De parlementsverkiezingen in Zweden lijken uit te draaien op een nek-aan-nekrace tussen de linkse oppositie en de rechtse regering. In een prognose van de Zweedse publieke omroep staat het linkse blok op 175 zetels, één meer dan de rechtse partijen.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
Daarmee zou de huidige rechtse regering, een minderheidskabinet met gedoogsteun van de radicaal-rechtse Zweden Democraten (SD), net geen meerderheid meer hebben in het parlement. De prognose is gebaseerd op de eerste verkiezingsuitslagen, met ongeveer 10 procent van de stemmen geteld. Vier jaar geleden bleek deze methode een goede indicatie te geven voor de definitieve uitslag, die in de loop van de avond en nacht bekend wordt.
In de exitpolls leek de voorsprong van de linkse oppositie nog iets comfortabeler. Daarin stonden de vier linkse partijen op 51,3 procent van de stemmen, tegen 46,8 voor de rechtse regeringspartijen en de Zweden Democraten.
Een belangrijk thema bij deze verkiezingen was de vraag of de Zweden Democraten, een partij die ooit is opgericht door neonazi’s, voor het eerst zouden toetreden tot een regeringscoalitie. De conservatief-liberale premier Ulf Kristersson had beloofd dat hij de SD zou accepteren als regeringspartij als het rechtse blok zondag een meerderheid zou behalen.
In plaats daarvan lijkt het initiatief nu bij de sociaaldemocraten van oppositieleider Magdalena Andersson te liggen, hoewel de verschillen zo klein zijn dat het beeld de komende uren nog kan veranderen. De laatste peilingen wezen er deze week op dat het linkse blok, bestaande uit vier partijen, afstevende op een overwinning. De verschillen in de peilingen waren echter miniem.
Een paar maanden geleden was het gat tussen links en rechts nog veel groter. Het linkse blok was uitgelopen naar een voorsprong van meer dan 10 procentpunt. Veel kiezers houden de zittende rechtse regering verantwoordelijk voor de hoge inflatie waarmee Zweden, net als andere Europese landen, te maken heeft.
Maar in de zomer kwam Kristerssons coalitie weer dichterbij in de peilingen. De coalitiepartijen voerden campagne met de boodschap dat ze Zweden veiliger hadden gemaakt met hun aanpak van bendecriminaliteit. Daarnaast hoopten de partijen beloond te worden voor een hard migratiebeleid. Onder Kristersson is het Zweedse asielbeleid de afgelopen vier jaar veel strenger geworden en worden er meer uitgeprocedeerde asielzoekers uitgezet dan ooit.
Met deze uitslag moet Andersson, die van 2021 tot 2022 al eens korte tijd premier was, beslissen met welke partijen zij een regering wil proberen te vormen. De sociaaldemocraten kunnen kiezen voor een meerderheidscoalitie met de drie andere linkse partijen, of een minderheidsvariant met een deel van het blok.
Anderssons sociaaldemocraten zijn in de prognose de grootste partij, met 27,6 procent van de stemmen. Kristerssons conservatief-liberale partij is met 20 procent de tweede partij, gevolgd door de Zweden Democraten (17,5 procent). De radicaal-rechtse partij heeft het daarmee minder goed gedaan dan voorspeld.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant