DELFT - De Al-Ansaar-moskee in Delft sleept samen met drie andere moskeeën onderzoeksbureau NTA voor de rechter. Het bureau deed in opdracht van gemeenten jarenlang in het geheim onderzoek naar mogelijke radicalisering binnen moskeeën. Nog altijd worstelt de Delftse moskee met de gevolgen. Nieuwe vrijwilligers vinden is lastig, omdat mensen vrezen dat hun naam op een terrorismelijst belandt. 'Niemand wil zijn carrière op het spel zetten.'
De zaak kwam in 2021 aan het rollen, toen NRC onthulde dat gemeenten in het geheim onderzoek lieten doen naar moskeeën. Dat gebeurde ook in Delft. De Al-Ansaar-moskee wilde de onderzoeksrapporten inzien, maar kreeg die niet zomaar.
Pas nadat de moskee vorig jaar een rechtszaak tegen de gemeente won, kreeg ze de stukken in handen. Volgens de rechter waren er genoeg aanwijzingen dat de gemeente het onderzoek helemaal niet had mogen laten uitvoeren.
Wat er precies in de rapporten staat, mag Abdelmonin Maanaoui, voorzitter van stichting Al-Ansaar, niet naar buiten brengen. 'Ik ben geschokt, dat is alles wat ik erover kan zeggen.'
Ook kreeg Delft nog een boete van 25.000 euro van de Autoriteit Persoonsgegevens. Volgens de privacywaakhond verzamelde de gemeente zonder wettelijke grondslag persoonlijke informatie over moskeebezoekers.
Uiteindelijk bood burgemeester Alexander Pechtold in februari excuses aan, nadat zijn voorganger Marja van Bijsterveldt dat had geweigerd.
Toch is voor Al-Ansaar de zaak hiermee nog niet voorbij. Samen met een moskee uit Leidschendam en twee uit Veenendaal stelt ze dat de rapporten vol onwaarheden staan, terwijl ze zich daar nooit tegen konden verdedigen.
Bovendien zijn de rapporten bij de politie en inlichtingendiensten beland. Van dat doorsluizen naar inlichtingendiensten heeft de moskee nog steeds last, vertelt Maanaoui.
'Twee voormalige vrijwilligers van de moskee zijn onterecht op een lijst van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) terechtgekomen. En als die informatie eenmaal met het buitenland is gedeeld, kom je daar nooit meer vanaf.'
Een van hen werd tijdens zijn huwelijksreis bij aankomst in Turkije teruggestuurd, omdat zijn naam op die lijst stond, volgens Maanaoui. De ander solliciteerde op zijn droombaan bij een ministerie in Nederland, maar werd volgens de voorzitter om dezelfde reden afgewezen.
'Ik ken die twee jongens persoonlijk. Die hebben absoluut niks met radicalisering te maken', benadrukt Maanaoui. Volgens de voorzitter is het aannemelijk dat hun plaatsing op de lijst verband houdt met de rapporten van NTA.
Toch kwam het onderzoek niet helemaal uit de lucht vallen. In de jaren ervoor waren verschillende jonge Delftenaren naar Syrië vertrokken om zich bij terreurgroep IS aan te sluiten.
Toenmalig burgemeester Marja van Bijsterveldt wilde nieuwe gevallen van radicalisering voorkomen en liet daarom in 2017 - zonder medeweten van de moskee - onderzoek doen door NTA. Andere gemeenten deden hetzelfde.
De problemen van de twee oud-vrijwilligers, zorgen volgens Maanaoui ook voor angst bij anderen. 'Er zijn nauwelijks nog mensen die zich bij ons willen inzetten. Mensen zijn bang dat hun naam straks ook op zo'n lijst komt te staan. Niemand wil zijn carrière op het spel zetten.'
De moskeeën willen nu dat de rechter vaststelt dat het onderzoeksbureau de wet heeft overtreden en hun schade moet vergoeden. Maar ze willen vooral voorkomen dat dit nog eens gebeurt. 'Ons doel is dat de rechter ervoor zorgt dat NTA dit soort onderzoeken nooit meer kan doen', besluit Maanaoui.
De rechtszaak wordt volgend jaar behandeld, maar wanneer is nog niet bekend. Onderzoeksbureau NTA wil voorlopig niet reageren. De gemeente Delft zegt buiten de rechtszaak te staan en wil er verder niets over kwijt.
Source: Omroep West Den Haag