Bij demonstraties in Parijs en tal van andere steden ontstonden afgelopen weekend vernielingen, plunderingen en confrontaties. Met de presidentsverkiezingen in aantocht, komend voorjaar, bekritiseren oppositieleden de Franse regering. In dit blog volgt NRC de laatste ontwikkelingen.
De Franse minister die verantwoordelijk was voor de ordehandhaving bij de uit de hand gelopen demonstraties van afgelopen weekend, heeft zijn ontslag aangeboden. Maar het ontslag van Laurent Nunez, sinds 2025 minister van Binnenlandse Zaken, is door president Emmanuel Macron geweigerd. Dat heeft het Élysée, het kantoor van Macron, maandagochtend bekendgemaakt.
Macron heeft Nunez gevraagd „zo snel mogelijk met nieuwe methoden te komen” om de relschoppers in de centra van grote steden te stoppen. Ook moeten de inlichtingendiensten volgens hem uitleggen waarom ze de explosie van geweld niet goed hebben zien aankomen.
In de nasleep van massale demonstraties zaterdag tegen de hoge kosten van het levensonderhoud en voor beter onderwijs, braken in Parijs en andere grote steden in Frankrijk flinke rellen en plunderingen uit. De massaal ingezette politie leek geen ander antwoord te hebben op het geweld dan het afschieten van vele duizenden traangas- en flitsgranaten.
„Ik ben geheel verantwoordelijk voor alles wat er op de grond gebeurd is”, zei Nunez maandagochtend bij radiozender France Inter. Hij erkende dat de demonstraties veel groter waren dan de politie verwacht had en gaf zelfs toe dat de politie in sommige steden „de controle is kwijtgeraakt”.
De politie-inzet „bleek op sommige plekken niet in verhouding te staan tot het aantal demonstranten”, zei Nunez. Hij zei dat de politie vaak rechtstreeks werd aangevallen door „vandalen, plunderaars en ultralinkse activisten […] die politieagenten wilden doden”.
In Frankrijk is ordehandhaving centraal, vanuit de regering, geregeld. Burgemeesters van grote steden beklagen zich regelmatig over de wijze waarop dit gebeurt.
Minister van Binnenlandse Zaken Laurent Nunez op 7 oktober in de Assemblée Nationale, de Franse Tweede Kamer.
Na de massale protesten van zaterdag, die op sommige plekken gewelddadig werden en uitmondden in plunderingen, werden op zondag en zondagnacht in Parijs nog 350 mensen gearresteerd.
Vooral rondom het Place de la République en in de wijk Châtelet kwam het tot confrontaties tussen agenten en relschoppers. Volgens de Parijse politie ging het om „groepen jonge delinquenten” die „opnieuw probeerden winkels te beschadigen en leeg te roven”. Burgemeester Emmanuel Grégoire meldde maandag dat het zo’n dertig winkels betrof.
Grégoire hamert er in Le Monde op onderscheid te blijven maken tussen relschoppers en demonstranten. De demonstraties, waarmee honderdduizenden Fransen door het hele land hun onvrede lieten blijken over de stijgende kosten van levensonderhoud en de staat van het onderwijs, verliepen grotendeels vreedzaam en waren volgens Grégoire „legitiem”.
Ook in Lyon en Marseille vonden zondagnacht weer geweldsuitbarstingen plaats en werden winkels binnengevallen. In totaal zijn volgens de Franse Kamer van Koophandel sinds zaterdag meer dan tweeduizend bedrijven getroffen. De organisatie verwacht dat de schade in de honderden miljoenen euro’s zal lopen.
De Franse brandweer blust een brandende ‘barricade’ op zondagavond in Parijs.
„Oproerkraaiers uit extreemlinkse splintergroeperingen” en „talrijke” andere „delinquenten” hebben zich zaterdag schuldig gemaakt aan „ongebreideld geweld” in Frankrijk. Met die bewoordingen heeft de Franse president Emmanuel Macron de vernielingen, plunderingen en confrontaties veroordeeld die zaterdag ontstonden bij demonstraties in Parijs en tal van andere steden. „We voelen allemaal woede en schaamte. Het is ondraaglijk om de straten van onze steden zo vernield te zien.”
Macron houdt toespraak in Franse tv-journaals
Vanuit het Élysée, met een Franse en een Europese vlag op de achtergrond, hield Macron zondagavond een toespraak die rechtstreeks in de Franse tv-journaals werd uitgezonden. De president verwees onder meer naar het in brand steken van het stadhuis van Limoges en de bestorming van het stadhuis van Marseille. „Toen we deze beelden zagen, vroegen we ons allemaal af: wat gaat er in hun hoofd om? Hoe kunnen Fransen dit Frankrijk aandoen? Niets rechtvaardigt het, niets verklaart het, niets verontschuldigt het.”
Bij de rellen zijn zeker 2.397 personen opgepakt, maakte het Franse ministerie van Binnenlandse Zaken zondagavond bekend. Ruim 997 politieagenten en gendarmes raakten gewond bij de confrontaties. Ook zondag kwam het in onder meer Parijs nog tot schermutselingen.
Macron sprak kort voor zijn doen – minder dan tien minuten. Concrete maatregelen kondigde hij nauwelijks aan. Wel komt er een „crisiscel” die onder meer de hulp moet coördineren aan ondernemers van geplunderde of platgebrande zaken. De president stelde ook dat hij „duidelijke antwoorden” en „volledige transparantie” verwacht over in hoeverre inlichtingendiensten de grootschalige rellen aan zagen komen. Plunderaars en vernielers, „degenen die hebben geprobeerd de Republiek ten val te brengen”, zullen daarvoor „moeten boeten”.
Maar, zei Macron, de „legitieme eisen” van de honderdduizenden Fransen die zaterdag demonstreerden tegen onder meer stijgende kosten van levensonderhoud en voor beter onderwijs, mogen niet worden verward met het geweld. De president stelde te „luisteren naar de woede”. „We kunnen onze jongeren niet vragen in de toekomst te geloven zonder ze de kans te geven om oplossingen uit te werken.” Macron heeft toegezegd leerlingen en studenten, die al weken massaal betogen, aan tafel te zetten met docenten, vakbonden en lokale overheden. Zij zullen „samen met de regering werken aan concrete voorstellen”. De premier van Frankrijk, Sebastian Lecornu, roept deze groepen „de komende dagen bijeen”.
Macron: „Ik wil hier heel duidelijk zijn: ten aanzien van relschoppers en iedereen die zich schuldig maakt aan geweld, zullen we onverbiddelijk zijn. Luisteren en dialoog betekenen noch zwakte, noch straffeloosheid.”
Premier Lecornu moet van Macron ook nog een andere bijeenkomst regelen: een waarbij alle politieke partijen het geweld van afgelopen weekend veroordelen. Dat wordt een opgave, gezien het radicaal-linkse La France Insoumise (LFI) meent dat de politie de confrontaties heeft uitgelokt. De leider van de radicaal-rechtse partij Rassemblement National (RN) Marine Le Pen vindt juist dat Macron niet hard genoeg optreedt. In zijn toespraak preludeerde Macron zondagavond alvast op de Franse presidentsverkiezingen van april 2027: moge de debatten „niet met geweld op straat” plaatsvinden, maar in kranten, op tv en tijdens „respectvolle” bijeenkomsten. „Het land heeft nood aan orde, verzoening en geen escalatie.”
De Franse president Emmanuel Macron had eerder op zondag een overleg met zijn premier en een aantal ministers.
Bij demonstraties in verschillende delen van Frankrijk zijn zaterdag honderden mensen aangehouden. Rond het middaguur waren volgens het ministerie van Binnenlandse Zaken 140 protestacties gaande, een deel liep uit op confrontaties met de politie. Uiteindelijk zouden zo’n 550.000 mensen actie hebben gevoerd. Demonstranten gooiden met vuurwerk en rookbommen en op verschillende plekken werden overheidsgebouwen beschadigd en bestormd.
Volgens minister van Binnenlandse Zaken Laurent Nuñez zijn in totaal 1.800 mensen gearresteerd. 500 politiemensen, gendarmes, ambulancemedewerkers en brandweerlieden raakten gewond, meldt de minister zondag op X.
De demonstraties volgen op drie weken van scholieren- en studentenprotest in Frankrijk. Zaterdag was door actiegroepen uitgeroepen tot nationale protestdag, waarbij onder meer de gelehesjesbeweging en vakbonden hadden aangekondigd zich bij de studenten aan te sluiten. Volgens aanwezige vakbonden zouden tot wel 800.000 mensen meedoen aan de acties.
In veel steden begonnen de demonstraties vreedzaam, maar liepen zij in de loop van de dag uit op ongeregeldheden. In Parijs werden op de Place de la République een auto en een krantenkiosk in de brand gestoken, aldus France24. De politie zette meerdere keren traangas in. Ook zijn op straat branden aangestoken. De officiële mars door Parijs leek verder relatief rustig te verlopen, maar zaterdagavond drongen actievoerders het stadhuis van het 10e arrondissement binnen en werden winkels geplunderd.
De burgemeester van Parijs Emmanuel Gregoire benadrukte zaterdagavond tegenover Franse media dat „de overgrote meerderheid van demonstranten” vreedzaam wilde demonstreren maar dat „daden van vandalisme” hun protest „overschaduwen”.
In Marseille hebben demonstranten het gemeentehuis bestormd en onder meer televisies gesloopt. Ook werd een buste van Marianne, het symbool van de Franse republiek, van haar sokkel getrokken en een anarchistisch symbool op de muur gespoten, meldt de Franse nieuwszender BFMTV. Daarnaast vonden er plunderingen plaats en werden de ramen van het politiebureau ingegooid.
In Lyon vielen gemaskerde demonstranten zaterdagmiddag een toeristencentrum aan. Er werden ramen ingegooid, er brak brand uit en er vonden plunderingen plaats. In Lille drongen demonstranten het gemeentehuis binnen, schrijft nieuwszender France24. De politie zou de indringers binnen enkele minuten hebben verdreven. In Limoges zouden relschoppers zaterdagavond brand hebben gesticht in het gemeentehuis, schrijft Le Monde.
President Emmanuel Macron heeft zich uitgesproken tegen de wanordelijkheden. „We zullen een blok vormen tegen hen die chaos zaaien, zij die enkel en alleen onze instituties omver willen werpen en verhinderen dat zij die vreedzaam hun eisen uiten, dat kunnen doen”, aldus Macron op X.
„Vredelievende manifestaties mogen plaatsvinden in onze Republiek”, reageert premier Sébastien Lecornu op X. „Brandstichtingen, plunderingen en aanvallen niet.” Volgens hem hebben „extreemlinkse groepen” en „criminelen” zich zaterdag schuldig gemaakt aan „plunderingen en vernielingen”. Het Franse ministerie van Binnenlandse Zaken houdt vanavond een crisisoverleg.
Jean-Luc Mélenchon van de linkse partij La France Insoumise meent dat de demonstraties grotendeels vreedzaam zouden verlopen. „Terwijl nieuwszenders overspoeld worden met beelden van geweld in tientallen steden, verloopt alles vreedzaam met tienduizenden mensen die zich rustig mobiliseren”, schreef hij op X.
Marine Le Pen, de presidentskandidaat van de extreemrechtse partij Rassemblement National, beschuldigt de „relschoppers” ervan de protesten in het land te „vergiftigen”. Volgens haar zijn de eisen van de demonstranten „gekaapt door extreemlinks” en is haar opponent eropuit om „door het legitimeren van geweld het land in chaos te storten”.
Franse gendarmes rennen weg tijdens demonstraties in Bordeaux.
Een demonstrant schopt een granaat weg terwijl hij midden in de traangaswolk voor het toeristenbureau van Lyon staat.
Er stijgt rook op tijdens een demonstratie tegen hoge kosten van levensonderhoud in Bordeaux, in het zuidwesten van Frankrijk.
Demonstranten verzamelen zich op de Place de la République op 17 oktober 2026 tijdens de demonstraties in Parijs.
Een demonstrant houdt een rookfackel en een Franse vlag vast tijdens een demonstratie tegen de „hoge kosten van levensonderhoud” op de Place de la République in Parijs op 17 oktober 2026.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie