Home

In noodsituaties wordt het goddelijke urgent

is bestuurskundige en filosoof.

Begin deze maand nam ik deel aan een publieke gedachtewisseling over de vraag of, en zo ja waarom, de belangstelling voor religie weer aan het groeien is. Mijn antwoord luidde dat die interesse nooit helemaal is verdwenen, al neemt ze soms moeilijk te herkennen vormen aan. Er deed zich in Nederland en elders in Europa wel een proces van secularisatie voor, maar de vraag is waar dit voor staat.

Het betekent onder andere dat de meeste Nederlanders niet langer bij een kerk aangesloten zijn en dat de publieke rol van kerken nogal marginaal geworden is. Het betekent evengoed dat minder mensen zichzelf religieus noemen. Toch is bijna de helft van hen op spiritueel gebied actief. Denk aan zaken als het branden van een kaars, mediteren, het volgen van een yogacursus of het verzorgen van een altaartje.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Daarbij put een enkeling uit de Griekse of christelijke mystiek, maar de meesten gaan te rade bij tradities die zich in India, China, Japan of Latijns-Amerika ontwikkelden. De interesse voor stromingen als hindoeïsme, taoïsme, boeddhisme en sjamanisme is groeiende. Men zoekt een omvattende spiritualiteit, die de cultuurfilosoof André van den Braak recentelijk als een vorm van gnostiek omschreven heeft.

Mede daarom moeten we afscheid nemen van het idee dat religieuze praktijken en moderniteit elkaar uitsluiten. Ze zijn hechter met elkaar vervlochten dan we lange tijd aannamen en ze kunnen elkaar ook versterken. Dat laatste verklaar ik zelf uit het feit dat de mens van oudsher spirituele verlangens heeft die in de huidige samenleving nauwelijks erkend, laat staan gehonoreerd worden. Laat ik met drie voorbeelden volstaan.

Het eerste motief is troost. Ik doe niet laatdunkend over de waarde van zelfredzaamheid en ondernemerschap, want ze maken dat moderne mensen hun leven zelf vormgeven. Dat vermogen moeten we koesteren. Maar wat als je project mislukt, als je onvoldoende kracht kunt opbrengen of door het lot getroffen wordt? Heb je dan genoeg aan de beschikbare vormen van steun zoals pillen, een lotgenotengroep of serieuze therapie? Of zijn dat alleen maar lapmiddelen? In elk geval lijken veel mensen te verlangen naar hulp of steun die een meer omvattende, om niet te zeggen kosmische proportie heeft. Dan kan de overgave aan een religieuze traditie zeker helpen.

Een tweede motief is toewijding. Voor een inkomen moet je aan het economische verkeer deelnemen en mensen met hogere ambities moeten linksom of rechtsom actief worden in de politiek. Maar het betekent niet dat macht en markt steeds het laatste woord hebben. Voor veel mensen is de kwaliteit van hun werk, bijdragen aan maatschappelijke verbetering of het realiseren van een ideaal belangrijker. Helaas worden deze ideële kanten van werken in het publieke leven nauwelijks erkend. Ook in dat opzicht kan een spirituele traditie voor de broodnodige balans zorgen.

Een derde motief is het taboe. Als moderne burger kennen we een brede diversiteit aan opvattingen op moreel, cultureel of politiek gebied en dat lijkt me een verworvenheid. Het is ook een prima zaak dat zich tussen deze zienswijzen van tijd tot tijd forse botsingen voordoen. Maar het kan geen kwaad daarbij bepaalde grenzen aan te houden en oog te hebben voor datgene wat ons bindt. Sterker: we moeten duidelijker bepalen over welke beginselen we niet willen onderhandelen en welke waarden heilig zijn. Het klassieke onderscheid tussen sacraal en profaan lijkt me ook voor de moderne samenleving relevant. Maar dan moeten we het taboe op de schending van heilige beginselen wel handhaven.

De tijd is voorbij dat je met de omschrijving van Nederland als een ‘gaaf land’ kon volstaan. Vele tekenen wijzen erop dat we een diepe crisis doormaken. Steeds meer kinderen zijn aangewezen op jeugdzorg, bij volwassenen grijpen klachten over angst en depressie om zich heen, het publieke debat laat een zorgwekkende polarisatie zien terwijl talloze bestuurders zich met geweld bedreigd weten.

Het gaat niet langer om losstaande verschijnselen maar om een situatie die de cultuursocioloog Sipco Vellenga een zingevingscrisis heeft genoemd. Gegeven deze situatie is een groeiende belangstelling voor religie niet zo vreemd. Sterker: die belangstelling kan nog toenemen, want we gaan in het Westen een onzekere, hardere en zelfs gevaarlijke toekomst tegemoet. En juist in tijden van nood wordt het goddelijke urgent.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next