Amnesty International publiceert na jarenlang onderzoek de namen van de verantwoordelijken voor het bloedig neerslaan van de vrouwenprotesten in Iran vier jaar geleden, en dringt aan op hun vervolging.
schrijft vanuit Istanbul over Turkije, Iran, Israël en de Palestijnse gebieden.
Bij het neerslaan van de vrouwenprotesten in Iran vier jaar geleden is zoveel geweld gebruikt, dat de Algemene Vergadering van de VN een internationaal strafrechtelijk mechanisme moet instellen om de verantwoordelijken te kunnen vervolgen. Amnesty International bepleit dat in een op woensdag verschenen rapport. Volgens de mensenrechtenorganisatie hebben de Iraanse autoriteiten tijdens het bloedige neerslaan van de beweging Vrouwen, Leven, Vrijheid misdrijven tegen de menselijkheid begaan.
Naast zo’n mechanisme (vermoedelijk een tribunaal) worden in het rapport nog twee mogelijkheden genoemd voor een strafrechtelijke route. De Veiligheidsraad van de VN kan de situatie in Iran doorverwijzen naar de aanklager van het Internationaal Strafhof in Den Haag (zoals eerder gebeurde met Soedan). Ook kunnen individuele landen op grond van het beginsel van universele rechtsmacht onderzoeken instellen en zo nodig arrestatiebevelen uitvaardigen.
Amnesty geeft daartoe al een voorzet door de namen te publiceren van 87 functionarissen die een rol hebben gespeeld bij het initiëren en uitvoeren van de repressie.
Uit het onderzoek blijkt dat de Islamitische Revolutionaire Garde en het politiecommando van de Islamitische Republiek, bekend onder de afkorting Faraja, leiding gaven aan dodelijke acties tegen de betogers. Opdracht daartoe werd gegeven door de Hoge Nationale Veiligheidsraad, de Staatsveiligheidsraad en de provinciale en regionale veiligheidsraden.
‘Ons bewijsmateriaal laat er geen twijfel over bestaan: de Iraanse autoriteiten hebben misdaden tegen de menselijkheid begaan’, aldus Agnès Callamard, secretaris-generaal van Amnesty International.
Het rapport verschijnt vier jaar na de dood van de 22-jarige Jina Mahsa Amini. Zij was gearresteerd omdat zij zich niet had gehouden aan de kledingvoorschriften voor vrouwen. Haar verblijf in een politiebureau in Teheran leidde tot opname in het ziekenhuis, waar zij weldra overleed. Dit leidde tot landelijke protesten.
In het rapport wordt beschreven dat de veiligheidstroepen waren uitgerust met militaire vuurwapens, handvuurwapens en met metalen kogels geladen jachtgeweren. Hun optreden leidde tot de dood van honderden demonstranten en omstanders, onder wie tientallen kinderen. Tot de misdaden tegen de menselijkheid behoren volgens Amnesty ook willekeurige arrestaties, gedwongen verdwijningen, martelingen en andere vormen van mishandeling van duizenden slachtoffers, en de vervolging van nabestaanden.
Het jarenlange onderzoek van Amnesty voor het 1.150 pagina’s tellende rapport omvatte interviews met 270 mensen, onder wie demonstranten, ex-gedetineerden, familieleden van slachtoffers of gedetineerden, ooggetuigen, advocaten, mensenrechtenverdedigers, journalisten en medisch personeel. Amnesty analyseerde daarnaast meer dan tweeduizend video’s en bewijsmateriaal als officiële verklaringen, uitgelekte documenten, vervolgingsbevelen, rechterlijke uitspraken en forensische rapporten.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant