Van kleding tot toiletpapier: bamboe heeft een zeer groen imago.
Is het echt zo duurzaam? Soms blijkt een plastic tandenborstel toch beter.
schrijft voor de Volkskrant over praktische kwesties uit het dagelijks leven en (duurzaam) reizen.
Wc-papier. Sokken. Snijplanken. Huizen. Tandenborstels. Meubilair. Maandverband. Wegwerpservies. Het lijkt alsof tegenwoordig alles van bamboe gemaakt kan worden. De marketingbelofte is dat het de perfecte, groene vervanger is voor onder andere polyester kleding, plastic en hout. Maar hoe duurzaam is bamboe in de praktijk?
Bamboe is geen boom, maar een verzamelnaam voor zo’n vijftienhonderd snelgroeiende grassoorten. Na de oogst groeit de plant gewoon weer verder omdat het wortelstelsel intact blijft. Sommige soorten schieten wel 19 centimeter per dag de lucht in en nemen enorm veel CO2 op. Bovendien is er weinig water voor nodig. ‘Door al deze eigenschappen heeft bamboe een zeer groen imago’, zegt Katja Loos, hoogleraar polymeerchemie aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Het lift mee op ons verlangen naar duurzaamheid en het negatieve imago van plastic. Het is een enorme hype.’
Consumenten denken bij plastic aan slecht en bij bamboe aan goed. ‘Helaas is het niet zo simpel’, zegt Angela Bolt van Milieu Centraal. Ten eerste speelt de herkomst een rol. De meeste bamboe komt per schip uit Azië. ‘De milieulasten hiervan zijn ondoorzichtig. Denk aan transport, maar ook hoe het wordt geteeld en wat ervoor heeft moeten wijken.’ Bolt adviseert te letten op het FSC-keurmerk voor duurzame bosbouw.
Beter Leven
In de rubriek Beter Leven beantwoorden we, samen met experts, praktische vragen op het terrein van onder meer gezondheid, geld en duurzaamheid. Zelf een vraag voor deze rubriek? beterleven@volkskrant.nl
De grootste milieu-impact zit volgens Bolt in de productiefase: hoe de grondstof wordt verwerkt en welke chemie daarbij komt kijken.
‘Je kunt bamboe net als hout op verschillende manieren toepassen’, legt Paulien Harmsen uit, senior onderzoeker biobased materialen aan de Wageningen Universiteit. ‘Dat kan mechanisch, als plank, als poeder gebonden met hars, of via een chemisch proces als bron van cellulosepulp. In die volgorde neemt de mate van bewerking, en dus de milieubelasting, flink toe.’
Neem de kledingindustrie, waar zachte bamboesokken als ecologische wondermiddelen gelden. ‘Een harde grasstengel wordt niet zomaar flexibel textiel’, zegt Harmsen. In theorie kun je bamboe mechanisch spinnen, zoals vlas of hennep. ‘Dit zie je in de winkels bijna nooit omdat het kostbaar is en de stof te stug aanvoelt. Het zachte bamboetextiel is vrijwel altijd viscose, gemaakt uit de cellulose die uit bamboe wordt gewonnen. Hierbij worden de stengels eerst chemisch tot een pulp gekookt en daarna met chemicaliën opgelost om er nieuwe draden van te spinnen.’
In een gesloten systeem waar alle reststoffen netjes worden opgevangen en hergebruikt, blijft de schade beperkt. ‘Maar als dat niet gebeurt en deze chemicaliën in het milieu terechtkomen, wordt de milieuwinst ten opzichte van andere grondstoffen grotendeels tenietgedaan’, zegt Harmsen. Ook claims over de gunstige eigenschappen van bamboe voor de huid, zoals een antibacteriële werking, zijn na deze intensieve behandeling twijfelachtig. ‘Het is onder de streep gewoon een reguliere cellulosevezel geworden met dezelfde eigenschappen als cellulose uit andere plantaardige bronnen.’
Ditzelfde geldt voor bamboetoiletpapier, dat eveneens uit cellulose bestaat. Het wordt vaak aangeprezen als een groen alternatief voor regulier toiletpapier. ‘Maar bamboe wordt voor toiletpapier niet gerecycled, dus het wordt altijd van nieuwe, vers geoogste vezels gemaakt’, legt Bolt uit. ‘Gerecycled papier is dan een betere keuze, want dat is een bestaande, circulaire stroom.’
Ook bij harde gebruiksvoorwerpen die glad aanvoelen, zoals tandenborstels en serviesgoed, is de ecologische belofte vaak al vervlogen, zegt Loos. ‘Mensen zien een houtkleur en denken dat het puur natuur is. Maar als het product zo glad aanvoelt als plastic, dan is het in feite ook plastic.’ Om van losse houtsnippers of bamboepoeder een stevige vorm te persen, gebruiken producenten een kunststofhars als bindmiddel, vaak melamine-formaldehyde, legt Loos uit.
Zo’n samengesteld product heeft grote gevolgen voor de afvalfase. Loos: ‘Zo’n mengsel vormt een polymeernetwerk dat onmogelijk te recyclen is. Deze producten belanden na gebruik onherroepelijk in de verbrandingsoven voor restafval.’
Uiteindelijk ligt het aan de fabrikant hoe goed en duurzaam het product is, van transport tot aan verwerking en afvalstromen. ‘Onder de streep is een gewone, lokaal geproduceerde plastic tandenborstel dan soms een betere optie’, aldus Loos.
Als de natuurlijke structuur van de plant intact blijft, verandert de zaak. Hanne de Jong, stedenbouwkundig ontwerpster bij CB5 en medeorganisator van de universitaire Bamboo Challenge op de TU Eindhoven: ‘In de bouw is de potentie van bamboe groot. De trekkracht van bepaalde constructieve soorten is twee tot drie keer groter dan die van staal. In Azië bouwt men al duizenden jaren met pure stengels. Je kunt er ontzettend sterke constructies mee maken.’
In het Westen zien we bamboe nu vooral nog als decoratief materiaal, zoals op een vlonder of pergola. ‘In Azië bouwt men op maat omdat geen enkele stengel recht of hetzelfde is’, vertelt De Jong. ‘In de westerse wereld willen we vaak alles universeel, perfect gelijk en snel toepasbaar hebben. Daarvoor is onbewerkte bamboe minder geschikt.’
Vooralsnog duikt het materiaal in pure vorm hier vooral op in kleine gebruiksvoorwerpen, zoals wegwerpservies. Dat is volgens Bolt een betere keuze dan plastic, al plaatst ze er direct een kanttekening bij: ‘Je zou je moeten afvragen of je het wel echt nodig hebt. Uiteindelijk ligt de echte duurzaamheid niet in het materiaal, maar in simpelweg minder nieuwe spullen kopen en de spullen die je hebt zo lang mogelijk gebruiken.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant