is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over natuur en biodiversiteit.
Natuurbranden zijn tot de vaste rituelen van de zomer gaan behoren. Dat krijg je ervan als je massaal dennen aanplant en niet op tijd ingrijpt.
Begin dit jaar hingen rookwolken boven het Drents-Friese Wold en het Dwingelderveld. De heide stond in de hens. Geen haan die ernaar kraaide; geen journalist rukte uit.
De brand was aangestoken. Door de brandweer, die met zo’n ‘gecontroleerde brand’ de begroeiing laag houdt zodat bij een ‘echte’ natuurbrand de hoge grassen geen brandstof vormen. Vuur tegen vuur dus, een paradoxale geneeswijze. De methode bestaat al lang, maar is in Nederland in onbruik geraakt. Tijd om hem in ere te herstellen.
Natuurbranden zijn in een paar jaar tijd vaste zomerrituelen geworden. Niet alleen ligt de directe oorzaak meestal bij de mens, ook in het natuurbeheer is iets misgegaan.
Neem de Boshuizerbergen, het Natura 2000-gebied waar deze week het vuur woedde. De kern van het Limburgse gebied bestaat, of bestond, uit zo’n vierduizend jeneverbessenstruiken. ‘Op een nevelige voor- of najaarsavond doemen de gestalten van jeneverbes, voor mensen met veel fantasie, op als angstaanjagende demonen’, schrijft de website Flora van Nederland.
In deze rubriek geeft Jean-Pierre Geelen, natuurredacteur van de Volkskrant, zijn persoonlijke commentaar op opmerkelijke confrontaties tussen mens en natuur.
Om de Limburgse jeneverbessen ligt zo’n 200 hectare naaldbos. En daar zit hem de kneep. Eind 19de eeuw en begin vorige eeuw werden er massaal snelgroeiende dennen aangeplant. Voor de houtproductie, en om de zandgrond vast te houden. Nu zijn ze brandhout voor de vlammenzee. Hun hars is als olie op het hellevuur.
Dat die aanplant onverstandig was, zagen natuurbeheerders al. Vandaar dat in het gebied al loofbomen zijn geplant, die meer vocht vasthouden. Te laat: loofbomen hebben wel twintig jaar nodig om op formaat te komen. Dan is het kalf al verdronken.
Dat het in Limburg zou misgaan, mag niet verbazen. Op 7 juli berichtten regionale media al: ‘Natuurbrandrisico in Noord-Limburg neemt toe: veiligheidsregio schaalt op naar fase 2’.
Op natuurbrandrisico.nl, een site van de landelijke brandweer, verkeert het hele land in fase 2. Oftewel: ‘Wees extra alert, gebruik het gezonde verstand en meld verdachte zaken meteen via 112.’
De alarmfase is het nieuwe normaal. Ook daarom is het boek Als alles brandt (eind vorig jaar in vertaling verschenen) van de Amerikaanse antropoloog Jordan Thomas een aanrader. Nadat hij als brandweerman had gewerkt in de bossen van Californië, concludeerde hij dat bosbranden in de VS groter en heviger zijn dan ooit tevoren. Door klimaatverandering, maar ook doordat de mens de bossen zo heeft aangelegd dat ze branden als haardhout.
‘De branden zullen komen, maar het zijn onze politieke keuzes die zullen bepalen hoe heftig ze zullen zijn’, schrijft Thomas.
In zijn boek beschrijft hij hoe oorspronkelijke bewoners in de VS eeuwenlang hun gevarieerde landschap creëerden met gecontroleerde branden. De nieuwe mens uit Europa moest daar niets van hebben en verbood het. Een kapitale fout, volgens Thomas. Zijn conclusie: ‘We moeten het verbranden van fossiele brandstoffen danig omlaagbrengen, het opzettelijke branden van onze landschappen opvoeren en de mensen ondersteunen die bezig zijn om de zich voltrekkende rampen die onze maatschappij zelf over ons heeft afgeroepen, binnen de perken te houden.’
Kortom: steek eens vaker een bos in de fik. Een verfrissend idee in hete tijden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant