Home

‘Je móét wel stellig zijn, een beetje uitdagen, want anders gaan de nuchtere Hollanders er niet in geloven’

Gebedsgenezing Er zijn gebedsgenezers die beweren dat door geloof iedereen kan genezen van ziekten en kwalen. Wie zijn de mensen die naar zo’n dienst gaan? En wie zijn de mensen die ze organiseren?

Gebedsgenezer Hans Oudhoff, oprichter van Jubilee, en Jasmijn de Vries, die epilepsie heeft en daar lang, met haar ouders, gebedsgenezers voor bezocht.

Wereldwijd – en ook in Nederland – is de pinksterkerk de snelstgroeiende stroming binnen het christendom. Centraal in deze beweging staat het geloof in de gave van de Heilige Geest, de plaatsvervanger van Jezus op aarde die de mens kracht en ook genezing kan schenken. Met de groei van de pinksterkerken – in Nederland naar schatting bijna een half miljoen aanhangers – is de laatste tien jaar ook het aantal gebedsgenezers sterk gestegen.

In de overtuiging dat zij van God de gave van genezing hebben ontvangen, organiseren inmiddels tientallen gebedsgenezers bijeenkomsten door heel Nederland, in huiskamers en grote conferentiezalen, waarin wordt gebeden voor en met de zieken: patiënten met rugpijn, kanker, epilepsie. Dat leidt tot euforische verhalen op sociale media. Maar de praktijk roept ook discussie op, want hoe stelliger een gebedsgenezer is dat God zal genezen, hoe hoger de verwachting van de zieke en des te groter de teleurstelling kan zijn als het dan niet lukt. Met zelftwijfel tot gevolg – „zet God mij aan de kant?”

Twee ervaringsdeskundigen aan het woord:

Jasmijn de Vries, dochter van Levien en Piet Vermeer, in haar huis in Hengelo.

Familie Vermeer‘Ik ben best wel vaak verdrietig, maar het is geen reden me van God af te keren’, zegt moeder Levien

In de vroege ochtend van Eerste Kerstdag 2004 horen Levien en Piet Vermeer plots gebonk tegen de muur. Even zijn ze verward, dan realiseren ze zich dat het hun vijftienjarige dochter Jasmijn is. Levien: „Ik ben ernaartoe gerend. Ze lag hevig te stuiptrekken en plots was ze helemaal stil.” Hun dochter werd blauw en trok wit weg. Het bleek een eerste, grote epileptische aanval te zijn. Jasmijn kan zich er weinig van herinneren. Toen ze weer bijkwam, lagen haar beide armen uit de kom, iets wat daarna nog geregeld zou gebeuren.

Jasmijn de Vries (nu 37) vertelt haar verhaal, samen met haar ouders bij haar thuis in Hengelo. Het duurde na die aanval nog zeker een jaar voor ze medicijnen kreeg en die werkten vervolgens lang niet altijd.

Hoe zien de aanvallen eruit?

„Heel verschillend. Onlangs had ik een aanval met incontinentie. Ik sla mezelf, of ik verstijf. Ik heb eens voor de spiegel gestaan met een halve voortand. Ik weet nog steeds niet wat ik toen heb gedaan.”

Ze vertelt met een grote glimlach: „Ik heb eens een keer heel Genesis uit mijn Bijbel getrokken. Maar ik vond het dan weer wonderbaarlijk dat God mij er voor behoedde dat ik het helemaal kapot scheurde. Want ik heb het, terwijl ik nog half zombie was, toch weer netjes in mijn Bijbel gelegd. Ik heb God daarvoor bedankt.”

Heb je altijd veel kracht geput uit je geloof?

„Er zijn zoveel aanvallen geweest dat ik dood of verlamd had kunnen zijn. Daarom heb ik God bedankt omdat ik het zonder Hem niet had overleefd.”

Hoe het gezin precies in aanraking kwam met gebedsgenezingsdiensten, weten ze niet meer. Maar ongeveer twee jaar lang, toen Jasmijn begin twintig was, hebben ze verschillende avonden bijgewoond. God wordt aanbeden, er wordt gebeden voor de zieken. En al die tijd hoop je dat je ook uitgekozen wordt en naar voren mag komen. Het gezin is meermaals bij de bekende gebedsgenezer Jan Zijlstra (1938-2021) geweest.

Moeder Levien: „Ik dacht: dit is het. Nu gaan we het beleven.”

Waar kwam dat vertrouwen door?

Levien: „Ik wilde het natuurlijk graag. En ik dacht: die man heeft de gave van genezing gekregen.”

Hoe ging jij ernaartoe, Jasmijn?

„Hoopvol, want het gebeurt weleens dat mensen genezen. Maar ook bang dat er ik zou worden overgeslagen. Of dat ik niet genoeg zou geloven en dat het daarom niet gebeurde. En als ik niet zou genezen, dat ik dan mijn ouders zou teleurstellen. Uiteindelijk dacht ik: ik ga gewoon en dan zie ik wel.”

Vader Piet: „Ik heb altijd de gedachte gehad: als God het wil, dan gebeurt het. Maar als dat niet zo is, dan zij het zo. Ik remde haar (hij wijst naar Levien) ook altijd een beetje af. Ik geloof zonder meer dat God het kan. Maar het gebeurt op Zijn wil.” Hij is even stil. „En dan snap je niet wat Zijn wil is. Al geloof je nog zo sterk.”

Hoe waren de diensten van Jan Zijlstra?

Levien: „Ze waren emotioneel pittig. Maar ik werd er heel erg door bemoedigd. Ook omdat je met elkaar God aan het aanbidden bent. En je hoort getuigenissen van mensen die genezen zijn.”

Jasmijn: „Ik ben een keer naar voren geroepen. Ik weet nog dat ik terugkwam en dat ik haast niet tegen mijn ouders durfde te zeggen dat het niet was gelukt. Dat ik zo graag wilde dat het anders ging, dat ik ging denken: volgens mij gaat het goed. Ook omdat ik dat tegen jullie en mezelf wilde zeggen.”

Levien en Piet Vermeer, de ouders van Jasmijn.

Levien: „We liepen je tegemoet en ik dacht: yes, dit is het. Maar dat bleek dus niet zo te zijn en dat vond ik wel heel moeilijk en verwarrend.”

Waarom besloten jullie niet meer naar gebedsgenezingsdiensten te gaan?

Levien: „Op een gegeven moment denk je: misschien moeten we er maar mee stoppen. Omdat je het gevoel hebt dat je God aan het dwingen bent.”

Jasmijn: „Misschien gebeurt het niet op die manier en zit je het jezelf alleen maar moeilijk te maken. Je hebt dan steeds het idee: God zet mij aan de kant.

„God zegt niet: ik wil eerst dat je 100 procent gelooft. Tom de Wal [bekende gebedsgenezer van zijn eigen Frontrunners Ministries] is erg van: God geneest altijd, punt. En als het niet gebeurt, dan ligt het aan jou. Daar denk ik dus anders over.

Hoe staan jullie er nu in?

Levien: „Ik ben best wel vaak nog verdrietig. Als ik aan Jasmijn denk en de belemmering die ze ervaart. Ze kan niet gaan en staan waar ze wil, ze moet veel risico’s incalculeren. Maar het is geen reden voor mij om me van God af te keren.

Piet: „Ik sta er nog steeds hetzelfde in. Jasmijn kan nog steeds genezen. Maar je kunt het niet sturen of regisseren. Ik geloof ook nog steeds onvoorwaardelijk. Maar het is niet altijd even makkelijk.”

Levien: „En het heeft jouw beeld van God niet geschokt ofzo?”

Piet: „Nee. Veel dingen snap ik niet. Waarom en hoe bepaalde dingen gebeuren. Maar dat hoort erbij. Ik zou niet weten hoe ik zonder God door het leven moet gaan. Ik heb Hem nodig voor de rest van mijn leven.”

Hans Oudhoff, in zijn woning in Oosterhout.

Hans Oudhoff | gebedsgenezer‘Mijn overtuiging is niet dat iedereen geneest, maar wel dat iedereen kán genezen’

Na een uur prediken vervalt de hele zaal in Texas, vervuld met de Heilige Geest, in onbedaarlijk lachen, een directe uiting van de Heilige Geest. Ongecontroleerde salvo’s uit elke hoek, terwijl een evangelist in stropdas vanaf het middenpad willekeurig mensen aanwijst om te gaan staan. „Close your eyes and lift your hands!” Eén voor één legt de evangelist, Rodney Howard-Browne, de hand op hoofden, roept „Fill him up Jesus!” en om de beurt vallen de mensen stijl achterover. Zelfs de cameraman, die de videoregistratie plots richt op het plafond, ontkomt er niet aan.

„Je hele lijf verliest zijn kracht”, vertelt Hans Oudhoff (73) thuis op de bank in het Brabantse Oosterhout. „Al je spieren en je pezen, je kan niet blijven staan. Je bent dan helemaal in de gloria. Ik heb het vaak meegemaakt. En ik moet af en toe nóg uitkijken.”

Oudhoff kent de videobanden uit de jaren negentig van de genezingsdiensten van Howard-Browne uit het hoofd. Hij heeft de evangelist nog meegemaakt als kind, in de kerk in Zuid-Afrika, en later zag hij op die tapes hoe Howard-Browne, geëmigreerd naar de Verenigde Staten, uitgroeide tot een van de grondleggers van de Word of Faith-beweging: een Amerikaanse stroming binnen de pinksterkerk die, stelliger dan andere, verkondigt dat door geloof in de Heilige Geest gezondheid en – financiële – voorspoed beschikbaar zijn voor iedereen.

