is de ombudsvrouw van de Volkskrant.
Op Instagram vertelt een oud-deelnemer van B&B vol liefde hoe het haar verging, de eerste maand met een afslankmedicijn dat ze in de video steevast ‘de spuit’ noemt. ‘Het was echt mijn moment’, zegt ze. ‘De dag erna werd ik misselijk, dat was een bijwerking.’ Gelukkig kon ze mailen met het bedrijf dat haar het middel had verstrekt, het bedrijf achter deze reclame. En hop: vrijwel meteen kreeg ze een geruststellend antwoord.
De advertentie dook vorige week op op mijn Instagram. Ik keek de video opnieuw om te horen wat ze precies zei, en nog eens. Zoals dat gaat met algoritmes: inmiddels ben ik het mikpunt van bedrijven die in hun reclames ‘medisch afvallen’ aanbieden.
Het is nogal bevreemdend om die advertenties voorbij te zien komen, in de wetenschap dat er een flinke boete ligt bij de Volkskrant voor een keurig nieuwsbericht. Een kleine maand geleden werd bekend dat de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd het Algemeen Dagblad, NRC, De Telegraaf en de Volkskrant wil beboeten voor berichtgeving over afslankmedicijnen. Reclame, aldus het harde oordeel van de toezichthouder.
In de Volkskrant ging het om nieuws over een groot wetenschappelijk onderzoek naar de gezondheidseffecten van zogeheten GLP1-medicijnen. Het artikel is van begin 2025, pas deze zomer viel de boete op de mat.
Die week had ik een andere kwestie aan de hand. Aangezien veel nog onduidelijk was, leek het me goed om er later op terug te komen, als het stof wat meer zou zijn neergedaald. Meteen een disclaimer: veel helderheid is er nog steeds niet, al geeft het boeterapport een interessant, maar zorgwekkend inkijkje.
‘Ik ben echt in verwarring’, zegt de ervaren wetenschapsredacteur die het nieuwsbericht schreef. ‘Al bijna zeventien jaar schrijf ik over medicijnen, nog nooit heb ik iets van de Inspectie gehoord.’
Ze begrijpt dat er regels zijn voor geneesmiddelenreclame, en dat de journalistiek ook moet opletten. ‘Maar dit nieuwsbericht ging over de resultaten van een wetenschappelijk onderzoek waarover artsen enthousiast waren. Ik vind het lastig om te bepalen hoe het dan wél moet.’
De persvrijheid wedijvert hier met de Geneesmiddelenwet. Daarin staat dat het verboden is om publieksreclame te maken voor middelen die alleen op recept verkrijgbaar zijn. Volgens de wet is reclame ‘elke vorm van beïnvloeding met het kennelijke doel het voorschrijven, ter hand stellen of gebruiken van een geneesmiddel te bevorderen, dan wel het geven van opdracht daartoe’.
Daar zijn we het dan snel over eens, denkt u nu misschien, want het doel van de journalistiek is informeren, niet promoten. Toch zien de Inspectie en de bestuursrechter dat anders. Die laatste deed in april uitspraak in een beroep dat uitgeverij DPG Media had aangetekend vanwege twee al eerder beboete artikelen over afslankmedicijnen in het tijdschrift Flair en de regionale krant De Stentor.
Daaruit bleek dat de rechter ‘het kennelijke doel’ zeer ruim opvat. ‘Het gaat er bij die doelstelling om wat de publicatie bij de lezers teweegbrengt’, aldus de uitspraak. Als die denken ‘dat moet ik hebben’, dan is het mis. Wat telt is dus het effect op de ontvanger, niet de intentie van de boodschapper.
DPG Media gaat tegen de uitspraak in hoger beroep; het is nu wachten tot de Raad van State zich over de kwestie buigt. Media houden hun adem in, want als de hoogste bestuursrechter de Inspectie gelijk geeft, zitten de krantenarchieven vol met mogelijk beboetbare artikelen. De Inspectie wachtte niet op de uitspraak van de Raad van State en deelde ondertussen dus meer boetes uit. Niet alleen voor enthousiaste ervaringsverhalen zoals die in Flair en De Stentor, maar dus ook voor het wetenschapsnieuws in de Volkskrant. DPG Media gaat ook daartegen in beroep.
De boete leidde, begrijpelijkerwijs, op de redactie enigszins tot paniek. In samenspraak met de hoofdredactie verwijderde de wetenschapsredacteur de merknaam Ozempic uit een aantal artikelen, omdat de Inspectie daarop zou letten. Het beboete nieuwsbericht werd zelfs even offline gehaald. ‘Daar zijn we van teruggekomen’, zegt de hoofdredacteur. ‘Want we zijn het principieel oneens met de Inspectie. Ik kan die stap dus niet aan de lezers uitleggen.’
De consensus op de redactie is nu dat het prima is om nog beter op te letten: niet onnodig merknamen noemen bijvoorbeeld, maar ‘afslankmedicatie’ (en in het geval van Ozempic ‘diabetesmedicijn’). Toch vrees ik dat het verschil van inzicht tussen de Inspectie en de Volkskrant veel dieper gaat. Sterker nog, de zienswijze van de toezichthouder botst in het boeterapport meerdere keren op gezonde en belangrijke journalistieke principes.
Zo staat in het protocol van de Volkskrant dat bij belangrijk wetenschapsnieuws altijd minimaal één onafhankelijke deskundige moet worden geraadpleegd, om te verifiëren of het om een goede en belangrijke studie gaat. Dat heeft de wetenschapsredacteur dan ook keurig gedaan: ze liet een internist van het UMC Utrecht meekijken naar het Amerikaanse onderzoek. De arts noemde de studie ‘indrukwekkend’ (let op: niet de medicatie).
Wat voor de Volkskrant een belangrijke check is, is voor de Inspectie een rode vlag. Want de internist heeft ‘autoriteit’ en daarmee ‘meer overtuigingskracht’. ‘Dit kan de lezer extra beïnvloeden om GLP-1-medicatie te gaan gebruiken’, aldus het boeterapport. Wat moet de krant daarmee? De volgende keer iemand van straat plukken om even mee te lezen? Alleen aandacht besteden aan onderzoeken waarover een onafhankelijke deskundige zeer kritisch is? Zijn lezers daarmee geholpen?
De Inspectie lijkt te kijken met een reclameblik, waar acteurs een witte doktersjas en een bril krijgen voor een zweem van deskundigheid. Die reclameblik maakt ook dat er problemen zijn met formuleringen als ‘de ongekend populaire afslankmiddelen’, omdat die wervend zouden zijn. In een reclamecontext klopt dat. Maar het is ook een beschrijving van de realiteit: deze middelen zíjn ongekend populair, wat we daar ook van vinden.
Een andere botsing gaat nog dieper. De Inspectie is kritisch over het feit dat in het nieuwsbericht de positieve gezondheidseffecten worden besproken die uit het onderzoek komen, ook bij aandoeningen waarvoor de medicijnen niet geregistreerd zijn. Het probleem is dat de studie dáár juist over ging: welke gezondheidseffecten (ook nadelen) hebben deze middelen nog meer, naast de behandeling van obesitas of diabetes? De vraag is dus of de Volkskrant lezers nog goed kan blijven informeren over relevante medisch-wetenschappelijke ontwikkelingen. En zo ja: hoe?
Betrouwbare journalistiek, door deskundige wetenschapsredacteuren, is des te belangrijker in een tijd waarin bedrijven influencers en reality-tv-deelnemers mooie verhalen laten vertellen over ‘de spuit’. Het online aanbod is overweldigend, ik benijd de Inspectie niet. Al gun ik de toezichthouder iets meer gevoel voor prioriteit.
Ombudsvrouw Loes Reijmer behandelt vragen, klachten en opmerkingen over de journalistiek van de Volkskrant. U kunt haar per mail bereiken.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant