Home

Vuilnisbelt van plastic gevonden in uithoek van oceaanbodem

In een diepe, onderzeese kloof op ruim 250 kilometer van de Argentijnse kust hebben onderzoekers menselijk afval aangetroffen. De grotendeels plastic rommel vergaat nauwelijks op zo’n koude en duistere plek.

Een rubberen laars. Plastic zakken en voedselverpakkingen. Visgerei. Dit soort rommel vonden onderzoekers op de bodem van de zuidelijke Atlantische Oceaan, nabij Argentinië.

Het onderzoeksteam van onder meer het natuurhistorisch museum in Buenos Aires trok meerdere malen met een duikboot de diepte in van de Mar del Plata Canyon. Deze zeekliffen liggen ruim 250 kilometer van de Argentijnse kust en bereiken diepten van rond de 3.800 meter.

Vissersboten

De expeditie leverde 29 stukken afval op, voornamelijk van plastic. Omdat deze locatie zo ver van de kustlijn ligt, denken de auteurs dat het vuil mogelijk afkomstig is van vissersboten. Ze publiceerden hun resultaten woensdag in het vakblad PLOS One.

Het onderzoek laat opnieuw zien dat de plasticsoep, de grote hoeveelheid afval die in de oceanen drijft, allerminst beperkt blijft tot rommel aan het zeeoppervlak. Wetenschappers vermoeden al langer dat het meeste afval te vinden is in de diepzee en op de oceaanbodem.

Langs kustlijnen hebben duikers inmiddels grote hoeveelheden menselijk afval gevonden op de oceaanbodem. Op deze plekken stroomt afval direct binnen vanuit bewoonde gebieden. De uithoeken van de oceaanbodem zijn nog weinig verkend.

Het nieuwe onderzoek volgt op een spraakmakende duik uit 2025, waarbij een plastic zak werd aangetroffen in de Marianentrog, het diepste punt op aarde. De trog ligt tot 11 kilometer onder het zeeoppervlak, 200 kilometer uit de kust.

Ophopen

‘Niet verrassend, maar wel treurig’, reageert Erik van Sebille, hoogleraar oceanografie aan de Universiteit Utrecht, op het onderzoek. ‘Er is geen schone plek meer op de aarde.’

Van Sebille onderzoekt zelf met computersimulaties hoe plastic zich door de oceaan verspreidt. De nieuwe studie bevestigt de uitkomsten van zijn modellen. ‘Daaruit blijkt dat plastic zich zou moeten ophopen op dit soort plekken.’

Merijn Tinga, bioloog en activist tegen plastic in het milieu, zegt: ‘De zeestromingen leiden het afval naar de zeebodem, waarschijnlijk op dezelfde plekken als waar voedsel zich opstapelt. Het leven daar is afhankelijk van organisch materiaal dat naar beneden dwarrelt.’

Uit de studie bleek ook: er zaten dieren als zeesterren en schaaldieren op het afval. ‘Totaal anders dan wat ze daar gewend zijn’, vervolgt Tinga. ‘Plastic vergaat nauwelijks op zulke koude en donkere plekken, dus het is maar de vraag hoe het ecosysteem hierop reageert.’

Langdurige observaties

Van Sebille vindt dat de onderzoekers wel kansen hebben laten liggen. ‘Er zijn langdurige observaties nodig om te zien hoe het zeeleven reageert op de rommel, maar ik snap dat dat lastig is op zulke diepten. Er zijn daarnaast geen monsters genomen van het water rondom het afval. Daar hadden ze kunnen zien of er in deze omstandigheden microplastics vrijkomen.’

Voor Tinga is de belangrijkste boodschap van het onderzoek duidelijk: ‘Dit laat weer zien waarom er keihard beleid nodig is om van onze plasticverslaving af te komen.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next