Home

Uniek moment: Rob Trip op het dak

Tv-recensie Woensdagavond was een avond vol beelden die de tv-recensent nooit zal vergeten. Met een zonsverduistering, Rob Trip op het dak en livestreams. „Zit jij ook de NOS Livestream te kijken?”

Rob Trip op het terras van het NOS-gebouw.

Rob Trip ging iets doen wat hij normaal gesproken nooit deed. „Ik neem u mee naar buiten”, zei Rob Trip. „Kom mee.” Hij gebaarde naar de camera, naar de kijkers, met de hand waarin hij al zijn belangrijke journaalpapieren vasthield. We volgden, gespannen. Rob Trip reserveert de gebiedende wijs alleen voor de allerspeciaalste gelegenheden.

„We zitten hier op de zesde verdieping van het NOS-gebouw. En als ik de studio uitloop …” Rob Trip liep midden in het Achtuurjournaal de studio uit; hij was alleen nog zichtbaar in het spiegelglas dat hij passeerde. Daarin was ook, heel kort, een meneer te zien die Rob Trip een handmicrofoon overhandigde. „Dankjewel, Roeland”, mompelde Rob Trip.

Hij vervolgde: „… dan is het eigenlijk maar één stap hier, dit terras op, náást de studio.” Rob Trip stapte het terras naast de studio op. De zonsverduistering in IJsland was net voorbij, die in Spanje moest nog komen. „Nu willen wij natuurlijk weten hoe dat in Hilversum eruitziet”, zei Rob Trip.

„Veiligheid eerst …” Hij trok een eclipsbril uit de zak van zijn nette, grijze broek. „Jaaa … Oookééé … En dít is dus zoals het eruitziet, op dit moment, hier in Hilversum.”

De camera richtte zich naar de Hilversumse horizon, waar de maan al een heel eind voor de zon was geschoven. Eén, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven seconden lang keken we samen met Rob Trip in volmaakte stilte naar de heldere hemel. 

„Uniek moment”, kopte het NOS-liveblog even later: „Rob Trip op het dak”. 

Woensdagavond was een avond vol beelden die ik nooit zal vergeten. Er was een zonsverduistering, ja, natuurlijk – maar er was ook Rob Trip op het dak tijdens het Achtuurjournaal én een NOS livestream met presentator Albert Bos en weerman Peter Kuipers Munneke, die soms net als Rob Trip zwijgend naar de hemel stonden te kijken. „Dit is spannende televisie, Rob”, zei Peter.

Overweldigend natuurfenomeen

Ik kreeg daar meer berichten over binnen dan over de zonsverduistering zelf. Dan maakte ik me los van de tv om weer even buiten, in het echt, een overweldigend natuurfenomeen te aanschouwen, en dan lichtte mijn telefoon opnieuw op met de tekst: „Zit jij ook de NOS Livestream te kijken?”

Daar was verslaggever Jeroen Gortworst intussen op een strand in Petten in gesprek geraakt met een man die, naar eigen zeggen, met 120 kilometer per uur van Heerhugowaard naar deze locatie was gereden. Hier kon je naar de hemel kijken met apparatuur van de sterrenwacht. Handig, want de eclipsbril van de man was te laat bezorgd. „Kíjk nog even, dan!”, riep Jeroen Gortworst, en hij overhandigde hem zijn bril. „Even goed kijken, hè.” „Zeker”, zei de man. Hij zette de bril op.

„Nou”, zei hij. „Hartstikke mooi.”

„Het is iets wat ons eigenlijk een beetje verenigt, heb ik het idee”, zei Jeroen Gortworst op het volle strand in Petten. „Nou”, aarzelde de man. „Dat is wel héél, eh …” Jeroen Gortworst richtte zich weer tot de kijker. „Je hoort het. Het is iets wat ons niet per se verenigt. Maar het is wel mooi.”

Dat fragment, dat me meteen heel dierbaar was, wilde ik laat op de avond nog eens terugzien, maar de livestream was onverwachts uit de lucht. De link werkte niet meer. Even voelde ik de verbijstering die mensen vroeger moeten hebben gevoeld, toen de zon ineens kortstondig verdween. Ik wist nog niet dat de livestream de volgende ochtend weer op zou duiken. Dat zal ik onthouden, voor de volgende keer, in 2081. Dan maak ik me geen zorgen meer.

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next