Met het ‘Kwartiertje van Tielen’ roept staatssecretaris Judith Tielen van Onderwijs ouders op om vijftien minuten per dag thuis voor te lezen. Geen overbodige luxe, gezien de tegenvallende Pisa-cijfers over de leesvaardigheid van Nederlandse jongeren. Waarom is voorlezen belangrijk en hoe maak je dat moment tot een succes?
schrijft voor de Volkskrant over grote en kleine levensvragen.
Drie op de tien ouders lezen hun kind (bijna) elke dag voor, blijkt uit de Monitor Leesgedrag van Stichting Marktonderzoek Boekenvak. Bijna vier op de tien ouders pakken er nooit een boek bij. ‘Er is geen sprake van een enorme afname, vergeleken met eerdere jaren’, zegt Roel van Steensel, hoogleraar leesgedrag aan de Vrije Universiteit Amsterdam. ‘Rond de 94 procent van de ouders met jonge kinderen tot vijf jaar leest minimaal wekelijks voor.’
Helpen alle kleine beetjes of is een kwartier inderdaad de heilige graal? Australische onderzoekers keken naar hoelang ouders hun kinderen (1-2 jaar oud) voorlazen en wat het effect daarvan was op de leesvaardigheid. Kinderen van wie de ouders dagelijks elf minuten of langer voorlazen, beschikten op latere leeftijd (8-11 jaar) over betere lees-, spelling- en grammaticavaardigheden dan de groep die korter voorlas.
Uit tal van onderzoeken blijkt dat voorlezen een gunstig effect heeft op de taal- en leesvaardigheid van kinderen. ‘Dat begint al bij de ontluikende geletterdheid: de fase vóór de start van het echte lees- en schrijfonderwijs op school’, zegt Van Steensel. Tijdens het voorlezen doen kinderen allerlei vaardigheden op, zoals het leren van woordjes, het herkennen van klanken en verhaalstructuren.
Leesmotivatie wordt vaak ten onrechte gezien als iets dat vaststaat: je houdt van lezen of je vindt er niets aan. ‘Leesplezier hangt deels samen met leesvaardigheid. Je moet een beetje kunnen lezen om gemotiveerd te raken om nog meer te lezen’, zegt Van Steensel. ‘Voorlezen helpt om kinderen in een positieve leesspiraal te krijgen.’
Het gaat niet alleen om taal. ‘Ook op sociaal-emotioneel vlak ontwikkelen kinderen zich beter als ze worden voorgelezen. Ze kunnen hun gevoelens beter verwoorden en zijn beter in staat emoties te benoemen en zich te verplaatsen in een ander’, zegt Elise Swart, universitair docent aan de Universiteit Leiden, waar ze onderzoek doet naar leesplezier.
Misschien denken sommige ouders: ik babbel veel met mijn kind, dus met de taalontwikkeling zit het wel goed. Dat ligt toch net wat anders. In kinderboeken komen twee keer zoveel moeilijke woorden voor als in ‘gewone’ spreektaal. Een studie liet zien dat kinderen jaarlijks worden blootgesteld aan 78 duizend woorden als ouders hun elke dag een prentenboek voorlezen. ‘Een schrijver heeft de tijd genomen om mooie formuleringen te bedenken’, zegt Swart. Dat levert rijke taal op.
Meertalige ouders worden vaak aangemoedigd om in het Nederlands voor te lezen, ook als ze dat lastig vinden. Daardoor kan het knusse voorleesmoment veranderen in een frustrerende en geforceerde taalles. Van Steensel: ‘Voorlezen in de moedertaal is ook nuttig. Uit onderzoek blijkt dat dit de leesontwikkeling van het Nederlands stimuleert. Vaardigheden die je opdoet in de eerste taal beïnvloeden de ontwikkeling van de tweede taal.’
‘Ik hoor weleens: voorlezen moet net als tandenpoetsen zijn. Het hoort erbij, want het is gezond’, zegt Swart. ‘Dat vind ik een lastige uitspraak. Voorlezen zou een plezierige bezigheid moeten zijn.’
Hoe doe je dat? ‘Kies een vast moment op de dag zodat het voorlezen routine wordt’, adviseert Hanneke Messelink, docent taaldidactiek aan Saxion Hogeschool. Met haar website Kinderboekenrijk geeft ze advies over jeugdliteratuur.
Het mag best speels. ‘Maak het donker en lees met een zaklamp. Of laat je kind zich ergens verstoppen en spreek af dat jullie op die plek gaan lezen. Zo belandde ik een keer in een kast met mijn zoon; dat was bijna niet te doen.’
Niet alle ouders hebben kennis van jeugdboeken. Waar te beginnen? De plaatselijke bibliotheek is een goed startpunt. Het lidmaatschap voor kinderen is gratis en je mag vaak tot wel twintig boeken tegelijk lenen. ‘Ga samen grasduinen. Neem de eerste keer veel boeken mee en stal ze thuis voor je uit.’
Zoals het ene kind van ballet houdt en het andere van voetbal, zo zal de boekensmaak ook uiteenlopen. Ga een keer voor non-fictie als een kind geïnteresseerd is in geschiedenis. ‘Of kies voor gedichten; ideaal voor kinderen die moeite hebben met lang stilzitten.’ Met haar 8-jarige zoon leest Messelink graag theaterboeken. ‘Je kruipt dan in een rol en leest om de beurt een stuk.’
Probeer interactief voor te lezen. Op die manier betrek je een kind bij het verhaal en kun je moeilijke woorden tussendoor uitleggen. ‘Gebeurt er iets met een personage, vraag dan: heb jij dat ook weleens gehad?’, adviseert Swart. Met een jongetje dat snel boos wordt, kun je samen De Bromtrol lezen en praten over wat er gebeurt als het even te veel wordt. ‘Had je toen ook donder en bliksem in je buik?’ Messelink vult aan: ‘Door te vertragen, dan weer te versnellen of te fluisteren, vergroot je de betrokkenheid van kinderen.’
Tot slot: vanaf 8-jarige leeftijd daalt de voorleestijd, waarschijnlijk doordat kinderen dan zelf kunnen lezen. Dat is zonde, vinden experts. Voorlezen biedt de mogelijkheid om moeilijkere boeken uit te kiezen. Swart: ‘Met oudere kinderen kun je ook afspreken dat je elkaar voorleest.’
Beter Leven
In de rubriek Beter Leven beantwoordt de Volkskrant, samen met experts, praktische vragen op het terrein van onder meer gezondheid, geld en duurzaamheid. Zelf een vraag voor deze rubriek? beterleven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant