Home

De lijken stapelen zich op in Venezuela: ‘We doen wat we kunnen om iedere dode eer te betonen’

De zoektocht naar lichamen gaat door in Venezuela, al komen er alleen nog doden onder het puin vandaan. Het is niet makkelijk de lijken te identificeren. Ze zijn vaak in vergaande staat van ontbinding.

is verslaggever van de Volkskrant en voormalig correspondent Latijns-Amerika. Ze doet verslag vanuit het aardbevingsgebied in Venezuela.

Voor de toegangspoort van het noodmortuarium in La Guaíra zitten Belyce Duran (21) en Carmen Rodríguez (71) al een tijdje te treuzelen. Ze mogen naar binnen, de zwaarbewapende militairen voor de deur leggen de vrouwen geen strobreed in de weg. Maar ze durven nog niet.

‘We hebben twee weken gezocht in het puin, met een zelf gehuurde graafmachine’, vertelt Duran. Maar het lichaam van hun familielid hebben ze niet gevonden. Dus zijn ze naar de haven gekomen. Daar is een noodmortuarium ingericht voor de doden van de dubbele aardbeving die Venezuela op 24 juni trof. ‘Misschien is ze hier’, zegt Duran zacht. ‘Misschien heeft iemand anders haar gevonden en haar hierheen gebracht.’

Er zijn tot nu toe bijna vierduizend dodelijke slachtoffers geteld. De Venezolaanse autoriteiten publiceren geen cijfers van het aantal vermisten, maar de Verenigde Naties schatten het aantal op vijftigduizend. De meeste internationale reddingsteams hebben het land alweer verlaten, er is immers geen kans meer dat er levenden onder het puin worden gevonden. Maar familieleden blijven lichamen van hun geliefden zoeken, al zijn velen de uitputting nabij.

Noodmortuarium

In het begin was er complete chaos en lagen de doden vanwege overvolle mortuaria in de brandende zon. Daarna is het noodmortuarium ingericht. Alle lichamen die gevonden worden, moeten eerst hierheen worden gebracht voor registratie. Op die manier probeert de regering overzicht te houden. Bij gebrek aan koelingen wordt een deel van de lichamen bewaard in koelwagens die normaal gesproken voedingsmiddelen vervoeren.

Duran en Rodríguez kijken zwijgend toe hoe de ene na de andere pick-uptruck arriveert bij de haven. In de achterbak staan medewerkers in witte beschermingspakken. Zij stoppen de lichamen die onder het puin vandaan zijn gehaald in witte zakken en brengen ze naar het mortuarium. Deze week zijn het er gemiddeld 150 per dag, een fractie van de slachtoffers die nog onder de metershoge betonnen resten liggen.

Van alle lichamen die binnenkomen worden vingerafdrukken gemaakt, tenzij ze zodanig in ontbinding zijn dat dit niet meer mogelijk is. En ze worden gefotografeerd. ‘Wij moeten straks op een scherm al die foto’s bekijken’, weet Duran. Ze wendt zich tot Rodríguez. ‘Of wil je liever in de zakken kijken? Die optie geven ze ook.’ Rodríguez kijkt vertwijfeld. ‘Wat als een van de doden hiv heeft? Raken we dan besmet?’

Ontbindende lichamen

Bij de poort hangt een poster: ‘De begrafenis of crematie wordt door de staat gefinancierd’, staat erop. Enkele kilometers verderop, in uitvaartcentrum La Diplomatica, vertelt manager Jefferson Gonzalez (33) dat hij niks meer kan doen voor de slachtoffers. ‘De eerste dagen hebben wij zeker honderd doden begraven of gecremeerd’, vertelt hij. ‘Maar al heel snel ging het niet meer.’

Door de tropische hitte ontbinden de lichamen razendsnel: ‘Als we de dode naar het graf droegen, lekten de vloeistoffen uit de kist.’ Jefferson begraaft nu alleen nog mensen die op natuurlijke wijze zijn gestorven. ‘Dat zijn er alsnog veel meer dan normaal’, vertelt hij. ‘Ouderen krijgen bijvoorbeeld een hartaanval op het moment dat ze erachter komen dat hun kinderen en kleinkinderen zijn omgekomen bij de aardbeving.’

De kerkhoven aan de kust van La Guaíra zijn vol. Alleen families die eerder al een plekje hadden gereserveerd kunnen daar terecht. Maar hoog in de bergen, aan het einde van een kronkelende weg door een sloppenwijk waar de bittere armoede je in het gezicht schreeuwt, ligt begraafplaats Jardines de la Esperanza (Tuinen van Hoop). Daar, op de uitgestrekte heuvels met indrukwekkend uitzicht over de Caribische Zee, is nog heel veel plaats.

Militairen en agenten

Ook hier wordt de ingang gebarricadeerd door tientallen militairen en politieagenten. Pers is, net als in het mortuarium, niet welkom. ‘Ze laten zelfs familieleden niet meer binnen’, zegt Elis Zabala (33), de beheerder van het kerkhof die op enkele tientallen meters van de ingang onder een boom zit. ‘Per dode laten ze nog maar één nabestaande door.’ Hij schudt het hoofd. ‘Dat is toch verschrikkelijk? Alsof we binnen iets crimineels doen.’

De veiligheidstroepen zijn er pas sinds deze week. ‘Ze zijn geïrriteerd over een verhaal in de Spaanse krant El País en willen nu geen pottenkijkers meer’, legt Zabala uit. In dat verhaal wordt uitgelegd dat de lichamen die niet zijn opgeëist in het mortuarium, na enige dagen hier begraven worden. ‘Dat is toch logisch?’, zegt Zabala. ‘Er zijn weinig koelmogelijkheden. Ze moeten ruimte maken voor nieuwe doden, iedereen begrijpt dat.’

Zabala vertelt dat hij extra personeel heeft laten komen om alle lichamen te kunnen verwerken. Graafmachines maken lange rijen nieuwe graven. ‘Het zijn geen massagraven’, benadrukt Zabala en toont foto’s op zijn telefoon. ‘We hebben stenen uit de zee gehaald en wit geschilderd. Daarmee begrenzen we de graven.’ Elk graf krijgt een klein, witgeschilderd houten kruis. ‘We doen wat we kunnen om iedere dode eer te betonen.’

Foto’s op het kruis

De doden zonder naam hebben een nummer op hun kruis, dat correspondeert met de foto die in het mortuarium van het lichaam is gemaakt. Als iemand de persoon op de foto herkent, kan alsnog een naam worden toegevoegd. ‘We kunnen het lichaam ook opgraven, als de familie dat wil’, legt Zabala uit. ‘Maar dat kan pas later, als de drukte voorbij is.’

Voor de deur van het mortuarium hebben Duran en Rodríguez inmiddels de nodige moed bij elkaar geschraapt. ‘Zullen we dan maar?’, vraagt Duran. Ze zet haar mondkapje op en werpt een korte blik op het geweer van de militair aan de poort. ‘Ja’, zegt Rodríguez en staat op. ‘We gaan naar binnen.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next