Home

De straten van Nantes zijn in rap tempo schoongeveegd, maar de woede is niet weg

Protesten in Frankrijk Het linkse bolwerk Nantes worstelt met het geweld na de rellen van afgelopen zaterdag. Bij demonstranten en sympathisanten overheerst boosheid over de staat van het onderwijs, de kosten van het levensonderhoud en het hardhandige politieoptreden. „Ze vechten tegen tieners, tegen mensen met spandoeken.”

„Wie beschermt ons tegen de politie?”, staat op een gebouw van de universiteit van Nantes, dat drie dagen bezet werd door studenten.

‘Het volk heeft honger. Eet de rijken”, staat met grote rode letters op een muurtje bij de Kathedraal van Sint-Pieter en Sint-Paul in Nantes. De stadsreiniging is woensdag met een hogedrukspuit bezig de graffiti te verwijderen. De schoonmaakploegen van de west-Franse stad moeten de afgelopen dagen hebben gebuffeld; het inmiddels brandschone plein was afgelopen zaterdag strijdtoneel van de grote protesten. De landelijke protestdag liep in Nantes, net als in andere Franse steden, uit op confrontaties tussen demonstranten en de politie. Ook werden enkele tientallen winkels beschadigd en geplunderd.

Het protest trok tienduizenden vreedzame demonstranten, maar in de loop van de middag verviel de chique binnenstad van Nantes in chaos. Ook in Nantes is er veel kritiek op het gebrekkige optreden van de politie. Volgens lokale media was er niet genoeg politie op de been. Demonstranten wijten de wanorde juist aan het hardhandig uit elkaar drijven van de demonstranten, met onder meer traangasgranaten.

Een aantal relschoppers dat etalages vernielde en winkels plunderde, is inmiddels via snelrecht veroordeeld tot enkele maanden celstraf, schrijven Franse media.

„Het zijn de rechtvaardige en legitieme eisen die op deze manier de kop worden ingedrukt door de zinloze gewelddadigheid van enkelingen”, schreef burgemeester Johanna Rolland van Nantes zaterdag in een verklaring. Ze is de tweede vrouw van de linkse Parti Socialiste (PS). Haar kandidatuur werd tijdens lokale verkiezingen in maart dit jaar gesteund door La France Insoumise (LFI). Die radicaal-linkse partij wordt door rechtse partijen verantwoordelijk gehouden voor het geweld tijdens de demonstraties.

De hoofdstad van de regio Pays de Loire is al decennia een links bolwerk en worstelt merkbaar met de gevolgen van de rellen op 17 oktober. Bij demonstranten en sympathisanten lijkt de boosheid over de staat van het onderwijs, de kosten van het levensonderhoud en het hardhandige politieoptreden het in veel gevallen te winnen van de verontwaardiging over de vernielingen.

„Het volk heeft honger. Eet de rijken.” De muren rondom de kathedraal worden door schoonmakers weer graffiti-vrij gemaakt.

Grote kring

Een groep van ongeveer zestig studenten en medewerkers van de technische faculteit van de Universiteit van Nantes zit in een grote kring op een winderige parkeerplek achter hun faculteit. De zogeheten assemblée générale is geen protest, maar een vergadering over hóe ze gaan protesteren. Over de hele campus vinden dit soort bijeenkomsten plaats.

Onder de kastanje- en eikenbomen wordt gedebatteerd over de vraag of onderzoekers toegang houden tot de campus tijdens aankomende blokkades van de faculteit. Een medewerker, die met haar zoontje is gekomen, steekt haar hand op. „Als onderzoekers toegang krijgen, moet het ondersteunend personeel ook het gebouw in kunnen.”

Met die groep hadden de studenten in hun hyper-democratische proces geen rekening gehouden. Na wat gesteggel wordt besloten dat essentieel onderzoek door moet kunnen gaan en dat ondersteunend personeel dan ook toegang tot de campus krijgt. Het geweld van afgelopen zaterdag komt tijdens de vergadering niet aan bod.

Rondom de tramhalte Commerce in het centrum van de stad is weinig te merken van de mobilisatie van de studenten. Alleen een aantal dichtgetimmerde winkelruiten herinnert aan het slagveld dat hier afgelopen zaterdag ontstond. Het winkelend publiek kan gewoon weer naar de FNAC, de dakloze inwoners van Nantes hebben hun plekjes op de hoeken rondom het plein weer ingenomen en voor het nog dichtgetimmerde filiaal van de Uniqlo staan jonge mensen te collecteren voor een goed doel dat zich met huisvesting bezighoudt.

Over de hele campus van de Universiteit van Nantes vinden bijeenkomsten plaats waarin wordt gesproken over de komende blokkades en demonstraties.

Een universiteitsgebouw is nog dicht voor reparaties, nadat het eerder deze maand drie dagen werd bezet door studenten.

Eén van de straatwervers is Camille. De 23-jarige wil „vanwege de huidige politieke situatie in Frankrijk” liever niet met haar achternaam in de krant. „Eerlijk gezegd voel ik me niet goed sinds de demonstratie van afgelopen zaterdag. Ik ben heel gespannen, maar ik ben niet bang. Het is meer woede.” De Parisienne is een maand geleden naar Nantes verhuisd omdat Parijs haar te duur werd.

Voor de grote bedrijven die schade opliepen tijdens de rellen heeft Camille weinig compassie. „Het is karma, want het is niet normaal hoeveel geld grote bedrijven verdienen over onze ruggen.” Ze heeft daarnaast geen goed woord over voor het politieoptreden van de afgelopen weken. „Voor ons zijn ze belachelijk, met hun helmen, wapens, wapenstokken en traangas. Ze vechten tegen tieners, tegen mensen met spandoeken.”

Politisering van de protesten

Wiskundedocent Fabrice Hobaya (42) staat met twee van zijn leerlingen bij de fonteinen van de Miroir d’eau. Hij en zijn collega’s staakten begin dit jaar tegen de steeds vollere klassen op het Lycée Alcide-d’Orbigny. Maar begin oktober veranderde hij van actievoerder in protestbegeleider. Toen zijn eigen leerlingen gingen demonstreren wilde hij ze helpen. „Ten eerste wilden we de leerlingen beschermen, ongeacht onze eigen politieke overtuigingen. Ten tweede wilden we helpen met communicatie. Maar eerlijk gezegd redden ze zich erg goed, beter dan volwassenen.”

Zohra en Margot (beide 16hun achternamen zijn bekend bij de redactie) noemen de protesten en de blokkades op hun middelbare school ‘antifascistisch’. Ze vertellen dat mensen terugdeinzen bij het horen van dat woord, en dat maakt ze eerlijk gezegd een beetje moe. Die mensen „moeten maar een keer opzoeken wat fascisme is en wat het heeft veroorzaakt”. Ook maken ze zich boos over wat ze de „politisering” van de demonstraties noemen. Politieke partijen van links tot rechts maken volgens hen gebruik van de situatie. „Maar deze beweging is ontstaan vanuit de woede van het volk, niet uit een politiek vraagstuk”, zegt Margot.

Leerlingen Margot en Zohra, en wiskundeleraar Fabrice Hobaya blijven demonstreren voor beter onderwijs.

Dat de demonstraties ontaarden in rellen en plunderingen kan niet rekenen op goedkeuring van de twee strijdvaardige middelbare scholieren. „Daar was ik wel een beetje door gechoqueerd”, zegt Zohra, „zo zijn wij niet”. Margot vindt het met name erg voor de kleinere winkeliers. „Hun bestaan hangt af van die winkel.”

Wiskundeleraar Hobaya vindt dat de onderliggende problematiek meer aandacht moet krijgen. „In de media wordt veel nadruk gelegd op het geweld van relschoppers en het geweld van de politie. Maar volgens mij is er een eerste vorm van geweld die veel sterker en minder zichtbaar is: het sociale geweld dat mensen dagelijks ondergaan.”

Hij is verbaasd dat zijn scholieren na het politieoptreden van de afgelopen weken nog niet klaar zijn met demonstreren. Maar hij kan de steun goed gebruiken. „Als leraar ben ik moe en boos. Door hoe er op mijn scholieren wordt gereageerd en hoe de heersende macht reageert op eisen die het onderwijs eigenlijk al twintig of dertig jaar stelt.”

Menselijk schild van ouders

Ten zuiden van het centrum ligt het eiland Île de Nantes, ingeklemd tussen twee armen van de rivier Loire. In een van de nieuwbouwwijken staat het Lycée Nelson Mandela. De gevel van de middelbare school brandde op 1 oktober deels af tijdens een scholierenblokkade. De beelden gingen de hele wereld over.

Voor de school zit vakbondsvrouw en basisschoollerares Cécile Lehuédé. Samen met andere ouders van een middelbare school in de buurt vormde ze een menselijk schild tussen de demonstrerende middelbare scholieren en de ordetroepen van de politie. „Ik moet elke keer huilen als ik zie hoe scholieren zich mobiliseren en daarbij gevaar lopen.” Lehuédé heeft zelf veel ervaring als actievoerder, maar maakte niet eerder mee dat er zo hardhandig werd opgetreden tegen scholieren.

Ze is kwaad dat de rellen van afgelopen zaterdag in de schoenen van de partij LFI wordt geschoven en in die van jongeren uit de banlieues. „Ik heb het gevoel dat alles op één hoop wordt gegooid. Het is een totaalpakket om de mobilisatie van demonstranten te stoppen, mensen het zwijgen op te leggen en een deel van de bevolking in een kwaad daglicht te stellen.”

Het vooruitzicht van de presidentsverkiezingen in 2027 maakt haar onrustig. Het extreemrechtse Rassemblement National (RN) van Marine Le Pen doet het goed in de peilingen. De vader van haar kinderen komt uit Benin en ze vreest voor hun toekomst in Frankrijk. „Omdat ze door hun achternaam worden gestigmatiseerd. Als RN aan de macht komt dan zou ik overwegen om met mijn kinderen te verhuizen.”

Aankomende zaterdag wil ze weer gaan demonstreren, als er een nieuwe landelijke protestdag gepland staat. „Ik ben woedend omdat het openbaar onderwijs achteruitgaat en de publieke dienstverlening in het algemeen wordt afgebroken. Al jarenlang trekt niemand zich iets aan van wat we zeggen. Dus ik zal er weer bij zijn zaterdag. Ik zal bang zijn, ik zal woedend zijn, ik zal er zijn.”

Revolutie via de stembus

„On est là, on est là. Même si Macron ne le veut pas, on est là.” Een paar honderd demonstranten lopen donderdag door Nantes. De groep bestaat met name uit scholieren, studenten en vakbondsleden. Langs de route lopen enkele tientallen agenten van de nationale politie CRS met traangasgranaatwerpers en schilden met verf van de vorige demonstraties. Die zullen ze nu niet nodig hebben.

„De agenten waren zaterdag te druk met een vreedzame demonstratie, daarom waren er niet genoeg agenten toen er werd geplunderd”, zegt Mathieu Leclerq (39). De apotheker is raadslid in Nantes voor La France Insoumise en loopt bijna elke demonstratie mee. Hij verwerpt de beschuldigingen van rechtse partijen aan het adres van LFI. „Wij willen een revolutie, maar via de stembus.”

Voor de winkelier van een telefoonwinkel waarvan de ruiten zaterdag zijn ingegooid, doet de schuldvraag er niet echt toe. Wanneer de stoet demonstranten voorbijtrekt, laat hij zijn rolluiken uit voorzorg naar beneden.

Op het hek voor de verbrande gevel van de Lycée de Nelson Mandela hangt een citaat van de Zuid-Afrikaanse oud-president: „Er is geen betere manier om een samenleving te leren kennen dan te kijken naar hoe ze met haar kinderen omgaat.”

In het centrum van Nantes herinneren dichtgetimmerde winkelruiten aan het slagveld dat hier afgelopen zaterdag ontstond.

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Onderwijs

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next