Bloemencorso De bouwers van de praalwagens voor de jaarlijkse Bloemencorso in Leersum hebben het gemerkt: door de aanhoudende droogte zijn de bloemen kleiner dan normaal. Niettemin zijn de praalwagens indrukwekkend.
De dahlia’s voor de praalwagens van de Leersumse Bloemencorso waren dit jaar door de droogte kleiner dan normaal
Het bestuur van de Leersumse Bloemencorso was vrijdagavond langs alle opbouwplaatsen in het dorp gegaan. In de zinderende hitte waren de deelnemers al twee dagen aan het werk: kleine teams nietten duizenden dahlia’s op hun praalwagens. Sommigen gingen door tot in de ochtend van zaterdag. En de dahlia’s zelf – die donderdagochtend waren aangekomen – bleken kleiner dan normaal.
Ze hebben de regels voor de jaarlijkse Bloemencorso maar aangepast, vertelt bestuurder Marion Vonk: eigenlijk mag je uitsluitend dahlia’s gebruiken om de praalwagens te versieren. Nu mag je, wegens het bloementekort, dahlia’s aanvullen met stof.
Het klimaat verandert, daar is geen ontkomen meer aan, zegt vrijwel iedereen in Leersum. Maar overdag, zaterdagmiddag, is niets meer te merken van de droogte en hitte waar de dahlia’s voor de 74e Leersumse Bloemencorso afgelopen weken onder hebben geleden. Voor het eerst in tijden is weer een regenbui, de lucht is koeler, en er hebben zich zoals elk jaar tienduizenden mensen verzameld in het centrum. De fanfare speelt, er is bier, friet, suikerspin, een draaimolen en gezelligheid.
Bloemencorso in Leersum
Brenda van de Veen is al in januari begonnen om de maquette voor de reusachtige Western Saloon te tekenen en vanaf april is haar team gaan bouwen aan de praalwagen die vandaag door de straten van haar dorp rijdt. Het team voert tijdens de optocht een complete voorstelling op op de praalwagen, waarin de sheriff (Brenda) een ontsnapte dief vangt. Het is een keiharde competitie maar iedereen hielp elkaar, zegt Brenda, toen donderdagochtend bleek dat er te weinig dahlia’s waren. „We keken bij elkaar wie over had van de ene of de andere kleur.”
Brenda van de Veen.
Ook de scouts Mirthe, Roos en IJsbrand (van 17 en 18 jaar) zijn met hun scoutingvrienden ruim een half jaar bezig met de opbouw van hun praalwagen: drie kamelen waarvan het hoofd beweegt tijdens de optocht. Drie als Arabieren verkleedde scouts begeleiden de praalwagen tijdens de optocht. De praalwagen heet ‘Een oase vol rijkdom’, en zal achteraf de eerste plaats winnen in de categorie ‘Middelgrote Praalwagens’. Ja, de dahlia’s zijn gekrompen, vertelt Mirthe, vergeleken met vorig jaar. En de kleur rood was er niet. Maar zoals met alle klimaatverandering die de komende jaren zal voorkomen, zegt IJsbrand: „Je moet creatief zijn en oplossingen vinden voor de problemen die ontstaan. Het loopt wel los.”
En het moet gezegd, de praalwagens zijn indrukwekkend. Metershoge bewegende sprookjesscènes, bedekt met dahlia’s, komen voorbij. Een slang die het hoofd beweegt en zelfs water spuit uit de mond. De voorzitter van het bestuur die de optocht via speakers aan elkaar praat, roemt de inzet en creativiteit van de Leersumse bevolking en de gemeenschapszin die de Bloemencorso elk jaar teweegbrengt. Hij bedankt de deelnemers even in het Oekraïens om de Oekraïense kinderen die hier een zomervakantie doorbrengen welkom te heten. Een rijtje Oekraïense jongens op de hoofdtribune klapt heel hard.
De kamelenpraalwagen viel in de prijzen.
Greet de Groot (88) heeft alle 74 Leersumse bloemencorso’s gezien, schat ze in. Haar man, die niet meer leeft, maakte vroeger praalwagens – hij was er maandenlang mee bezig, vertelt ze, met een team van de vakbond CNV waar hij werkte. Zelf regelde ze de distributie voor de Doornse Courant, die niet meer bestaat, en verzamelde ze papieren advertenties – die contant per letter werden afgerekend. Nu zit ze op haar balkon met haar dochters, haar vriend en enkele vrienden te kijken naar de optocht. Wat haar opvalt? „Hij wordt elk jaar groter.”
Toen de corso hier in 1952 begon zaten er nog grote bloemenkwekers in deze regio. Die zijn er niet meer, de dahlia’s komen uit heel Nederland. En dat is een grote logistieke operatie: om met een praalwagen mee te doen in de categorie ‘grote praalwagens’ zijn er 60.000 dahlia’s nodig.
De Bloemencorso-cultuur is in 2021 uitgeroepen tot ‘Immaterieel erfgoed van de Mensheid’ door Unesco. „Een corso is meer dan alleen een optocht”, schrijft Unesco. „Het bouwen van de corsowagen en alles wat daarbij komt kijken, is een sociaal en creatief proces waar de hele gemeenschap gedurende een groot deel van het jaar mee bezig is. Jong en oud, man en vrouw werken samen, kinderen worden intensief bij het corso betrokken, en de cultuur wordt overgedragen van generatie op generatie. Daarmee leveren de corso’s een grote bijdrage aan de sociale cohesie van hun gemeenschap.”
Praalwagen vol dahlia’s bij de bloemencorso in Leersum