Home

Annie Dillard (1945-2026) bezat de schrijfstijl van een dichter en de geest van een filosoof

De Amerikaanse schrijver Annie Dillard beschouwde de natuur als haar thuis. Daar vond ze de rust om te schrijven en te denken, te leven in het hier en nu. ‘Zelfbewustzijn is de vloek van de stad en alles wat beschaving impliceert.’

Opeens was Annie Dillard een literaire ster. Niet vanwege een gelikte thriller of een vlotte liefdesroman. Nee, de bestseller die in 1974 haar naam vestigde was het verhalende en filosofische Pilgrim at Tinker Creek. Binnen twee maanden waren er 37 duizend exemplaren verkocht. Geen gekke score voor zo’n complex en geconcentreerd boek. Dillard won er een jaar later een Pulitzer Prize mee. 28 jaar was ze toen, de jongste vrouwelijke winnaar ooit.

‘En wij mensen zijn zo kwetsbaar’, schreef ze. ‘Ons lichaam is doorschoten met sterfelijkheid.’ Op dinsdag 15 september overleed Dillard op 81-jarige leeftijd.

Samen met Joan Didion behoorde Dillard tot het hoogste echelon van Amerikaanse literaire essayistiek. Het terrein van Didion was de grote stad en de roerige cultuur van de 20ste eeuw. Dillard richtte haar scherpe blik vooral op de natuurlijke wereld.

Waar Didion uitdagend met een peuk poseerde voor een Corvette, liet Dillard zich fotograferen in haar dennenhouten schrijfschuurtje (‘verkocht als prefab gereedschapsschuur’) op het schiereiland Cape Cod, Massachusetts.

Peinzen

Ze beschouwde de bergen en rivieren als haar thuis. Daar vond ze de rust om te denken en te schrijven. Al die indrukken en prikkels van de stad belemmeren je te leven in het hier en nu, meende Dillard. In Pelgrim langs Tinker Creek, knap vertaald door Henny Corver, schreef ze: ‘Zelfbewustzijn is de vloek van de stad en alles wat beschaving impliceert. Het is jezelf in een etalageruit zien, je ongevraagd realiseren hoe anderen naar je kijken – de wereld van de romancier, niet die van de dichter.’

Tot in den treure werd Dillard vergeleken met de 19de-eeuwse Amerikaan Henry David Thoreau, haar grote literaire voorbeeld en onderwerp van haar masterscriptie. Thoreau ging in een hutje bij het afgelegen meer Walden Pond wonen, omdat hij ‘bewust wilde leven, om me alleen met het wezenlijke bezig te houden en te onderzoeken of ik niet kon leren wat het leven me moest leren’.

Ook Dillard trok de natuur in. Ze woonde midden jaren zeventig aan het riviertje Tinker Creek in het Blue Ridge-gebergte in Virginia: ‘Het is een fijne plek om te wonen, een plek die tot peinzen noodt.’

Verkennen

Ze vond geen antwoord op de vraag waarom we op aarde zijn gezet. Wat volgens haar wel mogelijk is: de plek verkennen, ontdekken en beschrijven waar we leven. Daarvoor is de taal onmisbaar: ‘Zien is natuurlijk in hoge mate een kwestie van verwoorden.’

Met Pelgrim langs Tinker Creek zette Dillard hoog in. Schrijvend probeerde ze iets van het mysterie van de schepping en het menselijke bestaan te ontrafelen. Dit klinkt als een veel te pretentieuze exercitie, maar door de bedwelmende schoonheid van haar lyrische zinnen is er niks aanstellerigs aan het proza van Dillard.

In haar voorwoord bij de Nederlandse vertaling van De overvloed, een compilatie van haar beste werk, vraagt Marja Pruis zich dan ook af: ‘Hoe te schrijven over Annie Dillard zonder eindeloos uit haar werk te citeren?’

Het oeuvre van Dillard is lastig te typeren: ze had de stijl van een dichter en de geest van een filosoof. Haar boeken zijn tegelijk bezield en cerebraal.

Van haar derde echtgenoot Bob Richardson, biograaf van Ralph Waldo Emerson en Henry David Thoreau, mogen we Pelgrim langs Tinker Creek geen essaybundel noemen. Nee, schrijft hij in de biografie over zijn vrouw die is te lezen op Dillards website, haar non-fictieboeken zijn bijna allemaal ‘narratives, and Pilgrim is a strictly unified and tightly structured narrative’.

Jeugd in de stad

Annie Dillard werd op 30 april 1945 geboren in Pittsburgh, Pennsylvania. Over haar jeugd in deze stad schreef ze de heerlijke autobiografie An American Childhood (1987). Daarin vertelt ze lichtvoetig hoe ze als kind American football speelde met jongens: ‘Het allermooiste was om je met een leeuwensprong op de daverende benen van je tegenstander te storten.’

In haar boeken komt Dillard over als bedachtzaam. Hoe anders waren haar jeugdjaren. Naar eigen zeggen was ze ‘ontspoord’. Altijd gesodemieter. Dillard belandde in het ziekenhuis nadat ze had meegedaan aan een straatrace. Ze werd van school gestuurd, omdat ze had gerookt.

Uiteindelijk kwam het meer dan goed. Ze behaalde haar diploma’s en schreef een eigenzinnig en veelzijdig oeuvre bij elkaar, bestaande uit verhalende non-fictie, een bundel met essays (Teaching a Stone to Talk, 1982) en een boek over hedendaagse literatuur (Living by Fiction, 1982). In 1984 publiceerde ze Encounters with Chinese Writers. In datzelfde jaar werd ook haar zoon Cody Rose geboren.

Inspanning loont

Dillard beheerste alle genres: zo schreef ze de goed ontvangen romans The Living (1992) en The Maytrees (2007) en debuteerde ze een paar maanden voor het verschijnen van Pelgrim langs Tinker Creek met de poëziebundel Tickets for a Prayer Wheel.

Een van de vele hoogtepunten is Schrijversleven uit 1989. In het laatste hoofdstuk vergelijkt ze de schrijver met een stuntpiloot, beiden zijn immers ‘agens en instrument van kunst en verbeeldingskracht.’ Schrijven is veeleisend, zegt ze, maar de inspanning loont: ‘Een boek in elkaar zetten is interessant en opwindend. Het is ingewikkeld en complex genoeg om al je intelligentie te eisen. Het is het leven in zijn meest vrije vorm.’

3x Annie Dillard

- ‘De hele schepping is een en al gekkigheid.’ Uit: Pelgrim langs Tinker Creek

- Vanwege haar knappe verschijning werd Annie Dillard door sommige Amerikaanse media in de jaren zeventig belachelijk gemaakt als ‘Cheesecake at Tinker Creek’ – een verwijzing naar vrouwen met sex appeal en pin-upgirls.

- ‘Evenmin zit iemand om je manuscript verlegen; iedereen zit eerder verlegen om schoenen.’ Uit: Schrijversleven

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next