DELFT - De toren van de Nieuwe Kerk in Delft staat ruim een jaar in de steigers voor een grote opknapbeurt. Bij het bouwen ervan is met een bijzondere situatie rekening gehouden: als iemand van het Koninklijk Huis overlijdt, kan een deel van de steigers binnen twee dagen weg.
'Je wil natuurlijk niet dat er zomaar een baksteen op je hoofd valt', zegt Delftenaar Marja van Mil (76) terwijl ze bezorgd omhoog kijkt. De ingepakte toren vindt ze dan ook geen probleem. 'Ach, ik heb 'm al zo vaak gezien. En onderhoud moet ook een keer gebeuren.'
Of er zonder onderhoud daadwerkelijk brokstukken naar beneden zouden komen? 'Dat gaat wel heel ver', antwoordt projectleider Collin Oudijk. 'Zo zou ik het niet zeggen, maar je kunt het beter voor zijn.'
Volgens de projectleider kan de toren er na de opknapbeurt weer achttien jaar tegenaan. Wel hangt daar een fors prijskaartje van zo'n 7 miljoen euro aan.
'Het is veel gemeenschapsgeld', erkent ook wethouder Minke van Velzen. 'Maar als stad hebben we de verplichting om voor dit erfgoed te zorgen.'
Dat Delft verantwoordelijk is voor de toren is best bijzonder en heeft alles te maken met keizer Napoleon. Hij bepaalde rond 1800 dat kerktorens in handen van gemeenten moesten komen, onder meer omdat je vanaf zo'n hoge toren de vijand al van ver kon zien aankomen.
En dus is de gemeente Delft ruim twee eeuwen later nog altijd verantwoordelijk voor het onderhoud van de toren, terwijl de Protestantse Gemeente eigendom is van de rest van de Nieuwe Kerk.
Ondanks alle toeters en bellen die bij deze grote onderhoudsklus komen kijken, kunnen bezoekers de toren nog wel gewoon blijven beklimmen.
'Het zou jammer zijn als mensen meer dan een jaar niet naar boven kunnen', vertelt Nyncke Graafland, directeur van de Oude en Nieuwe Kerk. 'Jaarlijks komen ongeveer 70.000 bezoekers naar de toren om die klim te maken.'
Wat de kerkbezoekers wel even moeten missen, is het vertrouwde geluid van de kerkklokken. Van januari tot augustus 2027 galmen die niet meer over de Delftse grachtjes en straatjes, want ook de klokken en het carillon krijgen een beurt.
Tot slot is er die opvallende voorzorgsmaatregel met de bouwsteigers aan de voorkant. Die moeten binnen 48 uur weg kunnen als er een koninklijk familielid overlijdt. 'Dat is een standaardmaatregel', legt Oudijk uit. 'Zelfs al hadden we alleen maar jonkies in het Koninklijk Huis, dan hadden we het alsnog zo gedaan.'
Met bakjes kibbeling in de hand, als ware het popcorn, kijken de twee Delftenaren Ed Bijloo (80) en Tom van der Werf (82) naar de verplaatsbare bouwsteigers. 'Ik vind het wel goed dat ze daarover nadenken hoor', zegt Tom. 'Er zijn twee zekerheden in het leven: we betalen allemaal belasting en we gaan een keer dood.'
De werkzaamheden duren naar verwachting tot november 2027.
Source: Omroep West Den Haag