Als vertegenwoordiger van de Wereldgezondheidsorganisatie voor het bezette Palestijnse gebied maakte Rik Peeperkorn de gruwelijkste dingen mee. Nu hij met pensioen is, blikt hij terug. ‘Ik heb nog nooit zoveel amputaties gezien in mijn leven, met name bij kinderen.’
schrijft vanuit Istanbul over Turkije, Iran, Israël en de Palestijnse gebieden.
Als vertegenwoordiger van de Wereldgezondheidsorganisatie voor het bezette Palestijnse gebied maakte Rik Peeperkorn de gruwelijkste dingen mee. Nu hij met pensioen is, blikt hij terug. ‘Ik heb nog nooit zoveel amputaties gezien in mijn leven, met name bij kinderen.’
schrijft vanuit Istanbul over Turkije, Iran, Israël en de Palestijnse gebieden.
Rik Peeperkorn is met pensioen. Veel leeftijdgenoten bouwen af als ze de 67 jaar naderen, doen het alvast rustiger aan. Peeperkorn niet. Als vertegenwoordiger van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) voor het bezette Palestijnse gebied beleefde hij de drukste, meest intense en uitdagendste periode in zijn lange loopbaan.
De gevaarlijkste ook. Hij maakte de humanitaire ramp mee die het gevolg is van de militaire campagne waarmee Israël terugsloeg na de terreuraanval van Hamas op 7 oktober 2023. Vanuit zijn kantoor in Jeruzalem reed hij elke zes weken naar Gaza en bleef daar dan een aantal weken.
Ook met het staakt-het-vuren van oktober vorig jaar is het geweld in de Gazastrook niet beëindigd. ‘Er zijn nog steeds 1,9 miljoen mensen ontheemd’, zegt Peeperkorn per videoverbinding vanaf zijn vakantieadres. ‘Het puinruimen is niet eens begonnen, laat staan de wederopbouw. En al die mensen verblijven in een gebied dat steeds kleiner wordt, de Gele Lijn is door Israël almaar opgeschoven. Veel humanitaire organisaties doen hard hun best om zaken als water, voedsel, gezondheid en een beetje onderwijs te brengen. Maar na het staakt-het-vuren had je gehoopt en verwacht dat er veel meer zou gebeuren.’
Vóór Gaza had de arts al veel ervaring opgedaan in crisis- en conflictgebieden. Hij werkte 7,5 jaar als hoofd van de WHO in Afghanistan en bijna 25 jaar in Afrika, Europa en elders in Azië. In Afghanistan was het ‘grimmig, met al die aanslagen van de Taliban en anderen’. In Afrika maakte hij ‘gruwelijke situaties’ mee; zo kwam bijvoorbeeld de aidsepidemie langs. En ook voorafgaand aan 7 oktober 2023 had hij het nodige meegemaakt in het bezette Palestijnse gebied, waar hij een paar jaar eerder was begonnen.
En toen kwam de oorlog in Gaza. Hoe was dat, vergeleken met die andere conflictgebieden?
‘Wat er in Gaza gebeurde, had ik nog nooit gezien. Toen ik er binnenkwam, eind november 2023, was het meteen duidelijk. De onophoudelijke bombardementen. De angst bij iedereen op de gezichten, de wanhoop, ook bij onze eigen mensen. Iedereen was in paniek. Er kwamen zo veel gewonden binnen dat onze medische voorraden in no time waren uitgeput. Nee, dit had ik niet eerder meegemaakt.
‘En het ging en ging maar door. Bij elke militaire operatie was er weer een piek. Het was alsof je in een verkeerde film zat, over de Eerste Wereldoorlog. Je zag ezels- en paardenkarren met doden en zwaargewonden, die dan de ziekenhuizen werden binnengebracht die wij ondersteunden.
‘Al die traumapatiënten op de grond, in de gangen, overal. Kinderen, adolescenten en ouderen, vrouwen en mannen met de ernstigste verwondingen. Ik heb nog nooit zoveel amputaties gezien in mijn leven, met name bij kinderen. Ruggenmergletsel, hersenletsel, ongelooflijke brandwonden, verpletterde ledematen, enzovoort. Wanhopige mensen, overal.’
Peeperkorn praat gepassioneerd. Er valt veel te vertellen, hij richt zich vooral op observaties die met gezondheid te maken hebben. ‘Laat de feiten voor zich spreken’, zegt hij. Het verhaal van de in medisch, logistiek en menselijk opzicht onvoorstelbare hulpoperatie waaraan hij leidinggaf, mag niet onopgetekend blijven. Tegelijk kan zijn manier van spreken op het eerste gehoor zakelijk overkomen, doorspekt met hulpverlenersjargon. Dan gaat het over mass casualty management, procurement van materialen, implementatie van programma’s, rapportages, essential supplies en ‘gedeconflicteerde’ guesthouses.
Maar dat is juist de kern van de zaak. Hij was, als hoofd van de VN-organisatie die de activiteiten van tal van andere humanitaire organisaties op elkaar moest afstemmen, verantwoordelijk voor een operatie van herculische omvang. Zonder die zouden er, cru gezegd, nóg vele duizenden Gazanen zijn gestorven, boven op de 73 duizend die werden gedood.
Procurement, bijvoorbeeld, staat voor: zoveel mogelijk traumakits en geneesmiddelen zien te krijgen en vervolgens naar de juiste plekken zien te krijgen, evenals zaken als brandstof voor de generatoren in de ziekenhuizen.
Dat alles in een situatie van permanente opgejaagdheid. Telkens weer moesten Gazanen hun huizen en, vervolgens, provisorische tentenkampen verlaten, op de vlucht voor wéér een Israëlische militaire operatie. Van noord naar zuid, van Rafah naar Khan Younis en weer terug – het verschoof de hele tijd.
Wat zag u dan?
‘In Jabalia in Noord-Gaza zagen we in november 2024 eindeloze stromen wanhopige en uitgeputte ontheemden die voor de zoveelste keer waren verdreven. Vooral vrouwen en kinderen. Soms strompelend, met hun schaarse persoonlijke bezittingen, te midden van die totale verwoesting. Wij ondersteunden de twee ziekenhuizen daar, om die minimaal operationeel te houden. Dweilen met de kraan open.’
In allerhaast ontruimde ziekenhuizen en magazijnen werden later veelal gedeeltelijk verwoest teruggevonden. Precisiebombardementen op terroristische doelen? ‘Nou, daar heb ik heel weinig van meegekregen’, zegt hij.
In veel opzichten zaten de bijna dertig WHO-stafleden in Gaza, net als medewerkers van andere humanitaire organisaties, in hetzelfde schuitje als de burgers. De meesten waren zelf Palestijns en woonden aanvankelijk gewoon in huizen, tussen de andere burgers. Het enige verschil is dat de VN en partnerorganisaties het Israëlische leger voortdurend op de hoogte hielden van de activiteiten van hun medewerkers, zodat de betreffende gebouwen zouden worden ‘gedeconflicteerd’, oftewel: niet worden aangevallen. ‘Helaas gebeurde dat af en toe wel’, zegt Peeperkorn.
En als het niet gebeurde?
‘Hoe dan ook konden patiënten en staf, als een militaire operatie dichtbij kwam, geen kant op. Ze konden ziekenhuizen niet uit en ze konden ziekenhuizen niet bereiken. Ook konden we er dan geen geneesmiddelen, medische materialen, brandstof en voedsel heenbrengen. Heel snel wordt een ziekenhuis dan minimaal functioneel, en op een gegeven moment natuurlijk niet-functioneel.’
Hij beschrijft hoe in februari 2024 de voorraden van de WHO-magazijnen in Khan Younis op aanwijzen van het Israëlische leger in alle haast werden verkast naar drie nieuw gehuurde magazijnen in Rafah, in het zuiden van de Gazastrook. Maar ook Rafah werd, in mei 2024, doelwit van een legeroffensief. Opnieuw raakten een miljoen mensen ontheemd, net als de WHO-staf. Drie ziekenhuizen in Rafah werden buiten werking gesteld, en het WHO-team verplaatste de voorraden, en zichzelf, naar weer twee nieuwe magazijnen, in Deir al-Balah.
Konden jullie zelf nog wel ergens terecht?
‘In juli 2025 werd tijdens een militaire operatie in Deir al-Balah een woning van lokaal WHO-personeel aangevallen, hoewel daar geen evacuatiebevel was uitgevaardigd. In het gebouw bevonden zich acht WHO-medewerkers en 34 familieleden, inclusief kinderen.
‘Diep in de nacht mochten we hen evacueren. Eerst werden vrouwen en kinderen lopend weggestuurd, de mannen konden pas later weg. Van hen werd er één in detentie genomen en pas na een maand onder onophoudelijke druk van ons vrijgelaten. Er was geen aanklacht, maar hij was onmenselijk behandeld.
‘Dat gastenverblijf, ik ben een paar weken later teruggegaan, ongelooflijk. Het was helemaal in puin geschoten. Het is een wonder dat er geen mensen zijn omgekomen. Ook ons hoofdmagazijn, er vlak naast, was volkomen vernietigd, met 4 miljoen dollar aan medicijnen.
‘Dus ja, we waren zeker beter beschermd dan de gemiddelde Gazaan. Maar over een periode van twee jaar zijn er zes WHO-magazijnen en twee gastenverblijven vernietigd en raakten enkele andere beschadigd, terwijl al die locaties vooraf waren gedeconflicteerd. Dat zegt wel wat.’
In november 2023 kwam de 29-jarige Dima Alhaj om het leven, samen met haar zes maanden oude zoontje, haar man en ruim vijftig andere familieleden. Alhaj werkte op de patiëntenadministratie van het door de WHO ondersteunde prothesecentrum Nasser Medical Complex. Ze was gevlucht naar haar ouderlijk huis in het zuiden van Gaza. De woning werd getroffen bij een bombardement.
Hoe was dat voor jullie?
‘Voor ons was het heel traumatisch, een enorme schok. De enigen die niet werden gedood, waren haar moeder en vader, die op dat moment aan het werk waren in een ziekenhuis. Haar vader was een bekende chirurg, met wie we veel hebben gewerkt.
‘Bijna iedereen van mijn staf heeft familieleden of vrienden verloren, of een huis of wat dan ook. En dan zitten zij nog in een geprivilegieerde groep van VN-medewerkers, met een relatief goed inkomen en op papier veilige werkplekken. Toen ik daar in november 2023 aankwam, waren sommige van mijn medewerkers totaal getraumatiseerd.’
Waren jullie niet bang?
‘Laat ik eerlijk zijn, iedereen was bang in Gaza. Het zou heel dom zijn om iets anders te zeggen. Je hoopte maar dat je in je gedeconflicteerde guesthouse veilig zou zijn. Maar soms waren de bombardementen ongelooflijk dichtbij. Tijdens mijn eerste missie naar het noorden van Gaza in december 2023 was er een luchtaanval op zo’n 80 meter van onze auto. Er werd geschoten op onze vrachtwagen met medische voorraden en een ambulance van de Rode Halve Maan.
‘Rond het Al-Ahli-ziekenhuis was overal chaos. Als je dan ’s avonds in je bed ligt en al die bombardementen om je heen hoort, denk je: deze compound is zogenaamd gedeconflicteerd, ik hoop maar dat ze zich daaraan houden. Het ging soms ook fout.
‘Iedereen is natuurlijk op een of andere manier geraakt. Je zag de verschrikkelijkste dingen. Waanzinnig. Op onze missies pikten we onderweg uit piëteit soms lijken op langs de weg, aangevreten door honden. Die legden we achter in de auto, we hadden altijd lijkzakken bij ons. Om ze nog iets van een begrafenis te geven, droegen we de lichamen over aan de Palestijnse Rode Halve Maan. Een fantastische organisatie overigens, die enorm heeft geleden. Heel veel medewerkers van de Rode Halve Maan zijn gedood.’
De cijfers. ‘Grimmige statistieken’, zoals Peeperkorn het noemt. Ruim 73 duizend Gazanen gedood. Zo’n 175 duizend gewond. Alles bij elkaar is bijna 12 procent van de 2,2 miljoen Gazanen dood of gewond geraakt. ‘Die getallen zijn niet te bevatten.’ Daar bovenop de duizenden die waarschijnlijk nog onder het puin liggen en, in WHO-jargon, de ‘indirecte mortaliteit’: de mensen met een chronische kwaal, zoals kanker en hart- en vaatziekten, die door de oorlog en de Israëlische blokkade van hulpmiddelen onvoldoende medicatie of behandeling kregen.
De Wereldgezondheidsorganisatie deed samen met internationale ngo’s en andere medische teams onderzoek naar de ernst van de verwondingen. Naar schatting, zegt Peeperkorn, is ruim een kwart van de gewonden, meer dan 45 duizend, er zo ernstig aan toe dat ze hun hele leven hulpbehoevend zullen blijven en zorg nodig zullen hebben.
Wat ziet u als de grootste prestatie van uw team?
‘Ik denk dan aan de succesvolle poliocampagnes. Aan de medische evacuaties, zowel binnen Gaza als internationaal: ruim twaalfduizend duizenden patiënten plus begeleiders zijn naar het buitenland geëvacueerd. Maar het grootste succes is dat ondanks alles de gezondheidsdiensten in Gaza minimaal operationeel zijn gehouden.
‘Dit dankzij de enorme veerkracht van de Gazaanse gezondheidswerkers, het Palestijnse ministerie van Gezondheid, de Palestijnse Rode Halve Maan, de internationale ngo’s, de humanitaire VN-organisaties en de WHO. We hebben op grote schaal levens gered en ziekte en invaliditeit verminderd. We zijn tot het uiterste gegaan, maar uiteindelijk hadden we veel en veel meer willen doen.
‘Een les die ik uit Afghanistan heb meegenomen is dat je in de communicatie met autoriteiten realistisch, pragmatisch maar ook heel duidelijk en standvastig moet zijn. In dit geval hadden we met drie types autoriteiten te maken: Israël, de Palestijnse Autoriteit en de Palestijnse gezondheidsautoriteiten in Gaza, waarvan Israël toch echt de overlord was. Je bent daar om de mensen in nood te ondersteunen. En dat wil je wel met die autoriteiten coördineren, maar je werkt niet voor ze. Dat moet je heel duidelijk maken: we werken niet voor jullie, we werken voor de mensen.’
Hoe staat de Gazastrook er nu voor, gezien vanuit de optiek van de WHO?
‘Allereerst moeten de gezondheidsdiensten in Gaza onmiddellijk en grootschalig worden versterkt. Dat zou de grote behoefte aan verwijzingen doen verminderen. Ook moeten de verwijzingsroutes naar Palestijnse ziekenhuizen op de Westoever en in Oost-Jeruzalem onmiddellijk worden heropend, als onderdeel van het staakt-het-vuren.
‘Voorheen gingen er vijftig à honderd patiënten per dag naar die Palestijnse ziekenhuizen. Dat is door de Israëlische autoriteiten gestopt na 7 oktober 2023. Maar we hebben nu toch een staakt-het-vuren? Heropening van de route zou daarvan gewoon onderdeel moeten zijn. Je zou daar veel meer druk verwachten van VN-lidstaten.
‘Er zijn ruim achttienduizend ernstige patiënten die een behandeling nodig hebben die ze nu niet in Gaza kunnen krijgen. Als we in dit tempo doorgaan, zijn we nog 25 jaar bezig en zijn inmiddels heel veel van die patiënten overleden.’
En de wederopbouw als zodanig, met een Trump-plan dat nog weinig heeft opgeleverd?
‘Wat ik enorm zorgelijk vind, is dat de Palestijnen zelf nauwelijks vertegenwoordigd zijn in de onderhandelingen over wederopbouw. Naast de Palestijnse Autoriteit zijn er veel sterke Palestijnse ngo’s, gemeenschapsorganisaties, academische instellingen, de private sector. Die zouden een centrale rol kunnen en moeten spelen. Het gaat uiteindelijk over hún toekomst.
‘Een les uit andere conflicten, ook uit Afghanistan, is dat wanneer een van de belangrijkste partijen wordt uitgesloten van de besluitvorming, dit altijd leidt tot nog meer frustratie, verwarring, wanhoop en mogelijk nieuwe cycli van geweld. Je zou toch aannemen dat niemand dat wil.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant