Over links of over rechts? Premier Rob Jetten beantwoordde deze indringende vraag van de oppositiepartijen tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen deze week met: allebei. Jetten blijft stug volhouden dat zijn minderheidscoalitie van D66, CDA en VVD zaken kan doen met liefst zeven oppositiepartijen – sommige rechtser dan de VVD, andere linkser dan D66. Waarop de voormannen van de twee belangrijkste oppositiepartijen, Joost Eerdmans van JA21 en Jesse Klaver van Pro, deze week riposteerden dat Jetten wel moet kiezen of hij over links of over rechts zaken wil doen. Dit schiet niet op.
Den Haag heeft een Handboek minderheidskabinet nodig. Een wat? Een handboek voor hoe politieke partijen vooruitgang kunnen boeken als het kabinet gevormd wordt door een minderheidscoalitie.
Er is een beroemd Handboek voor de soldaat, dat vanaf de jaren dertig van de vorige eeuw werd uitgereikt door de landmacht. Nieuwe rekruten vonden er de benodigde militaire basiskennis in, zoals wapeninstructies, velddienst, kaartlezen, camoufleren en overleven in het veld. Tegenwoordig staan dit soort zaken in het Handboek militair.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen. Reageren? E-mail: frank@frankkalshoven.nl
Den Haag heeft dezer dagen ook behoefte aan een werkje dat beschrijft: hoe dan? Hoe moeten we ons gedragen opdat we goede politici kunnen zijn, een Handboek minderheidskabinet dus. Dit wint aan belang als CDA-fractieleider Henri Bontenbal gelijk heeft met zijn opmerking, onlangs tijdens zijn HJ Schoo-lezing, dat in Nederland in de toekomst minderheidskabinetten eerder de regel zullen zijn dan de uitzondering. Hoe moet dat dan gaan werken? Hoe kan een minderheidskabinet grote kwesties serieus aanpakken?
Daar is men in Den Haag duidelijk nog niet uit, bleek deze week andermaal, en dat is eerder het kabinet dan de oppositie te verwijten. Jetten wil alle (zeven) oppositiepartijen nog eens uitnodigen voor gesprekken over de begroting voor 2027. Hij zei ook: ‘Het mooie is dat dat de oppositie meer invloed kan uitoefenen dan ooit tevoren.’
Maar Klaver antwoordde: ‘De enige die de aanpak voor zich ziet, is de premier.’ En: ‘Je kunt wel ‘een vierkante cirkel’ zeggen, maar je kunt hem niet tekenen.’ En Eerdmans zei tegen Jetten: ‘Snapt u wel dat Pro en JA21 de ballonnen op elkaars feestje lek gaan prikken?’ Zo schiet het dus niet op.
Deze tijd doet me terugdenken in de jaren negentig van de vorige eeuw, toen vanuit de hele wereld journalisten en politici naar Nederland kwamen om te leren wat dat ‘poldermodel’ precies was dat Nederland zo veel economisch en maatschappelijk succes bracht. En wij destijds maar uitleggen dat je na verkiezingen coalitieregeringen kunt vormen, en dat die coalitie op haar beurt beleid kan afstemmen met werkgevers- en werknemersorganisaties, en dat er door al dat gepolder op een bedje van feiten en wetenschap in het beste geval brede overeenstemming gaat bestaan over belangrijke onderwerpen. En dat als je zo een land bestuurt, met een meerderheidscoalitie en met sociale partners en met interesse in feiten en wetenschap, dat er dan een redelijke kans bestaat op succes. Dat was toen.
Nu moeten we dus op zoek naar een nieuw ‘model’, en aangezien geen enkele partij in Nederland ooit een absolute meerderheid zal halen (in beide Kamers), zal het een ‘samenwerkingsmodel’ moeten zijn. Wie doet wat in dit model? Hoe worden tegenstellingen overbrugd? Wanneer vinden welke besprekingen plaats en met wie? Hoe stimuleert het model positieve compromissen (ja, ja), en ontmoedigt het negatieve (nee, nee). Lees er alles over in het Handboek minderheidskabinet!
Dat moet alleen nog wel even worden geschreven.
Source: Volkskrant