Home

Opinie: Misschien willen jongeren alleen weten wat dat harde werken nu oplevert

Er valt heus een serieus gesprek te voeren over hoeveel we in Nederland werken, en over hoe we ervoor zorgen dat meer werken ook echt meer loont. Maar dat is iets anders dan jongeren een gebrek aan arbeidsethos te verwijten.

Vorig jaar vierden we de 90ste verjaardag van mijn inmiddels overleden grootmoeder. Tijdens een twaalfuurtje wist een van mijn oudtantes mij (26 jaar) en mijn nichtje van dezelfde leeftijd te vertellen dat onze generatie niet meer wil werken. Dit terwijl een groepje tieners druk in de weer was in de bediening en onze tafel van eten en drinken voorzag.

Na enige kritiek op het zoutgehalte van de soep en de substantie van de guacamole kwam het gezelschap tot de conclusie dat hun generatie toch echt harder werkte. Als wij een huis wilden kopen, moesten we simpelweg meer werken en minder geld uitgeven aan ‘koffie en telefoons’.

Over de auteur

Robin Ravensbergen is politicoloog en publicist.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Betaalde baan

Ik kon het niet laten om op te merken dat mijn oudtante zelf nooit een dag van haar leven een betaalde baan heeft gehad. Laat staan een veertigurige werkweek. Alle respect overigens, want haar generatie liet dat voor vrouwen nauwelijks toe. De mannen aan tafel die destijds wél de kost verdienden, waren er grotendeels niet meer. Wellicht het enige statistische bewijs die middag dat hard werken inderdaad zijn prijs heeft.

Daar zat ik dan, met 40.000 euro studieschuld. Ik werk sinds mijn 15de, werkte mijn hele studententijd, en heb inmiddels al jaren een fulltimebaan.

Mijn oudtante kon samen met haar man op één salaris een huis kopen dat haar decennia later een aardig vermogen in stenen heeft opgeleverd. Van harte gegund hoor. Ik zou het mezelf ook gunnen. Maar daardoor landde het advies om ‘gewoon’ wat harder te werken niet helemaal lekker.

Havercappuccino

Het is natuurlijk van alle tijden dat oudere generaties vinden dat jongeren er met de pet naar gooien. Eerst waren jongeren lui omdat ze televisie keken, daarna omdat ze achter een computer zaten en tegenwoordig omdat ze havercappuccino drinken en te vaak naar Bali vliegen. Met dat laatste ben ik overigens wél eens.

Ik deed mijn zegje. Probeerde nog wat argumenten op tafel te leggen over arbeidsproductiviteit, tweeverdieners (waardoor jonge huishoudens gezamenlijk meer betaalde uren maken) en huizenprijzen ten opzichte van inkomens. Dat had overigens geen merkbaar effect op de feestvreugde.

We gingen over tot de orde van de dag.

Normaal gesproken blijven dit soort ideeën veilig waar ze thuishoren: op kringverjaardagen, tussen de twaalfuurtjes. Soms ontsnappen ze naar de politiek. Zo’n onderbuikgevoel bereikte onlangs ook Ruben Brekelmans (VVD). Nederland moet volgens hem harder werken om de Verenigde Staten en China bij te benen. Ook hij legt de schuld bij jonge afgestudeerden, die te vaak al in hun eerste baan drie of vier dagen zouden willen werken.

VVD

Het is wel een aantrekkelijke verklaring. Je hoeft je dan ook niet af te vragen waarom het hier zo duur is, waarom we achterlopen met innovatie of wat twintig jaar economisch beleid en regeldruk daarmee te maken hebben. Twintig jaar waarin de VVD overigens bepaald niet vanaf de zijlijn stond toe te kijken. Nee, het ligt aan jonge Nederlanders. Die willen om 17.00 uur naar huis!

Natuurlijk valt er een serieus gesprek te voeren over hoeveel we in Nederland werken, wat vergrijzing betekent voor onze economie en verzorgingsstaat en hoe we ervoor zorgen dat meer werken ook echt meer loont. Maar dat is iets anders dan jongeren een gebrek aan arbeidsethos te verwijten.

Want de afgestudeerde die na vijf jaar studie met tienduizenden euro’s schuld begint, een flink deel van zijn salaris aan huur kwijt is en ontdekt dat een modaal inkomen hem nog geen bezemkast in Amsterdam oplevert, heeft niet per definitie een motivatieprobleem als hij zich afvraagt wat dat extra avondje doorwerken hem eigenlijk gaat brengen.

Het doet me denken aan aanschuiven bij een potje Monopoly dat al een tijdje bezig is. Alle straten zijn verdeeld, op de Kalverstraat staan hotels en bij je eerste worp mag je meteen huur betalen. Vervolgens vertellen de andere spelers doodleuk dat zij vroeger ook gewoon bij Start zijn begonnen. Je moet alleen wat beter gooien. En misschien een paar extra rondjes lopen. Succes!

Andere kaarten

Iedere generatie krijgt andere kaarten uitgedeeld. Dan is het wat makkelijk om achteraf te concluderen dat je gewonnen hebt omdat je beter Monopoly speelde. Of dat het spel nu vastloopt omdat de nieuwe spelers niet hard genoeg hun best doen.

Misschien werken jongeren niet te weinig. Misschien willen ze alleen weten wat dat harde werken uiteindelijk oplevert.

Mijn oudtante was overigens niet overtuigd. Ze vond vooral dat de guacamole nog steeds te dun was. Waarop mijn nichtje iets te hard constateerde: ‘Wat kunt u zeuren zeg.’ En daar had ze helemaal gelijk in.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next