De Rijksuniversiteit Groningen doet onderzoek naar vogelgedrag tijdens de zonsverduistering. Met vrijwilligers en instrumenten hoopt onderzoeksleider Theo Jurriens iets te weten te komen en mensen nieuwsgierig te maken. ‘Ontzettend veel factoren hebben invloed op de natuur.’
Zittend in het gras op de zwavelachtig geurende kwelder bij Moddergat, met uitzicht op Schiermonnikoog, houdt Judith van der Elst nauwlettend in de gaten hoe de vogels zich woensdagavond gedragen. Hoewel ze door haar eclipsbrilletje af en toe richting de hemel kijkt, spitst ze vanaf het begin van de gedeeltelijke zonsverduistering vooral haar oren. ‘Ik hoor graspiepers, kokmeeuwen en een enkele scholekster. De rest is een beetje stil.’
Ze is gewapend met allerlei hulpmiddelen: apps op haar iPad en smartphone, waarop ze kan zien welke vogel er aan het fluiten is, een dashboard van het weerstation in de buurt en een verrekijker. Een ‘doorgewinterde vogelaar’ is ze naar eigen zeggen niet, maar wel werkt ze als vrijwilliger mee aan een onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) naar vogelgedrag tijdens de zonsverduistering.
In haar achtertuin in het Friese dorpje Nes, vijf minuten van Moddergat, hangt daarom sinds begin maart een Portable Universe Codec (PUC). Dit luisterkastje, niet groter dan een appel, registreert vogelgeluiden tot zo’n 20 meter afstand en herkent automatisch de soort. Al het menselijke geluid wordt er uitgefilterd, zegt Van der Elst. ‘Ik heb de buren verzekerd dat hun roddels niet worden opgenomen.’
De data van de luisterapparatuur komt ook terecht bij onderzoeksleider Theo Jurriens van de RUG. ‘De afgelopen weken heb ik intensief bijgehouden welke vogels er elke avond te horen zijn in de regio, om te vergelijken met de avond van de eclips’, zegt de sterrenkundige. De kastjes plaatste hij op plekken waar zo weinig mogelijk kunstmatige verlichting is.
Met het onderzoek hoopt Jurriens vooral te zien hoe goed de gedragsveranderingen meetbaar zijn: ‘Menselijke waarnemers kunnen minder nauwkeurig vaststellen welke vogels actief zijn en in welke mate.’ Daarnaast ziet hij de zonsverduistering als een mooie kans voor burgerparticipatie in universitair onderzoek. ‘Dat maakt mensen nieuwsgierig naar de wetenschap. Of het nou naar vogels luisteren is, of wormen tellen in je tuin.’
Het is ingewikkeld om onomstotelijk vast te stellen of gedragsveranderingen door de zonsverduistering komen, zegt Jurriens. ‘Ontzettend veel factoren hebben invloed op de natuur. Het is wel een geluk dat het weer al de hele week redelijk constant is.’
Het gedrag van dieren bij een zonne-eclips was in het verleden al een dankbaar onderwerp van gesprek. ‘Het vee, dat den vollen dag eensklaps in nacht verandert ziet, verschrikt en schuilt’, schreef De Curaçaosche Courant over de totale zonsverduistering van 8 juli 1842 in Frankrijk. Het Algemeen Handelsblad tekende op dat er destijds een ‘volmaakte rust heerschte, daar zelfs de vogels hun zangkoor staakten’.
Herinneringen aan de gedeeltelijke eclips van 30 juni 1954 in Nederland, toen de zon voor 85 procent werd bedekt, waren de directe aanleiding voor dit onderzoek. ‘De senioren die ik heb gesproken’, vertelt Jurriens, ‘weten nog haarscherp: de kippen gingen op stok. Als zij gelijk hadden, zouden we dat nu weer moeten zien.’
Sinds de eeuwwisseling worden eclipsen vaker aangegrepen voor wetenschappelijk onderzoek. Zo werden in augustus 1999 in Wageningen kippen bestudeerd en in dierentuin Artis hielden vrijwilligers toen de gnoes, zebra’s en apen in de gaten. Onderzoekers van de Indiana University in Bloomington deden bij een totale zonsverduistering in 2024 ook al onderzoek naar vogelgedrag, met behulp van burgerwaarnemingen en geluidsopnames. Nadat het voor een aantal minuten aardedonker was geworden, gingen ruim twintig vogelsoorten zich vervolgens gedragen alsof het ochtend werd.
Aan dat onderzoek wil de RUG nu ook haar steentje bijdragen. Als om 20.11 uur de maan het grootste deel van de zon bedekt, monitort Van der Elst de data op haar schermen. Reageren de vogels ook bij deze gedeeltelijke eclips? De huiszwaluwen en tortelduiven laten zich, net als eerder die avond, nog horen in haar tuin, registreert het luisterkastje. Ook in de kwelder heerst geen doodse stilte. ‘Ik zie wel veel minder vogels dan de afgelopen dagen’, merkt Van der Elst op, ‘maar er zijn hier dan ook veel meer mensen dan normaal.’
De mens is ook goed in gedragsveranderingen teweegbrengen, denkt ze. ‘Bijna elke week vliegen hier straaljagers van Defensie over. Ik denk dat de vogels meer van die herrie in de war raken.’ Voor kunstprojecten houdt Van der Elst zich bezig met de invloed van geluid op mens en natuur.
Een minuut of tien na het hoogtepunt van de eclips stijgt een grote groep meeuwen op vanaf de vloedrand. Het heeft wat weg van een reactie op de zonsverduistering. ‘Maar het kan ook met de getijden te maken hebben’, zegt Van der Elst. ‘Je ziet al snel wat je wil zien.’
Of de geluidskastjes wel gedragsveranderingen kunnen aantonen, moet nog blijken. De komende dagen staan voor Theo Jurriens in het teken van uren aan getjilp en gekwetter analyseren. Donderdagochtend kon hij nog niet veel melden over de resultaten. Wel toonden metingen volgens hem dat de helderheid van de lucht op het hoogtepunt van de eclips vergelijkbaar was met het moment net na zonsondergang. ‘Dus we gaan zien of de vogels dat ook zo hebben geregistreerd.’
Snaveltjes toe of niet: het onderzoek is sowieso bruikbaar, zegt de sterrenkundige. Bij de vergelijkbare zonsverduistering van 1999 deed de RUG al onderzoek naar het gedrag van eekhoorns. ‘Die deden eigenlijk niets bijzonders. Maar dan weten we dat ook weer.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant