheerste, de uitwegen niet kende, geen financiële middelen had. Of dat ze haar kinderen het idee van een vader gunde.

Ik kan me, kortom, voorstellen dat blijven makkelijker en vooral veiliger voelde dan vertrekken. Bovendien: zelf ben ik destijds in mijn kinderlijke naïviteit ook nooit het huis uitgestampt.

Ik bewonder mensen, dus ook mijn moeder, die hun relatie durven te beëindigen. Zoals een vriendin die haar trouwdatum al had vastgelegd, maar bij het passen van een jurk besefte dat het beter was om het niet door te laten gaan. Mijn eigen kalverliefde op de basisschool zette een punt achter onze verkering – in wezen was het vooral een diepe vriendschap – door een ketting die ik haar gaf in de put voor de school te gooien.

Lobi voor mensen die weggaan en daarna weer liefhebben.

Inmiddels polst mijn moeder niet meer wanneer ik ga trouwen. Dat komt omdat ik de laatste keer, met voorbedachten rade, aan haar vroeg waarom zij zelf niet hertrouwt.

Ze lachte hard, viel stil, stond op en zei zonder achterom te kijken: ‘Ik ben te oud om te trouwen, en te ziek.’

‘Ziek gemaakt’, snauwde ik.

Hizir Cengiz is journalist, redacteur voor het tv-programma Zomergasten en maakt voor Het Nationale Theater in Den Haag het maandelijkse interviewprogramma Xizir.

Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next