Israëlische verkiezingen Netanyahu’s grote opponent bij de aankomende verkiezingen is voormalige legerchef Gadi Eisenkot. In Israël wordt hij door aanhangers en analisten de ‘anti-Bibi’ genoemd. Als het op de Palestijnen aankomt, zal hij weinig verschil maken.
Gadi Eisenkot, leider van de Yashar-partij, bezoekt een schuilplaats langs de weg tijdens de derde herdenking van ‘7 oktober’.
Onder zijn aanhang in Israël en door analisten wordt hij omschreven als de ‘anti-Bibi’: de 66-jarige voormalige legerchef Gadi Eisenkot. Hij is de belangrijkste opponent van premier Benjamin ‘Bibi’ Netanyahu. Al maanden laten de opiniepeilingen in aanloop naar de Israëlische parlementsverkiezingen op 27 oktober een nek-aan-nekrace zien tussen Eisenkots Yashar-partij en Netanyahu’s Likud.
Als mogelijke toekomstige premier is Eisenkot „diametraal het tegenovergestelde van Bibi”, schreef journalist Raviv Drucker in een opiniestuk voor de krant Haaretz. „Zijn eerlijkheid, diepgang en serieusheid zouden voor ons de ultieme remedie zijn.”
Qua profiel en campagne is Eisenkot in verschillende opzichten inderdaad een tegenhanger van Israëls langstzittende premier. Zo hamert hij op een sterk Hooggerechtshof, nadat Netanyahu’s coalitie in de zomer van 2023 omstreden hervormingen van het hof wilde doorvoeren – met massale protesten tot gevolg.
Een van de heikelste politieke kwesties in Israël is de historische vrijstelling van dienstplicht voor de ultraorthodoxe bevolking. Netanyahu houdt die groep (13 procent van de Israëlische bevolking) de hand boven het hoofd om zijn coalitiegenoten niet van zich te vervreemden. Eisenkot wil juist dat de ultraorthodoxe bevolking ook de dienstplicht vervult, net als de Palestijnse burgers van Israël (20 procent), die nu vrijstelling hebben.
Maar het meest sprekende verschil zit in hun achtergrond. Netanyahu groeide op in een Asjkenazisch intellectueel gezin in Jeruzalem, Eisenkot in een eenvoudig gezin in Eilat, in het uiterste zuiden van Israël. Zijn ouders waren Marokkaanse immigranten. Eisenkot kan de eerste Israëlische premier worden met een Mizrahi-achtergrond. De Mizrahim – zoals joden uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika worden aangeduid – zijn sinds de oprichting van de staat in 1948 politiek en sociaaleconomisch achtergesteld.
De afgelopen maanden voerde Eisenkot uitvoerig campagne in traditionele Likud-bolwerken, in de hoop gedesillusioneerde Bibistim (Bibi-stemmers) voor zich te winnen. Kort na de door Hamas geleide dodelijke aanval op 7 oktober 2023 lieten peilingen daarna zien dat Netanyahu als zelfverklaarde ‘Mr. Security’ zou verliezen als er verkiezingen werden gehouden. Sindsdien is hij gestaag opgekrabbeld. Oorlog is Netanyahu’s ideale bliksemafleider van zijn binnenlandse problemen en de corruptiezaken die al jaren tegen hem lopen.
Eisenkot profileert zich met een spiegelbeeld van ‘eerlijkheid’. Voor zijn campagne moet de onthulling over Netanyahu van de Israëlische krant Haaretz vorige maand een welkome impuls zijn geweest. Volgens de krant werd de premier kort voor 7 oktober 2023 vanuit de Verenigde Arabische Emiraten gewaarschuwd voor de Hamas-aanval, maar deed hij daar niets mee.
Netanyahu houdt een onafhankelijk staatsonderzoek naar de gebeurtenissen van 7 oktober tegen, tot woede van veel Israëliërs. Hij claimt dat senior medewerkers van de veiligheidsdiensten hem op de fatale ochtend niet wakker belden. Eisenkot eist een onderzoek.
Een reclame van de Israëlische nieuwszender i24 met daarop premier Benjamin Netanyahu (rechts) en zijn belangrijkste uitdager Gadi Eisenkot, aan een straat in Tel Aviv.
Eisenkots snelle politieke opmars is mede te verklaren door het overlijden van zijn zoon. Die kwam in december 2023 om als reservist in Gaza door een geïmproviseerd explosief. In een land waar dienstplicht geldt voor de meeste achttienjarigen kunnen veel Israëliërs met Eisenkot sympathiseren als rouwende ouder, als symbool van nationale opoffering.
Na een carrière van vier decennia binnen het leger, waar hij gestaag opklom tot legerchef, kwam Eisenkot in 2022 voor het eerst in het parlement, voor Benny Gantz’ partij Blauw en Wit – later de Nationale Eenheidspartij. Na 7 oktober 2023 trad hij samen met Gantz toe tot het zeskoppige oorlogskabinet dat de aanvallen op Gaza leidde. Binnen dat kabinet drong hij aan op een snel akkoord met Hamas om zoveel mogelijk Israëlische gijzelaars vrij te krijgen uit Gaza. Netanyahu saboteerde dat. Eisenkot stapte in juni 2024 uit het oorlogskabinet.
Ruim een jaar later verliet hij Gantz’ Nationale Eenheidspartij en richtte de Yashar-partij op (de naam betekent ‘rechtdoor’ of ‘eerlijk’). In de campagne belooft hij een eind te maken aan de verdeeldheid in Israël en het internationale imago op te krikken. Ook zegt hij de braindrain te willen stoppen.
Als het op de Palestijnen aankomt zou Eisenkot meer van hetzelfde betekenen. Zijn overwinning zou zeer weinig veranderen aan de bredere context van Israëlische controle over Palestijnse levens. Eisenkot streeft liever naar ‘scheiding’ tussen Israëliërs en Palestijnen – en daarmee een bestendiging van het systeem van apartheid in Israël en de bezette gebieden, zoals door Human Rights Watch en Amnesty International beschreven.
De bezetting van Palestina is in Israël nauwelijks een verkiezingsthema. De Hamas-aanval op 7 oktober 2023 is dat wel, maar vanwege de vraag wie verantwoordelijkheid draagt voor het „falen”. Niet vanwege de genocidale campagne tegen Palestijnen in Gaza die Israël daarop liet volgen. Net als de politieke mainstream is Eisenkot categorisch tegen een Palestijnse staat.
Gadi Eisenkot troost een vrouw wier kleinzoon is omgekomen in Gaza, niet ver van de grens met Gaza in het zuiden van Israël.
Eisenkot keurt het kolonistengeweld op de Westelijke Jordaanoever wel af en noemde dit „Joods terrorisme”. Maar in een interview met televisiezender Channel 12 zei hij dat hij een sterke voorstander is van de illegale nederzettingen in „Judea en Samaria”, de Bijbelse namen waarmee hij het bezette Palestijnse gebied aanduidt.
In tegenstelling tot de huidige coalitie is Eisenkot geen voorstander van annexatie. Maar dat wordt vooral gedreven door angst voor het verlies van een „Joodse meerderheid”, in het geval er miljoenen Palestijnen officieel onder Israël zouden vallen.
Naast zijn betrokkenheid bij de verwoesting van Gaza als lid van het oorlogskabinet heeft Eisenkot als legerchef een zware erfenis nagelaten. Onder zijn leiding werden in 2018 in Gaza 189 Palestijnen doodgeschoten en zesduizend verwond, die tijdens de vreedzame ‘Mars van de terugkeer’ bij het grenshek demonstreerden tegen de bezetting en de blokkade.
Eisenkot is daarnaast de bedenker van de Dahiya-doctrine, vernoemd naar een buitenwijk van Beiroet, die het gebruik van disproportioneel geweld en verwoesting van civiele infrastructuur dicteert om de vijand te intimideren.
Twee jaar na de Libanon-oorlog van 2006 noemde Eisenkot de doctrine zelf disproportioneel, met verwijzing naar de aanwezigheid van Hezbollah in dorpen in Zuid-Libanon. Maar de Dahiya-doctrine is de afgelopen jaren opnieuw toegepast in Gaza. Afgelopen maart noemde Eisenkot de doctrine, met verwijzing naar de oorlog met Hezbollah, „relevanter dan ooit”.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie