is filmrecensent en schrijft een column over hedendaagse beeldcultuur.
In de rubriek Pics werpt filmrecensent Floortje Smit haar blik op de hedendaagse beeldcultuur. Deze week twee documentaires die woede oproepen: bij het Israëlische leger én bij Elon Musk.
Wil je je vier uur van je leven verdiepen in de persoon Elon Musk? Wil je zo veel tijd spenderen aan een portret dat vermoedelijk bevestigt wat je tóch al weet?
‘Goh, als het niet per se hóeft...’, zou ik hebben gezegd voordat de documentaire Musk van regisseur Alex Gibney in première ging in Venetië. Die man trekt al genoeg aandacht.
Maar mijn interesse is toch gewekt. Niet omdat de ex van Musk daarin bijvoorbeeld vertelt dat hij zo belachelijk veel kinderen maakt omdat het handig is om een ‘legioen’ achter de hand te hebben bij het uitbreken van een burgeroorlog. Dat kan immers gewoon op de grote berg van malle en toch ook enge feiten over de techgigant.
Nee, Musk is woedend, en dat is interessant. Iets in deze documentaire steekt de principiële vrijewoordverdediger zo dat hij heeft gedreigd met juridische stappen. Vaak heeft zoiets dan een ongemakkelijke kern van waarheid. Wil je zien, dus.
Gelukkig voor Musk ging op hetzelfde filmfestival een documentaire in première die sommigen nog vele malen woedender maakte: Naza, van de Israëlische regisseurs Yuval Abraham en Rachel Szor. Daarin vertellen 24 militairen anoniem hoe ze via een AI-systeem precies weten hoeveel burgerslachtoffers (baby’s en kinderen incluis) er vallen bij het uitschakelen van een Hamas-doelwit.
Hierover werd al eerder bericht in de media, maar volgens de recensies is het huiveringwekkend om dit de mensen te horen vertellen die daadwerkelijk op een knop drukken.
Het Israëlische leger reageerde gestoken: er klopt volgens hen niets van en ze willen een juridisch onderzoek. Minister van Cultuur Miki Zohar ging verder: die wilde meteen de makers hun nationaliteit (!) afnemen. Landverraad vond hij het. Een film als deze is precies de redenen dat hij het filmfinancieringsmodel heeft hervormd, liet hij daarnaast weten.
Nu is Naza gemaakt zonder Israëlisch geld, maar goed dat hij dit zelf even onder de aandacht brengt. Toen vorig jaar The Sea, een film over een Palestijns jongetje die hem ook woedend maakte, de belangrijkste Israëlische filmprijs won, zette hij de financiering van die prijzen stop. Hij besloot dat ‘ons belastinggeld niet langer wordt gestoken in films waar Israël-haters van houden, maar in films waar Israëli’s van houden’ en waarin ‘soldaten niet worden zwartgemaakt’.
Hoeveel ruimte hebben Israëlische filmmakers nog om onwelgevallige geluiden te laten horen? Steeds minder.
‘De afgelopen dagen zijn we getuige geweest van een ongekende campagne van ophitsing tegen de makers van de film’, aldus een petitie die vijftienhonderd Israëlische makers ondertekenden, ter ondersteuning van Abraham en Szor. ‘De afstand tussen dat en het aanzetten tot geweld en de fysieke bedreiging van hun leven wordt steeds kleiner.’
Makers die het desondanks aandurven, verdienen onvoorwaardelijke steun. U kunt beginnen met een bioscoopkaartje – Naza is vanaf 1 oktober te zien.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant