Home

'Mindfulness met beste vriendin' moet meisjes met mentale klachten helpen

Eindeloos negatieve gevoelens 'herkauwen' door ze met vriendinnen te bespreken: tienermeisjes zijn er goed in, maar het kan hun mentale klachten juist verergeren. Een op mindfulness gebaseerd vriendinnenprogramma dat een oplossing moet bieden, wordt straks zelfs op de basisschool getest.

43 procent van de meisjes in het voortgezet onderwijs heeft emotionele problemen, bleek eerder uit onderzoek. Zelfdoding onder tienermeisjes is de afgelopen twintig jaar ruim verdubbeld.

Praten over gevoelens is een belangrijk deel van de oplossing, maar kent soms ook een keerzijde. Het zogeheten corumineren, het eindeloos blijven doorpraten met vriendinnen waarbij meisjes erkenning krijgen voor hun zorgen, kán hen ook verder de put in helpen.

De Hogeschool Rotterdam onderzoekt daarom bij 320 meisjes hoe hun behoefte aan corumineren kan worden teruggedrongen, en daarmee hun mentale gezondheid kan worden verbeterd.

"Wereldwijd is al veel onderzoek gedaan naar risicofactoren in sociale relaties van meisjes: gepest worden bijvoorbeeld. Wij kijken juist naar de rol van heel goede relaties", vertelt Patricia Vuijk, lector Meisjes en mentaal welbevinden.

Er bestaan nog geen trainingen om corumineren te voorkomen. Voor zover bekend is dit onderzoek het eerste ter wereld.

"Opluchting zonder oplossing", zo vat Vuijk corumineren samen. "Op fysiologisch niveau raakt zo'n meisje namelijk gestrester van zulke gesprekken. Het lichaam ervaart samen piekeren als bedreigend." De hartslag stijgt en het zenuwstelsel blijft alert op gevaar.

De zogeheten priors, diepgewortelde verwachtingen van de hersenen over hoe de wereld werkt, worden verstevigd. "Dat zijn er drie: 'de wereld is onveilig', 'echte verbinding is niet vanzelfsprekend' en 'ik ben niet goed genoeg'."

Waarom praten meisjes dan toch keer op keer obsessief over hun problemen? "Ze herkennen die lichamelijke signalen van bedreiging niet. Heel begrijpelijk, want ze zijn bij een goede vriendin en voelen zich veilig. Ze halen heel veel erkenning en emotionele steun uit die gesprekken en zijn overtuigd dat ze iets aan die gesprekken hebben."

Maar dat hebben ze per saldo dus niet. "Het zijn twee tegengestelde krachten die binnen het lichaam van een meisje tekeergaan. Heel heftig."

Vuijk en haar collega's onderzoeken als mogelijke oplossing een veertien lessen durende training die meisjes in vriendinnenduo's volgen. Mindfulness vormt daarin een belangrijke basis, maar het gaat verder dan dat. "We hebben inzichten uit de neurowetenschap vertaald naar praktische oefeningen. Die helpen meisjes om hun verwachtingen en onbewuste voorspellingen over de wereld bij te stellen, zodat hun behoefte om te corumineren vermindert."

Elke les introduceren de trainers eerst een ander herkenbaar thema, zoals onrust door sociale media of prestatiedruk. "Maar meisjes gaan vervolgens juist níét praten over hun problemen. We leren ze om hun lichaam eerst uit de stressstand te halen voor ze gaan nadenken of praten over hun problemen."

Door rustig adem te halen en de hand op hun hart te leggen, voelen meisjes wat zo'n thema met hun lichaam doet. Ook maken ze heel kleine bewegingen, zoals de voeten zachtjes in de grond duwen, glimlachen of met hun hand over hun arm strijken.

Ga er maar aanstaan: mindfulness aanleren bij giechelende tieners, in het bijzijn van hun beste vriendin, op een leeftijd waarbij je vooral niet raar gevonden wil worden. Prettige wedstrijd.

"Sommige meisjes zijn inderdaad eerst afwachtend", reageert Vuijk. "En ik heb bijvoorbeeld een koppel getraind dat volgens mij misschien zelfs wel een beetje cynisch was."

"Als ik zei dat we aan een oefening begonnen, trokken ze hun hoodie over hun hoofd. Maar op een gegeven moment legden ze hun handen toch op hun buik om hun ademhaling te volgen."

"Ze gingen er alsnog helemaal in mee, want na afloop duurde het even voordat ze hun ogen weer openden. Ze begonnen te gapen. 'Ik ben heel moe', zei een van hen. Ik dacht: nee, je bent ontspannen, want je hebt je vijf minuten niet drukgemaakt."

Tot dusver hebben vijftig vriendinnenkoppels meegedaan aan het onderzoek. Komend schooljaar volgen er nog 110. Pas daarna kunnen Vuijk, medeonderzoeker Per Norrgren en hun collega's conclusies trekken. Maar de eerste indruk is positief.

"Achteraf vertellen meisjes dat ze op een andere manier naar hun vriendschap zijn gaan kijken en naar de tijd die ze aan corumineren besteden. Ze beseffen dat ze vroeger vaker leuke dingen deden en tegenwoordig veel meer piekeren. En sommigen gebruiken de oefeningen ook bijvoorbeeld vlak voor een toets."

Uitdagingen zijn er ook nog: hoe zorg je ervoor dat meisjes de oefeningen ook na het programma blijven doen? "We proberen dat op allerlei manieren aan te jagen en denken dat we daar deels in slagen. Dat is al wat, maar we denken dat de oplossing in scholen zit."

Vuijk hoopt dat leraren hun leerlingen uiteindelijk 'micro-oefeningen' willen laten doen, bijvoorbeeld een minuutje tussen de instructie en het zelfstandig werken door.

Het onderzoek richt zich op dertien- tot vijftienjarigen, maar Vuijk heeft het ook al bij een klein groepje leerlingen uit groep 7 en 8 geprobeerd. "Dat werkt net iets anders: je moet je taal en de thema's aanpassen. Ze hebben een kortere spanningsboog, vinden een meditatieoefening algauw te lang. Maar ik denk dat ze wat onbevangener en enthousiaster zijn dan de oudere groep."

Komend jaar test Vuijk het programma op een grote groep basisschoolmeisjes. De onderzoeksresultaten naar de dertien- tot vijftienjarigen verschijnen vermoedelijk in 2028.

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next