is columnist voor de Volkskrant
Wie thuis werkt en een gezin heeft, ontwikkelt een heel intieme band met zijn of haar supermarkt. Ik besefte hoelang ik de band met mijn supermarkt al koester toen hij de afgelopen twee weken verbouwd werd, en gesloten was. Hij was toch pas geleden al verbouwd, zei ik tegen iedereen die het wilde horen – maar dat bleek al jaren geleden geweest te zijn. Ik herinnerde me de radeloosheid van toen, en de opluchting toen na twee weken de boel feestelijk werd heropend met een boog van blauwe en witte ballonnen.
Maar nu was het anders: kort geleden was er naast mijn supermarkt een andere, kleine supermarkt geopend, die ik de Turkse supermarkt noem, omdat ze er veel Turkse producten hebben, en groenten, fruit, vlees. Ze noemen zichzelf een slagerij.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Dus toen de grote supermarkt sloot voor de verbouwing, ging ik elke dag naar de Turkse supermarkt ernaast. De rest van de buurt stond er ineens ook.
In de Turkse supermarkt heerste een sfeer als rond kerst. Het was te druk, het personeel was uitgelaten, mensen trokken praktisch pakken melk uit elkaars handen, want deze supermarkt is klein en heeft minder voorraad dan de grote. Het meisje van de kassa bestierde ook de brood- en baklavabalie, kortom, er werd veel heen en weer gelopen en er vormden zich onduidelijk meanderende rijen.
Maar iedereen bleef rustig en goedgemutst, we waren allang blij dat naast de tijdelijk gesloten supermarkt deze kleine supermarkt zat. Ik ontdekte er nieuwe dingen, zoals appel-limoensap en koffie met kardemom. Ja, ik klink nu als een linkse vrouw die lekker gekke exotische dingen koopt, en dat klopt, want dat ben ik ook.
Toch telde de buurt ook de dagen af tot de grote supermarkt zijn deuren weer zou openen. Af en toe keek ik door het raam hoe het met de verbouwing ging. Ik zag dat er een koffiehoek was gemaakt. Dat zou een heerlijke trekpleister worden voor de vele aan de rand van de samenleving staanden in mijn buurt.
De laatste dag voordat de grote supermarkt weer opende, stond ik met een buurvrouw in de rij bij de Turkse supermarkt en bespraken we wat een goeie spullen ze daar hadden. ‘En toch gaan we morgen weer naar de Appie’, zei ze.
Op dat moment nam ik me voor dat ik de Turkse supermarkt trouw zou blijven. Ook omdat ik zo dol was geworden op appel-limoensap. Ik zou mijn liefde verdelen over de kleine Turkse supermarkt en de grote supermarkt. Want uiteindelijk wil je bijzondere koffie, maar ook razendsnel, met je eigen scanner, zonder contact te maken met wat voor mens dan ook, door een grote generieke winkel rennen.
Source: Volkskrant