is journalist en documentairemaker.
Slechts één keer in de twee weken rijdt er een trein dwars over Cuba. Hij verbindt de hoofdstad Havana met Santiago de Cuba, de oude hoofdstad in het verre oosten van het eiland. Die reis duurt zo lang dat je twee keer de zon ziet ondergaan. Buiten het raam trekt de wereld voorbij waar in Europa inmiddels vaak over wordt gesproken. Een wereld zonder Amerikanen. Afgestraft, afgemat, maar niet gebroken.
Nog nooit sinds de revolutie van 1959 waren de Cubanen zo geïsoleerd als nu. De Amerikaanse president Donald Trump verklaarde in januari dat Cuba ‘een bedreiging voor de nationale veiligheid van de Verenigde Staten’ is en ‘de regio destabiliseert met migratie en geweld’. Het eiland zou een schuilplek zijn voor Amerika’s grootste vijanden.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
De Amerikanen sneden alle olietoevoer naar het eiland af na de inval in Venezuela en de ontvoering van president Nicolás Maduro. Venezuela was samen met Mexico tientallen jaren Cuba’s belangrijkste sponsor en voorzag in meer dan 70 procent van de brandstof voor het eiland. Nadat speciale eenheden Maduro hadden opgepakt, werden alle olietankers die van Venezuela naar Cuba voeren, gestopt. Trump bedreigde ieder land dat de olieboycot van Cuba zou breken met straf. Sindsdien klinken de dreigementen vanuit het Witte Huis onophoudelijk en wordt vrijwel wekelijks gezinspeeld op militair ingrijpen.
Voor de Cubanen betekent de toorn van Trump dat hun levens na meer dan zestig jaar van boycots en blokkades nog zwaarder zijn geworden. Als gevolg van de olieboycot leert het eiland leven zonder elektriciteit. In de verlammende hitte van deze zomer, met temperaturen richting 40 graden, is er vaak slechts een paar uur stroom.
De trein trekt urenlang langs onverlichte dorpen. De locomotief rijdt tergend langzaam, nog geen 40 kilometer per uur, om het instabiele spoor en de wagons zoveel mogelijk te sparen. De weeïge geur van urine uit de overstroomde wc bedwelmt de cabine.
Langs de spoorwegovergang wachten Cubanen met paard en wagen. De markante Chevrolets staan langs de kant van de weg omdat benzine niet te betalen is. De vuilophaaldienst zit ook zonder brandstof en ligt stil. Het huisvuil stapelt zich op langs het spoor en in de buitenwijken. Hoe verder de trein naar het oosten rijdt, hoe knokiger de lijven worden van de verkopers op de perrons.
De collectieve straf van Cuba laat de Nederlandse regering koud. De ontvoering van de Venezolaanse president Maduro werd niet veroordeeld. De toenmalige minister van Justitie Van Weel schreef aan het kabinet dat er wel vragen waren over ‘de verenigbaarheid met het internationaal recht’. Dat was het dan.
Nederland besloot in april 2025 de ambassade in Cuba samen met zeven andere ambassades te sluiten. Bezuinigingen. Dat besluit werd begin dit jaar uitgesteld, hoorde ik een diplomaat in Havana zeggen, na de ronkende oorlogstaal uit Washington. Hoopt Den Haag toch nog een graantje mee te kunnen pikken, mochten de Amerikanen hier echt binnenvallen en Cuba eindelijk aan het marktkapitalisme kunnen onderwerpen?
Geen van de Cubanen op de trein leek zich druk te maken over de geopolitieke storm waarin het eiland terecht was gekomen. ‘We zijn vreedzame mensen’, vertelde een medepassagier, ‘we houden niet van oorlog’. Het land ploetert al 67 jaar voort zonder Amerikanen, zonder Starbucks, zonder McDonald’s en zonder Apple. Op de daken verschijnen zonnepanelen. De benzinebrommers zijn ook ingewisseld voor elektrische motoren. Een wereld zonder big oil. Een wereld waar Rob Jetten van zei te dromen, voor hij premier werd.
Voor de Nederlandse regering gold altijd: de vijanden van Amerika zijn onze vijanden. We deden altijd mee als Washington ons nodig had in Afghanistan, in Irak. In dat oude standpunt lijkt voorzichtig verandering te komen na de mislukte oorlog in Iran. Is Cuba de volgende?
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant