Home

Zet de schijnwerper op de knoedel van goedbedoelde regels die het land verlammen

is columnist van de Volkskrant en werkt als adviseur voor overheden en maatschappelijke organisaties.

Een 81-jarige man die zorg nodig heeft en acht uur per week hulp krijgt met boodschappen en huishouden, blijkt ineens ‘werkgeverstaken’ te hebben als de hulp ziek wordt. Hij moet nu een ‘verzuimtraject’ organiseren met een ‘plan van aanpak’. Ander voorbeeld: voor een en dezelfde strook boerenland gelden drie wettelijke regelingen en die schrijven alle drie een andere strookbreedte voor aan een boer (en drijven zo de boer in kwestie tot waanzin). Nog eentje: iemand kan een verkeersboete niet betalen, maar moet die boete eerst laten oplopen voordat hij de ‘ondergrens’ heeft bereikt om een betalingsregeling te treffen.

De lijst is eindeloos. Sinds vijf jaar maken steeds meer ‘uitvoeringsorganisaties’, zoals uitkeringsinstanties, Rijkswaterstaat of de IND, overzichten van ‘knelpunten’: daar waar hun beleid botst op de werkelijkheid. Het idee ontstond mede na het toeslagenschandaal, toen pijnlijk duidelijk werd hoe weinig van de praktijk doordrong bij politiek en beleid.

De praktijkmensen zouden zeggen waar de boel vastliep en dan konden beleidsmakers dat oplossen. Nu is onder leiding van de Rotterdamse hoogleraar Sandra van Thiel onderzocht wat er met inventarisaties gebeurt. En dan blijkt: ‘Veel punten komen jaarlijks terug en worden dus niet opgelost.’ Soms halen de problemen de politieke agenda, maar vaak ook niet.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Die knelpunten zouden zich behalve voor menselijke verhalen lenen voor een zinvolle vorm van scorebordjournalistiek. Media zouden jaarlijks een top 10 van vreselijkste voorbeelden kunnen maken en bijhouden welke bewindspersoon de grootste of schadelijkste obstakels uit de weg ruimt. Kamerleden zouden kunnen scoren door uitwassen te helpen uitroeien.

Maar de vraag of politici levens van mensen werkelijk beter maken, is gek genoeg geen criterium waarop zij dagelijks worden afgerekend.

Niet dat aandacht en politieke druk voldoende zouden zijn. Ik luisterde naar twee generaties belastingfreaks, vader en dochter Philippe en Margot Albert. Hij heeft er als hoogleraar zijn levenswerk van gemaakt om iets te begrijpen van de bureaucratische koortsdroom die doorgaat voor ons belastingstelsel. Zij doet als ambtenaar verwoede pogingen om dat stelsel – één grote knoedel van knelpunten – te versimpelen. Ze waren te gast in de podcast In transformatie therapie.

Het lukte Margot niet om versimpelingen door de ambtelijke lagen en de politiek heen te krijgen, vertelde ze. Zo helder als iets aan die route begon, zo misvormd kwam het eruit. Albert noemt dat ‘het klassieke trappetje’: politiek geeft een opdracht, het beleidsdepartement schrijft en legt opties voor, de bewindspersoon kiest en de Kamer gaat in discussie. ‘De goede opties worden zo geamendeerd dat er een onbegrijpelijke trits uitkomt. Die wordt uitgevoerd door de uitvoeringsorganisatie en dan komt het een keer bij de burger. Niemand weet op dat moment meer precies waar het beleid toe diende en alleen als het écht misgaat, komt er weer een signaaltje terug bij de politiek.’

Zie de knelpuntoverzichten.

Zo is het dweilen met de kraan open. Volgens vader en dochter Albert moet je iedereen die iets met een onderwerp te maken heeft – van Kamerlid tot ambtenaar en van expert tot betrokkene – samen aan tafel zetten, laten bepalen wat eigenlijk de bedoeling is en dan sámen laten bedenken hoe je het voor elkaar krijgt. Daar zit iets riskants aan – geen enkele oplossing is apolitiek en de scheiding der machten is niet voor niets bedacht – maar slechter dan nu kan het resultaat, in elk geval op belastinggebied, niet zijn.

Dat proberen zij nu zelf te organiseren. Stervelingen als u en ik helpen hen met een testje op stelsellab.nl de absurditeit van het stelsel te begrijpen. Met vragen als: ‘Ruben verkoopt na vijf jaar zijn woonhuis met 150 duizend euro winst. Melissa verkoopt na vijf jaar haar bedrijf met 150 duizend euro winst. Wie zou er meer belasting moeten betalen?’

Dat soort vragen – de huidige praktijk is vaak volstrekt onlogisch – raakt aan een nog fundamentelere oorzaak waardoor onze overheid vastloopt: wij zijn het gewoon gaan vinden, verlángen zelfs dat de overheid elke denkbare situatie stimuleert, dempt, verplicht of verbiedt. Philippe Albert spreekt met aanstekelijke bevreemding over het feit dat wij allemaal als brave sukkels over de hele linie extra belasting betalen om talloze douceurtjes en stimuleringsmaatregelen mee te betalen.

En hij legt ook uit hoe dat komt. Elke regeling op zích is logisch. Giften minder belasten, klinkt goed. Start-ups stimuleren, klinkt goed. Stuk voor stuk klinkt alles goed. Achter elke uitzondering zit een begrijpelijk belang. En vaak een lobby. Zijn devies: begin er állemaal niet aan. Haal volgens afgesproken tarieven belasting op en klaar. Geen uitzonderingen. Geen stimuleringsmaatregelen of ontmoedigingsbeleid.

Met al die op zichzelf te verdedigen deelbelangen worstelt ook Eric van der Burg, die de ondankbare taak heeft om als staatssecretaris de overheid ‘slagvaardig’ te maken én er zwaar op te bezuinigen. Iedereen wil minder regels, met uitzondering van de regels in zijn voordeel, vertelt hij in een aflevering van dezelfde podcast. En alle regels werken in íémands voordeel.

Dus zet de schijnwerpers op de praktijk en gooi de besluitvorming om. Maar zet je ook schrap. Want je kunt op een hoop schrijnende situaties wijzen als gevolg van een teveel aan regels. Zodra je de boel simpeler maakt, zullen er dáárdoor schrijnende situaties zijn. En dan moet de overheid dus niet toch weer proberen voor elke situatie een regeling te treffen. We zullen er vaker iets anders op moeten verzinnen. Verdragen we dat?

Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next