Home

Wat motiveerde de jongeren die naar Ceuta overstaken? ‘Fatin wilde meer in het leven dan op de begraafplaats werken’

Wat bewoog tienduizenden Marokkanen om eind juli de grens met het Spaanse Ceuta over te steken? Hebben zij een ander soort honger dan eerdere generaties migranten? ‘Ze kunnen hier wel werken, maar verdienen te weinig.’

is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over het Middellandse Zeegebied en migratie.

‘We deden alles samen. We gingen samen naar het strand. Samen naar de hamam. Samen naar de soek. En we werkten samen, op de begraafplaats hier om de hoek.’

Jamina Afelloun (56) staat met moeite op van de bank waarop ze ligt. Haar hele lichaam is doortrokken van het leed. Haar dochter Fatin Benomar Alazizi (26) is een van de migranten die eind juli naar de Spaanse exclave Ceuta probeerde te zwemmen, en daarbij omkwam. Volgens de Spaanse overheid vielen er minstens 88 doden bij de massale migratiepoging.

Het werk dat moeder en dochter deden op de begraafplaats van Tetouan bracht niet veel op. Ze boenden en schilderden de graven. En verkochten water en mirtetakken bij de toegangspoort. ‘Alleen op donderdag en vrijdag’, zegt Jamina. ‘Dat zijn de dagen waarop de familie de graven bezoekt. In de zomer tenminste, in de winter is het minder druk, dan regent het vaak.’

Fatin, die in haar vrije tijd een fanatieke voetballer was, maakte zich altijd zorgen over wat er betaald moest worden, vertelt haar moeder. De huur, water en elektriciteit, eten. ‘Ze wilde meer in het leven’, verzucht ze. ‘Niet voor altijd op de begraafplaats blijven werken.’

Nieuwe tombe

Ook op de donderdag dat de poorten naar de Spaanse exclave open leken te gaan, was Jamina buiten bij de begraafplaats. Ze zag busjes vol jongeren in de richting van de Spaanse grens rijden. Snel liep ze naar huis om het tegen haar zoon te zeggen. ‘Maar Fatin en haar zusje hoorden me. Zij zijn toen ook vertrokken.’

Twee van haar kinderen haalden Ceuta. Zij zijn nog daar. Maar Fatin werd, onder de blauwe plekken en herkenbaar aan het voetbalshirt dat ze altijd droeg, teruggevonden op de rotsen. Jamina droogt haar tranen met de punten van haar hoofddoek, als ze erover vertelt. Op de begraafplaats, tussen de schots en scheve graven, is nu een nieuwe tombe ingepast. Nog glimmend wit.

Onbegonnen werk

Het was een intocht van migranten zoals niet eerder gezien in een van de Spaanse exclaves in het noorden van Afrika. Op 30 en 31 juli kwamen er zo’n 72 duizend migranten binnen, voornamelijk Marokkanen. Voor de Marokkaanse en Spaanse grenswachten was het onbegonnen werk om al die mensen tegen te houden.

Hoe kon deze ongekende migratiebeweging op gang komen? Daarover bestaan sindsdien meerdere theorieën. Misschien liet Marokko de aandacht aan de grens expres verslappen, uit onvrede over een recent bezoek van de Spaanse premier aan de Algerijnse president. De Spaanse inlichtingendienst pleit Marokko echter vrij: er zou geen doelbewuste strategie achter de exodus van Marokkanen zitten.

Anderen opperen dat Algerije juist wilde stoken in de verhoudingen tussen Spanje en Marokko, die de laatste jaren uitstekend zijn. Of misschien wilden de VS en Israël Spanje een lesje leren, als meest kritische lid van de Navo en de EU, bijvoorbeeld als het gaat om de genocidale oorlog die Israël voert in Gaza.

Het Marokkaanse ministerie van Binnenlandse Zaken wijst sociale media aan als verklaring, en ook mensensmokkelmaffia’s die uit eigen belang de berichten over de geopende grens verspreidden.

Andere motieven

‘Maar die verklaring gaat voorbij aan iets belangrijks’, zegt Abdelhamid Beyuki (65), een migratiedeskundige uit Noord-Marokko. ‘En dat is dat de jongeren in dit land redenen hebben om zich te laten meevoeren in deze migratiegolf – of de Marokkaanse autoriteiten dat nu willen erkennen of niet.’

Beyuki stak zelf lang geleden illegaal de grens over naar Spanje. Nu brengt hij de zomer door in de buurt van Tetouan. Hij zag hoe jongeren uit zijn directe omgeving halsoverkop naar Ceuta vertrokken.

‘De motieven van een migrant in de 21ste eeuw zijn anders dan in de 20ste eeuw’, benadrukt Beyuki. ‘Deze jongeren gaan niet dood van de honger. Maar nog steeds is de wanhoop zodanig dat jongeren bereid zijn hun leven te wagen.’

Dat betekent dat de regering van Marokko heeft gefaald, stelt hij. ‘De regering zou moeten erkennen dat ze een deel van de verantwoordelijkheid draagt voor de uittocht van deze jongeren. Weet je dat er in dit land een officiële Adviesraad voor de Jeugd is? Waar is die raad? En trouwens, waar is de premier? Die is nog niet naar buiten getreden sinds de gebeurtenissen in Ceuta. Integendeel, hij ging op vakantie naar Mallorca. Jongeren zien daarin de bevestiging dat alles wat er is gebeurd de bestuurders van dit land geen zier interesseert.’

Geldzorgen

Waarom vertrokken al die tienduizenden Marokkanen spoorslags naar hun Europese buurland, toen de kans zich leek voor te doen? Hoe dichter je bij de Marokkaans-Spaanse grens komt, hoe simpeler het antwoord wordt. Namelijk: uit armoede.

In Fnideq, de grensplaats die vlak tegenover Ceuta ligt, woont Fadoua Allam (40), moeder van zeven kinderen. Ze werkt soms als serveerster op bruiloften, voor omgerekend 15 euro per keer. Haar man is beveiliger en verdient 7 euro per dag. Het is genoeg om van te eten en een klein appartementje te bewonen, veel te weinig om uit de geldzorgen te raken.

Nadat Fadoua ’s nachts had gewerkt op een huwelijksfeest, ontdekte ze dat twee van haar kinderen naar Ceuta waren gegaan: Dina, 13 jaar, en Youssef van nog maar 8.

Op zoek naar Youssef

Nog in haar serveersterskleding haastte Fadoua zich naar de grens om haar kinderen te gaan zoeken. ‘Ik kan goed zwemmen’, zegt ze. ‘Dus ik zwom naar Ceuta. Ik was er zo.’ Dina vond ze snel, in een loods waar minderjarigen worden opgevangen. Maar Youssef was er niet.

‘Meer dan twee dagen en nachten ben ik door Ceuta gelopen, langs alle opvangcentra, door alle wijken, op zoek naar Youssef’, vertelt Fadoua, inmiddels weer thuis. ‘Ik werd gek van angst. Ik dacht: Youssef is verdronken in zee. Maar toen, op de derde dag, hoorde ik op straat: mama! Toen heb ik hem heel stevig in mijn armen gesloten.’

Youssef wilde naar zijn broer van 14, die al eerder Spanje wist binnen te komen en daar nu naar school gaat, vertelt zijn moeder. ‘Die twee waren altijd samen. Ze sliepen naast elkaar in de woonkamer. Overdag verkochten ze flesjes water aan wachtende automobilisten voor de douane. Voor Youssef was zijn broer zijn steun en toeverlaat.’ Nu is de jongen op zichzelf aangewezen, ook wanneer hij, zoals vandaag, zakdoekjes aan het verkopen is op het strand.

De oudste dochter van Fadoua is ook al in Spanje. Haar schoolfoto’s hangen op een prominente plaats in de woonkamer. Wanneer je Dina, nu het grootste kind in huis, vraagt waarom zij naar de grens trok, kijkt ze eerst weg, en begint aan de bank te plukken. Dan springen de tranen haar in de ogen.

Het is de armoede, zegt haar moeder ten slotte. ‘Ik heb zelf geen opleiding kunnen doen’, vertelt ze. ‘Ik droom ervan dat mijn kinderen dat wel kunnen.’

Economische groei

In Marokko is te zien hoe het land zich in een razend tempo ontwikkelt. Er zijn nieuwe snelwegen en hogesnelheidstreinen. Havens worden aangelegd, gebouwen worden uit de grond gestampt, de grote steden kennen prachtige parken en lanen met groen verend gras. De groei van het bruto binnenlands product bedroeg vorig jaar volgens de Wereldbank 4,9 procent, het hoogste cijfer in tien jaar.

‘Maar je kunt je afvragen: in hoeverre bereikt die economische groei de bevolking als geheel?’, zegt migratiedeskundige Beyuki. ‘Om een voorbeeld te noemen: de staat van de zorg en het onderwijs is tamelijk betreurenswaardig.’

Jonge Marokkanen zien de vooruitgang om zich heen en willen niet achterblijven. Beyuki: ‘De jongeren van nu willen succes in het leven. Ze kunnen hier in Marokko werken, maar verdienen te weinig. Ze willen ook een auto kunnen kopen, op vakantie en uit eten kunnen gaan.’

Tussen de migranten in Ceuta bevonden zich opvallend veel vrouwen. Zij hebben een extra argument om Marokko te verlaten, ziet Beyuki. ‘Ze willen meer vrijheid. In Marokko worden ze constant in de gaten gehouden. Deze meiden willen onafhankelijk zijn.’

Theater maken

Als zo veel mensen in één keer vertrekken, spelen er verschillende motieven. Beyuki vertelt dat hij in een radio-uitzending zat met een jongen die met zijn creditcard en twee telefoons naar Ceuta was vertrokken. Hij wilde theater maken, en zag daartoe in Marokko te weinig kansen.

‘De zoon van vrienden van mij was ook in Ceuta’, zegt Beyuki. ‘Zijn familie behoort tot de oude elite van Tetouan, zijn vader werkt bij het ministerie van Financiën, zijn moeder is docent. Hij is 18, geslaagd met goede cijfers, rijdt al in de auto van zijn vader. Dan vraag je je af: wat heeft hij nodig?’

‘Hij zei: ik was buiten op straat met mijn vrienden toen we hoorden dat Ceuta open was. Al snel zei iemand: we gaan erheen! Stel dat ik niet was meegegaan. Dan zou ik de rest van mijn leven als lafaard bekendstaan onder mijn vrienden.’

Maanden werkloos

Toch zijn dit uitzonderingen. Veelal zijn het geen mondaine verlangens die Marokkaanse jongeren naar Ceuta drijven. Youssef Derraz (23) liep uit Tanger helemaal naar Tetouan; een tocht van 14 uur. Pas op het laatste stuk naar de Marokkaans-Spaanse grens vond hij een taxi.

‘Eerst zag ik op sociale media de berichten over de open grens’, vertelt Youssef. ‘Ik dacht dat het nepnieuws was. Totdat een vriend mij belde vanuit Ceuta: kom ook, het is heel makkelijk.’

Tot dan toe had Youssef nooit serieus aan migratie gedacht. Hij studeert rechten, spreekt vloeiend Engels, heeft verschillende baantjes gehad waarmee hij redelijk verdiende. Maar eind juli was hij al twee maanden werkloos. ‘Mijn moeder is gescheiden’, zegt Youssef. ‘Ik ben de oudste man in het gezin en moet dus voor de rest van de familie zorgen. Ik dacht: misschien kan ik in Spanje gemakkelijker werk vinden.’

Eenmaal in Ceuta bleek dat vies tegen te vallen. Tot zijn verbazing zag Youssef dat er duizenden mensen samendromden in de exclave. Meteen begreep hij dat zijn plan kansloos was. Na een etmaal, waarin hij op straat sliep, besloot hij terug te keren naar huis.

Groeiende ongelijkheid

Tanger is zo’n Marokkaanse stad waar de ongelijkheid steeds dichter aan de oppervlakte komt te liggen. Overal verschenen de laatste jaren hippe kledingwinkeltjes en koffiezaakjes.

In de zomer is de stad vol Marokkanen, uit binnen- en buitenland, die zich ineens tot de rijken kunnen rekenen. Uit hun mond hoor je Arabisch, Nederlands en Vlaams, Frans en Spaans, auto’s dragen nummerplaten uit die landen.

De vakantievierders flaneren in hun mooiste kleren door de kashba, het oude gedeelte van de stad. De vrouwen houden lange fotosessies bij fraaie doorkijkjes en geometrische mozaïeken.

Maar even verderop snuiven kinderen lijm in de parken. Of ze lopen met een grote schaal gebak door de stad, avondenlang, om zo wat geld te verdienen. Of ze proberen zakdoekjes te slijten aan de binnen-en buitenlandse toeristen op het strand. Ongetwijfeld ervan dromend om ooit óók bij die succesvolle groep te horen.

Nieuwe poging

Inmiddels circuleert er in Marokko een oproep op sociale media om zaterdag 15 augustus opnieuw naar de grenzen van Ceuta en Melilla – die andere Spaanse exclave – te gaan.

De Marokkaanse autoriteiten nemen die oproep heel serieus. Bij de grensovergang is te zien dat tientallen politiebusjes en enkele waterkanonnen paraat staan. Langs zee wordt in ijltempo een hoog hek met prikkeldraad neergezet. Ook verder van de grens is de boulevard van Fnideq afgeschermd met dranghekken. Politieagenten staan opgesteld op het strand om te voorkomen dat mensen via zee Ceuta proberen te bereiken.

Maar Youssef, de rechtenstudent uit Tanger, denkt niet dat er een herhaling komt van 30 en 31 juli. ‘Dit gaat rond op sociale media om de politie bezig te houden’, zegt hij met een lach.

Zelf gaat hij het in elk geval niet nog een keer proberen. Niet alleen omdat hij heeft gezien dat het zinloos is. ‘Ik heb net een nieuwe baan gevonden’, zegt hij. ‘Als journalist.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next