De beweging slaat de laatste jaren ook aan in Nederland. Vooral onder jongere christenen die zich voegen bij snelgroeiende pinksterkerken die Howard-Browne op handen dragen, zoals River Church, Frontrunners en Jubilee. Van die laatste is Hans Oudhoff de oprichter. Hij begon Jubilee, dat inmiddels vijf kerken en zo’n 1.200 leden telt, al in 1996. Hier, vanuit zijn rijtjeshuis in Oosterhout.

Vertel, u heeft Howard-Browne meegemaakt als kind.

„Ik vond ‘m een vervelend joch, haha. Een allesweter. Misschien omdat ik destijds zelf een puber was en hij negen jaar jonger. Ik groeide als kind van emigranten op in Port Elizabeth, Zuid-Afrika. Via een vriendje had ik kennisgemaakt met de plaatselijke pinksterkerk en daar hing Rodney altijd rond het podium samen met zijn oudere broer Gilroy, die keyboard speelde. Maar hun ouders zijn eigenlijk de vormgevers van mijn geloof. Bij hen thuis, hoorde ik, gebeurden ‘wonderen’. Daar kwam je genezen uit. Terwijl, dat paste eind jaren zestig helemaal niet zo bij de pinksterkerk waar ik toen kwam.”

Het maakte u nieuwsgierig?

„Ik kreeg bij hen thuis een stoel aangeboden in een kringetje. Met z’n tienen zongen we en we baden in onverstaanbare klanken – tongentaal. Niet even, maar úrenlang. Daarna staan en gillen, schreeuwen, hand opleggen. Chaos! Een paar dagen later, in de gang op school, werd ik voor het eerst vervuld met de Heilige Geest. Boem! Een supersensatie.”

Hans Oudhoff.

Oudhoff verloor de familie Howard-Browne uit het oog toen die de kerkgemeente met ruzie had verlaten. Zelf keerde hij terug naar Nederland waar hij als ingenieur een baan vond bij een telecombedrijf. Hij zocht een pinksterkerk die werkte met genezing en wonderen, maar die waren er amper. Alleen bij ome Cor en tante Annie in Capelle aan den IJssel voelde hij zich vele jaren thuis. Dat waren twee volgelingen geweest van de zowat enige gebedsgenezer destijds, Johan Maasbach uit Den Haag. Maar op reis in de VS raakte Oudhoff begin jaren negentig zó onder de indruk van de aanstormende Howard-Browne, dat hij bij de kerk van Capelle aan den IJssel eigenlijk niet meer paste. „En mensen zeiden: joh, rondom jou gebeuren gekke dingen, kunnen we niet eens op visite? Zo ben ik hier begonnen.”

En?

„Al dat vallen” – Oudhoff wijst naar de bescheiden woonkamer – „gebeurde hier ook. Zaten we hier met z’n dertienen en op een gegeven moment kon je geen liedje meer zingen of – boem! – de Heilige Geest viel weer binnen. Buiten controle van mij. Mensen waren uitzinnig en bijna dronken op de benen gingen ze ’s avonds weer naar huis.”

Uiteindelijk heeft ook Oudhoff, net als Rodney Howard-Browne, jarenlang in pak hele zalen overtuigd van de werking van de Heilige Geest. Als je maar in Hem gelooft, zei hij, dan kun je genezen en zelfs opklimmen van salarisschaal vier naar elf. Oudhoff predikte op Amerikaanse wijze, met humor en met vuur maar ook „kort door bocht”. Hij noemt het zelf „staalborstelprediken” en daar, merkte hij, is in Nederland niet iedereen van gediend. „Ik riep dat ik in Europa tweeduizend kerken wilde bouwen, dat werd uitgelegd als hoogmoedig.”

Die stelligheid, is vaak de kritiek, leidt ook tot teleurstelling bij mensen die met veel verwachting geloven maar niet genezen.

„Als je genezing predikt polariseert het snel, want je hebt altijd vóór- en tegenstanders. Ik heb zelf ook altijd doorverwezen naar artsen, maar de andere kant is: je móét wel stellig zijn, een beetje uitdagen, want anders gaan de nuchtere Hollanders er niet in geloven. De misvatting is dat mensen denken dat je ‘hard genoeg’ moet geloven. Dat is het niet. Mijn overtuiging is niet dat iedereen geneest, maar wel dat iedereen kán genezen. Alleen, je moet weten om God juist te benaderen en dat lukt niet bij iedereen, om vele redenen.”

In 2008 droeg Oudhoff zijn beweging Jubilee over aan zijn zoon Bernard. Daarna is het ledental gegroeid, vooral in de coronatijd. „Bernard doet het beter dan ik. Hij predikt wat minder kort door bocht, dat slaat hier beter aan.” Hij zit nog geregeld vooraan bij zijn zoon in de kerk, en toen Rodney Howard-Browne op uitnodiging van de River Church in 2024 Nederland bezocht, kreeg Oudhoff een zalving. „Hij haalt me altijd even naar voren als-ie me ziet zitten.”

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Religie

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next