Sociologie Mensen van nu hebben last van aanhoudende jachtigheid, omdat ze onderworpen zijn aan voorschriften en hun voorspelbare werk als zinloos ervaren. De Duitse socioloog Hartmut Rosa onderzoekt in zijn nieuwe boek hoe we speelruimte kunnen terugkrijgen.
In de keuken graag met potten en pannen in de weer, krijg ik regelmatig het advies een Thermomix aan te schaffen. Dat schijnt heel handig te zijn. Mengen, roeren, verwarmen: het ding doet alles zelf en maakt allerlei gerechten automatisch voor je klaar. Dat is precies het probleem, zeg ik dan. Voor mij is dat geen koken meer.
Hartmut Rosa: De wereld als constellatie. Hoe de handelingsruimte verdwijnt. (Situation und Konstellation: Vom Verschwinden des Spielraums) Vert. Huub Stegeman. Boom, 237 blz. €24,90
Van de Duitse socioloog Hartmut Rosa krijg ik, in zijn recent verschenen studie De wereld als constellatie, helemaal gelijk. Bij een Thermomix ben je in de keuken alleen nog maar een uitvoerder, aldus Rosa. Je drukt volgens de gebruiksaanwijzing een paar knoppen in en daar gaat het apparaat al zelfstandig aan de slag. Enige creativiteit komt er niet bij kijken. De thuiskok handelt niet meer, aldus Rosa. Na zijn keuze voor dit of dat eindresultaat volgt hij alleen nog een voorgeschreven protocol.
Mijn keukenavonturen zouden het vermelden niet waard geweest zijn als Rosa, die in Jena sociologie doceert, in de Thermomix-verleiding geen algemeen patroon ontwaarde dat de huidige samenleving plaagt. Meer en meer wordt ons doen en laten onderworpen aan gedetailleerde voorschriften die geen afwijking toestaan, zo stelt hij vast. In de zorg is elke handeling tot op de minuut vastgelegd. Maakt de kassière in de supermarkt een fout, dan moet een heel restitutietraject worden ingeslagen om die te herstellen. Met verplichte minimumstraffen ontneemt de wetgever de rechter elke mogelijkheid tot clementie.
Geen wonder dat mensen hun werk als doods en zinloos zijn gaan ervaren, aldus Rosa. Hun eigen oordeel en handelingsruimte wordt geëlimineerd door het systeem, dat hen tot loutere uitvoeringsinstanties degradeert. Met gevoelens van zinloosheid en burn-out tot gevolg. In de samenleving is alles tot in de puntjes geregeld, maar betekenis voor het levensgeluk van mensen heeft dat niet meer.
De wereld als constellatie is het derde van een reeks boeken die je – althans zoals ze in Nederland zijn uitgegeven – zou kunnen lezen als een trilogie. Die begon tien jaar geleden met Rosa’s essay Leven in tijden van versnelling, zes jaar later voortgezet met Onbeschikbaarheid. In dat drieluik peilt Rosa het onbehagen in de hedendaagse westerse cultuur langs zowel sociologische als filosofische lijnen.
Sociale wetenschappen, zo schrijft Rosa in het begin van Leven in tijden van versnelling, moeten zich bezighouden met vragen „die in het leven van mensen weerklank vinden” en het probleem van aanhoudende jachtigheid en tijdgebrek is daar één van. Ooit was de versnelling van het leven een symptoom van een vooruitgang die emancipatie en een beter leven beloofde, maar nu dat perspectief verdwenen is begint het proces in zichzelf dol te draaien. Versnelling en verandering zijn er alleen nog omwille van zichzelf. Daarmee raakt de westerse mens steeds meer vervreemd van wat voor hem de eigenlijke waarde van het leven zou moeten uitmaken.
Met die laatste observatie haakt Rosa in op wat zijn collega Andreas Reckwitz beschreef in zijn omvangrijke studie Verlies (2025) waarin hij de tanende toekomstverwachting eveneens aanwees als oorzaak van de huidige neerslachtigheid. Volgens Rosa reikt dit probleem zelfs nog verder dan „het ontbreken van enig duidelijk doel aan de horizon”. De drukdoenerij waardoor wij meegesleept worden, vervreemdt ons van datgene waar het in het leven nú werkelijk om gaat, zo schrijft hij. In onze poging de wereld steeds meer onder controle te krijgen, vergeten we dat deze pas werkelijk betekenis krijgt in wat wij niet beheersen.
Een cruise kun je plannen, aldus Rosa, maar de kosmische ervaring midden op zee door het universum te worden overweldigd niet. Ze is niet ‘beschikbaar’, want wat ons ten diepste raakt kunnen we niet maken. Sterker nog: het raakt ons juist omdat we het niet kunnen maken. Het overvalt ons als iets dat ‘van elders’ komt en waarmee we op dat moment in resonantie raken. In een cultuur die uit is op controle, greep en voorspelbaarheid dreigt dat besef echter te verdwijnen. Of liever: het blijft onder de oppervlakte knagen als iets onvervulbaars en een almaar stijgend onbehagen.
Daarmee begaf Rosa zich in Onbeschikbaarheid op cultuurfilosofisch terrein en die lijn trekt hij in De wereld als constellatie door. Want wat is dat voor een werkelijkheid waarop wij tot in de verste uithoeken greep trachten te krijgen en waarin wij elk risico proberen uit te bannen? Het is een wereld waarin alles wat wij doen is onderworpen aan voorgeschreven richtlijnen, opdat daarin elk risico, maar ook elke onvoorspelbaarheid verdwijnt.
Dat is niet alleen merkbaar in het openbare leven, maar ook in ons persoonlijk bestaan, aldus Rosa, tot in het speelgoed van onze kinderen toe. Bestond een Lego-doos vroeger uit abstracte blokken waarmee de fantasie grenzeloos aan de slag kon, nu kan een kind er nog één voorgeschreven ruimteschip of vliegtuigmodel mee bouwen – volgens de richtlijnen die in het bouwplan gedetailleerd worden meegeleverd.
Het hele bestaan wordt zo een stelsel van voorschriften die wij dienen uit te voeren, zonder dat daar nog enige handelingsvrijheid, laat staan creativiteit aan te pas komt. We worden meer en meer wezens die leven in een constellatie, terwijl ons werkelijke bestaan er eigenlijk een is in situatie: de specifieke, veranderlijke en nooit geheel in algemene regels te vangen eenmaligheid die ons maakt tot wat wij zijn. Alleen in zo’n situatie komen we in resonantie met een werkelijkheid die al evenmin tot regels en protocollen is terug te brengen. Een situatie zoals we die ervaren onder een overweldigende sterrenhemel, in de trots met legostenen iets gemaakt te hebben dat we helemaal zelf hebben bedacht, of in de voldoening iets te hebben gekokkereld zonder Thermomix.
Met de vraag hoe de huidige cultuur zich kan onttrekken aan het regime van ultieme beheersbaarheid beëindigde Rosa Onbeschikbaarheid. In De wereld als constellatie probeert hij daarop een antwoord te geven. In een frontale confrontatie met de moderne hang tot controle kan dat antwoord volgens hem niet liggen. Niet alleen omdat de samenleving daardoor te zeer wordt beheerst om zomaar te kunnen worden geëlimineerd, maar vooral ook omdat die beheersing er niet voor niets is.
Regels beschermen ons immers óók tegen willekeur, tegen corruptie en tegen onverantwoordelijk gedrag, zo constateert Rosa terecht. Ze mogen de één dan beperkingen opleggen, de vrijheid van een ander kan daardoor wel worden vergroot. Dat een politieagent niet naar willekeur met boetes mag rondstrooien maar daarvoor aan strikte voorschriften gebonden is, beschermt iemand die hem om welke reden dan ook niet bevalt (vreemde huidskleur, rare haardracht) wel tegen willekeur en misbruik.
Het blijft voor Rosa dus schipperen tussen wetten en voorschriften enerzijds en, aan de andere kant, de creativiteit waarmee we daaraan tussen de regeltjes door zouden kunnen ontkomen. Daarbij verwijst hij naar de vindingrijkheid waarmee mensen in niet-westerse landen het systeem naar hun hand weten te zetten zonder daarmee direct in botsing te raken. Het zijn „handigheidjes” die staan voor „het creatieve, flexibele, innovatieve en vaak geïmproviseerde omgaan met een formeel gegeven, maar praktisch niet begaanbaar pad naar een passende oplossing”, zo schrijft hij.
Zo’n vijftig jaar geleden wees de Franse antropoloog Claude Lévi-Strauss al iets dergelijks aan in de tegenstelling tussen de (systematische) ingenieur en de knutselende bricoleur. De eerste maakt gebruik van algemene wetten, de ander ‘ritselt’ een oplossing in elkaar uit wat er voor hem toevallig voorhanden is. Rosa geeft daar een morele wending aan, maar moet toegeven dat ook daarvan op zijn beurt misbruik kan worden gemaakt.
Eén ding is bij een dergelijke herwonnen speelruimte dan ook onmisbaar, zo constateert Rosa terecht, en dat is een herstel van vertrouwen in de burger. Het hele beheersingsstelsel van de ‘constellatie’ is immers gebouwd op een systematisch wantrouwen, dat op zijn beurt de mistroostigheid van diezelfde burger alleen maar verdiepen kan. De slachtoffers van de Toeslagenaffaire kunnen daarvan meepraten.
Wat Rosa onvermeld laat, is dat een dergelijk vertrouwen niet kan bestaan zonder de acceptatie van het feit dat dat af en toe wordt beschaamd. Het is juist de eis van verantwoording, van het aanwijzen van schuldigen en van nieuwe, nog verder aangescherpte regels wanneer de vorige niet afdoende bleken, die de wereld als ‘constellatie’ in het leven heeft geroepen. Wie roept om meer vertrouwen, roept dus ook om een zekere zelfbeheersing en mildheid wanneer de dingen eens een keer misgaan.
Een laconieker levenshouding zie ik echter nog niet doorbreken in een samenleving die steeds vaker naar de rechter loopt om schadevergoeding en genoegdoening te krijgen bij alles wat niet gaat zoals het zou moeten. En misschien nog wel meer: die bij elke ongerechtigheid direct op zoek gaat naar schuldigen en om een strengere wetgeving roept.
Natuurlijk, onrecht moet worden hersteld en onnodige risico’s moeten worden voorkomen. Maar de rimpelloze samenleving waar de ‘constellatie’ naar streeft is onmogelijk en zelfs onwenselijk, want ze zou elke kraak of smaak verliezen, zoals ik aan mijn keukenprestaties geen plezier meer zou beleven wanneer ze alleen maar uit de Thermomix kwamen’. Shit happens – en daar is niet altijd iets aan te doen. De acceptatie van die tragische onvolkomenheid, die ons leven tegelijk kleur op de wangen geeft, lijkt me nog ver weg. Daarover zou Rosa misschien eens een vierde boek moeten schrijven.
Hartmut Rosa is op 31 oktober aanwezig op het Brainwash Festival in Amsterdam. Meer info op: brainwashfestival.nl
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie