Boomerachtig gelukkig wordt Bas van Putten van de nieuwe Mercedes S-klasse. De plugin hybride doet aan alsof er in de autowereld niets veranderd is. Piepjes voor snelheidsoverschrijding schakel je met één tikje op het beeldscherm uit.
De S580 e is reusachtig, loodzwaar en de comfortabelste limousine op de markt, zacht als een waterbed.
Ik had een Mercedes S-klasse, twee zelfs. De eerste, in Nautikblau Metallic en zo oneindig als een rondvaartboot, had acht cilinders en een elektrisch verstelbare achterbank. Daar maakten de kinderen mijn 279 pk sterke machtsprivilege tot het hunne door met totalitair genoegen alle bedieningsknopjes in de deuren te slopen. Zelf was ik ook een kind. Mijn grootste passie was in de Zeeburgertunnel richting Diemen op de muziek van het voorspel uit Wagners ‘Siegfried’ parallel met het crescendo gas te geven en de bocht naar de A1 richting Hilversum bij zo hoog mogelijke snelheid te laten samenvallen met Wagners luidste hoogtepunt. De banaliteit van het vertier was onthutsend. Het ding verbruikte 1 op 4 en het klimaat bestond nog niet.
Ik ga me niet verontschuldigen voor wie ik toen was, parafraseer ik Harry Mulisch over zijn flirt met Cuba. Ook niet ‘rechtse hobby’ zeggen. Ik kende Volkskrant-collega’s met dezelfde domme aandoening. In verlichte kringen was Mercedes rijden postmoderne camp. Alles aan je binding met zo’n auto was ironisch, komisch pact met de duivel, met de dubbele morele bodem die pas indaalde nadat je van de neiging was genezen. Je deed geen vlieg kwaad maar werd de fellowtraveller van wie dat wel deed, dictators en criminelen, hun mannendromen van macht en materie. Op die fiets reed Mercedes toen. We rule the world. Jij dus ook, met je verraderlijkste knipoog.
De S-klasse bleef. Voor mannen die de energietransitie als een schunnig wokecomplot beschouwen en EV’s ondanks hun sympathie voor Elon Musk hardnekkig als historische vergissing afserveren. En die accu’s dan? Hoe wou je die opruimen? Hoezo duurzaam? Zeg het maar, groenlinkse paupers! Je ziet ze voor je. Tuinders van tachtig, een enkele fossiele drugsbaron, het hele godvergeten haatzaaireservaat. Debielen met geld, hoor je de nieuwe wereld wokig proesten. Ik zwijg semi-schuldig.
Enfin, er is een nieuwe S-klasse. Wat vreemd is omdat ik een Mercedes-manager al lang geleden hoorde zeggen hoe ze zich bij Mercedes hadden afgevraagd of ze nog wel zoiets moesten maken, nu hun kleinere modellen net zo comfortabel reden en iedereen toch aan de suv moest. Dit is nog een plugin hybride ook, verraderlijke flirt met de laadpaal. Maar trouwe klanten willen hem en het oog ziet een echte. De testauto weegt 2.512 kilo, is langer dan mijn blauwe rondvaartboot en op de reuzengrille prijkt een vette Mercedes-ster alsof er sinds mijn tijd niks is veranderd. „Eindelijk is je pens functioneel”, zegt de immer tactvolle fotograaf.
De S 580e is de comfortabelste Mercedes ooit. Als een magische wals strijkt hij kasseien glad die je in alle andere auto’s je nieren kosten. Alles is week aan hem. De vering, de stoelen, het geluid dat je uitsluitend hoort wanneer de zescilinder de elektromotor bijstaat, of vervangt als die na honderd kilometer de 21,9 kWh sterke batterij heeft leeggetrokken; de piekervaring stroomt als slagroom door je aderen. Op elke hobbel die het dankzij de Mercedes bijna niet meer is hoor ik mij boomerachtig kreunen. De verrukking is de ironie voorbij, vrees ik. Dit is de verwording die de oude, soft geworden Schwarzenegger liet afglijden naar een kerstfilm.
Onder het enorme centrale multimediascherm gewaardeerde echte knoppen voor onder meer alarmlichten en volumeregeling.
In een hoek van de voorruit bevindt zich met de allure van een kunstwerk een van de tientallen speakers van het vorstelijk klinkende Burmester-audiosysteem.
Comfort oude stijl; extra kussentjes op de achterbank. De draadloze telefoonoplader steekt wat klunzig uit de middenarmsteun, alsof ze bij Mercedes te elfder ure bedachten dat het niet 1980 maar 2026 was.
Uitklapbaar tafeltje voor de laptop.
De vechtlust is er nog, 510 pk, maar waarom zou je? Hij is het klassieke, rustgevende statussymbool van een verdwenen wereld, al zou je dat binnen niet zeggen. Daar krijgt de fossiele ster gezelschap van 21-ste-eeuwse verworvenheden als beeldschermen van uiterst links tot uiterst rechts. De bekerhouders zijn verlicht, de zonneschermen achter via het touchscreen chic op afstand te bedienen. Voor aspirantboomers als ik is dit het hoogste. Linksboven op het scherm bevindt zich een symbool om moderne piepjes voor snelheidsoverschrijdingen instant uit te schakelen, waarna alles net als vroeger wordt, toen alles nog goed was.
De wangen van de rugleuningen bollen in bochten op om je tors overeind te houden, zoals in lobby’s van dure hotels bij het geringste signaal van servicebehoevendheid een ober op je afschiet. Goddelijk. Heeft hij echt geen manco’s? Ja, de elektrische kofferklep sluit te snel, maar daar kan door het batterijpakket onder de vloer toch bijna niets meer bij en van zijn grumpy stuurmannen hoeft er alleen maar tuinaarde of coke in. De S 580e is het magistraal gerenoveerde Rijksmuseum van de autogeschiedenis, een Nachtwacht met smartphonehouders. Nu zijn evolutionaire eindtijd nadert kan ik misschien beter mausoleum zeggen, maar je ligt vorstelijk opgebaard.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie