Home

Elk jaar bezoeken ruim 15.000 Nederlanders het Hongaarse festival Sziget: wat zoeken ze daar? ‘Je moet hier eens in je leven geweest zijn’

Sziget-festival Vrijheid, muziek van metal tot klassiek, een zichtbare lhbti-gemeenschap en elke dag honderden acts voor een betaalbare prijs: duizenden Nederlanders bezoeken elk jaar het Sziget-festival in Hongarije. Na politiek spannende jaren onder Orbán kan Sziget nu „eindelijk weer vrij ademen”.

Nederlanders op de camping bij het Sziget-festival.

Bob Daan (41) kocht speciaal voor Sziget een auto. Een Suzuki Ignis, voor 375 euro en vol deuken. Met hulp van vrienden en familie knapte hij de auto op voor de rit van 29 uur van zijn woonplaats Haarlem naar Boedapest. „Het is een klein koekblikje, dat heuvelop niet harder gaat dan negentig kilometer per uur”, zegt Daan lachend, die voor zijn tent zit op het Nederlandse gedeelte van de camping op het muziekfestival in de hoofdstad van Hongarije.

Daan heeft een uitkering en spaarde het hele jaar om met zijn vrouw en zestienjarige dochter naar Sziget te kunnen. „Met mijn vakantiegeld en elke maand een paar tientjes opzijleggen hebben we net genoeg geld voor het festival”, zegt Daan. „We wilden dit voor geen goud missen.”

Drie keer eerder bezocht hij het festival. De eerste keer was hij ongeveer zo oud als zijn dochter nu. „Ik wil dat zij die ervaring ook meekrijgt. Dit festival moet je gewoon een keer meemaken: de vrijheid, de diversiteit aan muziek, eten en acts. Het is hier geweldig”, vertelt Daan stralend.

Daan is een van de zeker 15.000 Nederlanders die Sziget dit jaar bezoeken. Het Hongaarse festival geldt als een van de populairste buitenlandse festivals onder Nederlanders. Op het Óbuda-eiland in de Donau – Sziget betekent ‘eiland’ in het Hongaars – kunnen dagelijks maximaal 95.000 bezoekers terecht. Daarmee behoort het tot de grootste festivals van Europa.

Het was dit jaar even spannend of het festival wel zou doorgaan. Sziget werd vorig jaar teruggekocht door medeoprichter Károly Gerendai, nadat het sinds 2017 in handen was van festivalconcern Superstruct Entertainment. Dat concern, eigenaar van bijna honderd festivals wereldwijd, waaronder het Nederlandse Awakenings, de Zwarte Cross en Milkshake, maakte sinds 2023 verlies op Sziget. Dat kwam vooral door de stijgende productiekosten en torenhoge headlinerfees, terwijl de bezoekersaantallen sinds de coronacrisis lager zijn dan ervoor.

Veel Hongaarse artiesten

Door de overname kwamen de artiestenboekingen pas laat op gang. Aan echt grote headliners ontbreekt het dan ook dit jaar. Al zijn de podia afgeladen bij artiesten als Twenty One Pilots, Zara Larsson en Sombr. Wat vooral opvalt is het hoge aantal Hongaarse artiesten, waar Sziget dit jaar bewust op heeft ingezet om ook meer Hongaren te trekken. En dat werkt: het publiek gaat uit zijn dak bij folk-punkband Bohemian Betyars en bij de oude rockers van Tankscapda die vooral populair waren in de jaren negentig.

Bezoekers tijdens een optreden op het Sziget-festival in Hongarije.

Ook politiek was het afgelopen jaar spannend. Het festival werd jaren met argwaan bekeken door de Hongaarse regeringen van Viktor Orbán, onder meer vanwege de zichtbaarheid van de lhbti-gemeenschap op het festival. Na de parlementsverkiezingen in april, waarbij regeringspartij Fidesz voor het eerst in zestien jaar de meerderheid verloor, kon Sziget „eindelijk weer vrij ademen”, zegt Sziget-directeur Tamás Kádár.

„Een jaar geleden moesten we bij de lhbti-tent nog een bordje plaatsen dat het verboden was voor minderjarigen”, zegt Kádár. Onder de regering van Viktor Orbán werd een homofobe wet ingevoerd die zogenoemde ‘homopropaganda’ voor minderjarigen verbood. „Gelukkig trappen Nederlanders daar niet in”, zegt Kádár. „Jullie zijn een open en tolerant publiek.”

Nederlandse invasie

Wat is het geheim achter de populariteit van Sziget onder Nederlanders?

„Je kunt op het festival bijna makkelijker Nederlands dan Engels praten”, zegt Luuk van den Eijnde (22). Hij staat met zijn Brabantse vriendengroep op het Nederlandse deel van de camping. Het is nog vroeg, maar na het ontbijt zijn de eerste halve liters bier al achterovergeslagen.

Van den Eijnde heeft een punt. Overal op het eiland, maar ook in de stad, klinkt Nederlands. De parkeerterreinen rondom het festival puilen uit met auto’s met gelenummerborden. En op het Nederlandse gedeelte van de camping staan veruit de meeste tenten.

De Nederlandse invasie begon met één man. „Een lange, kale man, met een ietwat louche overkomen”, lacht Sziget-topman Kádár als hij over de Nederlander Elroy Thümmler begint. Die was gek op het uitgaansleven in Boedapest en klopte in 2003 bij Sziget aan om kaartjes – toen nog papieren versies – in Nederland te verkopen. Het eerste jaar verkocht hij 160 tickets, het tweede jaar 800 en na vijf jaar al 8.000. Kadar: „Hij heeft de Nederlandse markt voor ons opgebouwd.”

Inmiddels is Sziget voor veel Nederlanders een bucketlistbestemming, zegt Judith Scheper (35), de internationale pr-manager van het festival. „Je moet hier eens in je leven geweest zijn.”

Sziget-directeur Tamás Kádár en pr-manager Judith Scheper.

Daar worden Nederlanders ook praktisch bij geholpen. In 2009 regelde Thümmler de Sziget Express, een trein die vanuit Nederland vertrekt met zo’n duizend festivalgangers. Al feestend worden de festivalgangers in zo’n twintig uur vanuit Amersfoort naar Boedapest gebracht. Ook staan er ieder jaar Nederlandse artiesten op het programma, onder wie dit jaar rapper Sef en dj Joris Voorn.

De populariteit onder Nederlanders heeft bovendien een geruststellend en veilig effect, zegt Scheper. „Veel ouders vinden Sziget een ideale bestemming als eerste buitenlandse vriendenreis voor hun kinderen.”

Maar het is ook gewoon een goede deal, zeggen broer en zus Mike (24) en Jessie Zeilstra (27). „Het duurt twee keer zo lang als een festival in Nederland, er is twee keer zoveel te zien en het is goedkoper dan Nederlandse festivals”, zegt Jessie. Bovendien is Boedapest ook een goede vakantiebestemming. Ze wil nog een badhuis bezoeken en de resten bekijken van een brug die tijdens de Tweede Wereldoorlog werd gebombardeerd en door de lage waterstand in de Donau weer zichtbaar is.

Jessie en Mike Zeilstra vinden Boedapest sowieso een goede vakantiebestemming.

Of ze daar tijd voor heeft, is de vraag. Dagelijks zijn er zo’n zeshonderd acts, er is een strand, bezoekers kunnen bungeejumpen en met een zipline over het publiek vliegen. Bovendien stopt Sziget nooit: de muziek gaat de hele nacht door en in de vroege ochtend beginnen de yogalessen.

Szisletten

Even verderop staat de vriendengroep van Dominique Moerkerk (23) te dansen rond hun tenten. Ook wel bekend als de Szisletten, zoals ze zichzelf hebben genoemd op een spandoek boven de tenten. Zij zijn juist niet op het Nederlandse gedeelte van de camping gaan staan om meer buitenlanders te ontmoeten. Maar het maakt weinig uit: ook hier klinkt Nederlands.

„Sziget is een beetje het Center Parcs van Hongarije”, zegt Moerkerk met een schorre stem. „Overal hoor je goedemorgen en goedendag.”

Dominique Moerkerk (23) met twee vriendinnen.

Maar waarom dan toch Sziget? Iemand in de groep begint over de vrijheid op het festival – de slogan van Sziget luidt: ‘Island of Freedom’ – maar Moerkerk onderbreekt hem meteen. „Het is vooral een mooi kostenplaatje en Sziget heeft een fijne vakantiesfeer.”

In de appgroep van Nederlanders op Sziget – met zo’n duizend leden – wordt ondertussen gezocht naar ‘de ragtent’. Het is geen technobunker of festivalact, maar een plek waar de bloemetjes en de bijtjes elkaar kunnen ontmoeten. Waar de tent precies staat – en of die überhaupt bestaat – is de vraag die de hele week rondgaat in de groep.

Daarnaast gaat het in de appgroep ook over andere festivalbehoeftes. ’s Ochtends over de rij bij de Aldi, de supermarkt die speciaal voor het festival op het eiland staat. ’s Middags komen de vragen van nieuwkomers over hoe alcohol het makkelijkst naar binnen kan worden gesmokkeld. En na middernacht poppen de berichten op over mensen die nog een likje, een nakkie of een snuifje hebben om te delen of te verkopen.

Sziget kwam in 2019 in het nieuws in Nederland nadat twee Nederlandse jongens van 21 en 22 jaar waren opgepakt wegens drugshandel. Het ging om een van de grootste drugsvangsten uit de geschiedenis van het festival. In een bestelbus lagen 2.700 xtc-pillen en 20 kilo aan joints – volgens de politie ging het om een straatwaarde van 300.000 euro. Ze waren makkelijk te traceren, want de twee hadden 5.000 geprinte prijslijsten bij zich met een telefoonnummer erbij. Uiteindelijk kregen ze vier jaar celstraf.

Van klassiek tot heavy metal

Maar Sziget is meer dan feesten, drugs en alcohol.

Sander Mes (37) en Annieck Mes (37) tillen hun bolderkar naar het strand. Ze bezochten Sziget al vaker, Sander zestien jaar geleden voor het eerst, maar dit jaar zijn ze er voor het eerst met hun dochters van zes en zeven. „De een houdt van klassieke muziek en de ander van heavy metal”, lacht Mes. „Als zij een leuke dag hebben, hebben wij dat ook.”

Sander en Annieck Mes namen voor het eerst hun twee dochtertjes mee.

Ze slapen op de familiecamping. Althans, slapen is daar lastig: de camping ligt precies tussen twee grote podia in. Al slapen de dochters door het lawaai heen. „We willen ze meegeven dat er verschillende mensen zijn”, zegt Sander. „Mensen die anders zijn dan de kinderen op het boerenschooltje in het dorp net buiten Maastricht waar we wonen.”

Dat is precies het beeld dat Sziget van zichzelf wil neerzetten: het is een festival voor iedereen. En de Nederlandse bezoekers zijn daar inmiddels onlosmakelijk aan verbonden. „We kunnen financieel zonder de Nederlanders”, zegt topman Kádár. „Maar we willen Sziget niet zonder hen.”

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next