Home

We mogen blij zijn dat we hem hebben, Wout Weghorst is alles in één

is voetbalverslaggever van de Volkskrant.

Het leuke van voetbal, althans een van de vele geweldige aspecten van voetbal, is dat er ontelbaar veel zaken zijn waaraan je je vreselijk kunt ergeren. Zo’n lekkere, kortstondige ergernis meestal. Dan is het wel weer genoeg. En daar tegenover staan oneindig veel zaken die ontroeren of blij maken. Opwinding, in alle soorten en maten, in elke gradatie.

In de afdeling ergernis scoren hoog: vechten in het amateurvoetbal, vuurwerk in stadions, alles wat met Infantino te maken heeft, geldverspilling in de Premier League. Dan de afdeling ontroering: het spel als spel, voetballers die net doen of ze naar de trainer luisteren en intussen hun goddelijke, creatieve gang gaan. Bepaalde doelpunten, zoals van Hessel de Wit die bij Jong AZ scoort na een balletje breed van Tycho de Wit. De jongens vormen een eeneiige tweeling.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Ook onder ontroering valt het spel van Abdellah Ouazane van Ajax, een jongen van 17 met dribbels zo zacht als het gras twee dagen na een regenbui. AZ, met een team uit Alkmaar en omstreken in een wereld van globalisme. Of Sören Tengstedt, de spits van Go Ahead die helemaal los is.

In dat palet van verscheidenheid is er één iemand die alles verenigt: Wout Weghorst. Wout is het cadeau van en aan het voetbal, de bron des levens voor elke columnist. Als je meteen God bedankt na een wedstrijd, mag dat natuurlijk, want het kan best fijn zijn als je gelooft dat God je op het pad van het leven vergezelt, tot in het strafschopgebied toe, maar het is misschien wat overdreven om daar meteen over te beginnen in de analyse. Dat is zo apart dat zelfs het nationale geweten Tim Hofman zich ermee gaat bemoeien.

Wout is alles in één, en als hij dan een strafschop mist tegen Telstar, is er ook leedvermaak. Want wij Nederlanders kijken niet per se op tegen kleurrijke mensen. Drie dagen later krijgt Twente weer een strafschop, tegen ADO. Wat nu? Hadden we getwijfeld over de nemer? Hoezo? Wout legt aan.

Ook dat is Wout, voor de duvel niet bang. Hij scoort, lacht breed tijdens de omhelzingen en begint in dat ene moment van overpeinzing bijna te huilen. Het totale pakket aan Wout-wederwaardigheden is in enkele seconden gevangen. Dan kun je denken: dat is weer overdreven. En dat is het ook wel, maar we mogen blij zijn dat we Wout hebben.

In deze wereld van al die ergerlijke zaken en ontroering hebben we Wout. Hij loopt na afloop vaak door bij de om een snippertje Wout bedelende schrijvende pers, terwijl hij een gezicht trekt alsof er een langpootmug over de hagelwitte muur kruipt. Maar bij de tv blijft hij even staan, want Wout weet hoe hij speelt met de camera en hij heeft een verhaal paraat.

Deze keer had hij op penalty’s getraind met zijn kinderen, in de slaapkamer, en hij had voorvoeld dat Twente weer een strafschop zou krijgen. Aan het einde van het gesprek zei hij dat het niet te veel over hem moest gaan, maar dat gebeurde juist wel en dat weet hij als geen ander. En dat, lieve mensen, is de grote kracht van Wout. Laten we God, of wie dan ook allemaal over ons waken, op onze blote knieën danken voor Wout.

Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.

Source: Volkskrant

Previous

Next