Een patiënt die in augustus via een bloedtransfusie het westnijlvirus opliep, is overleden. Dat meldt het RIVM donderdag. Het is onbekend of het virus de oorzaak was. De patiënt is de vierde persoon die dit jaar met een in Nederland opgelopen besmetting overlijdt.
‘Alle overledenen waren mensen op leeftijd, mensen met een onderliggende aandoening, of allebei’, zegt Harald Wychgel, persvoorlichter van het RIVM. Voor zover bekend is de patiënt de enige die recent in Nederland het virus kreeg door een bloeddonatie.
Dat kon doordat de patiënt bloedplaatjes kreeg toegediend van een besmette donor, zegt Merlijn van Hasselt, woordvoerder van Sanquin, de organisatie die de bloedvoorziening in Nederland regelt. Bij een steekproef onder donorbloed ontdekte Sanquin dat het bloed van één donor besmet was met het virus. Sanquin heeft daarop andere bloedproducten uit die donatie geblokkeerd voor gebruik. De overleden patiënt is de enige die besmette bloedproducten heeft gekregen.
Deze donor was de eerste persoon die sinds 2020 in Nederland besmet raakte met het westnijlvirus. Sindsdien screent Sanquin iedereen die bloed doneert in de Nederlandse regio’s waar mensen een binnenlandse besmetting met het westnijlvirus hebben opgelopen. Ook wie recent in zo’n provincie heeft overnacht en bloed doneert, wordt getest op het westnijlvirus.
Het virus zit vooral in vogels, maar muggen kunnen het naar andere dieren en mensen verspreiden. De meeste mensen die besmet raken met het virus, merken niets of nauwelijks iets. Ongeveer een op de tien krijgt wel een griepachtig ziektebeeld en bij een enkeling kan besmetting uitmonden in een gevaarlijke hersen- of hersenvliesontsteking. Het virus kan behalve via een bloedtransfusie niet van mens op mens worden overgedragen.
De afgelopen week liep het totale aantal besmettingen met tien op, volgens cijfers van het RIVM. Daardoor breidt Sanquin vanaf vrijdag de generieke screening uit naar alle provincies behalve Groningen, Friesland en Drenthe.
‘In die drie provincies is er geen aanleiding om aan te nemen dat het virus rondgaat’, legt Van Hasselt uit. ‘We hebben begrepen dat het RIVM in die provincies geen besmette paarden, vogels of mussen heeft gevonden. Ook in aangrenzend Duits gebied is het virus niet gevonden.’
In de drie noordelijke provincies screent Sanquin wel, maar op een andere manier. De bloedvoorziening neemt bij elke donatie een monster af, die ze samen op westnijlvirus testen. Mochten ze het virus toch vinden, dan gaat al het bloed de prullenbak in.
Volgens viroloog Marion Koopmans (Erasmus MC) zullen de besmettingen oplopen tot eind oktober, wanneer het muggenseizoen ten einde komt. Het is volgens haar nog niet te zeggen of het virus ook in Nederland kan overwinteren. ‘We weten wel dat Nederland veel gunstiger wordt voor infecties, omdat het steeds warmer en vochtiger wordt.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant