Rianne Letschert (Onderwijs) kreeg het donderdag zwaar te verduren in de Tweede Kamer, na haar streep door het beloofde renteplafond op de studieschuld. ‘Een opstapeling van gebroken beloftes’, foeterde de oppositie. ‘Deze minister doet hetzelfde als haar voorgangers: studenten naaien.’
is politiek verslaggever van de Volkskrant. In Den Haag volgt hij naast de dagelijkse actualiteit ook de ontwikkelingen rond het onderwijs.
Hoofdschuddend stapt Caroline van der Plas donderdag weg van de interruptiemicrofoon. Die gloeit na van de kritiek van de BBB-leider. ‘Verbijsterend’, vindt ze, net als veel van haar collega’s in de oppositie, de uitleg die ze zojuist van onderwijsminister Rianne Letschert heeft gekregen over het schrappen van het renteplafond op de studieschuld.
De belofte uit het regeerakkoord om dat renteplafond niet in te stellen, is donderdag de grootste steen des aanstoots bij de behandeling van de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW).
Maximaal 2,5 procent rente zouden (oud-)studenten gaan betalen over hun studieschuld, verzekerde het kabinet in januari nog. Een pot van 40 miljoen euro stond klaar. Vooral de ‘pechgeneratie’, die tussen 2015 en 2023 geen basisbeurs kreeg en dus meer moest lenen, zou van het plafond profiteren.
Maar dat was voordat de oorlog met Iran uitbrak, die door de Verenigde Staten en Israël werd ontketend. Die heeft de energieprijzen tot grote hoogten gestuwd, met ook een forse stijging van de inflatie en rente tot gevolg.
Het beloofde renteplafond dreigde daarmee veel duurder uit te vallen: 160 miljoen euro per jaar volgens Letschert, en zonder de garantie dat het daarbij blijft. Vorige week donderdag, midden in het herfstreces, informeerde de D66-minister de Tweede Kamer per brief dat het renteplafond er niet komt.
‘Superzuur’ en ‘heel vervelend’, noemt ze die conclusie een week later in het begrotingsdebat. Toch kan het volgens haar niet anders. ‘Ik heb niet een ongelimiteerde envelop die ervoor kan zorgen dat dit renteplafond altijd de financiële dekking heeft die nodig is. Dan ga ik de OCW-begroting leeg laten lopen.’
Sterker: volgens Letschert had het renteplafond, tevens een verkiezingsbelofte van haar eigen D66, zo nooit in het regeerakkoord mogen belanden. ‘Ik zou niet adviseren om deze maatregel ooit in te voeren. (...) Dit is onuitvoerbaar.’
Toch kunnen Letschert en de rest van het kabinet onmogelijk zeggen dat ze niet gewaarschuwd waren: al in 2023 stelde voorganger en partijgenoot Robbert Dijkgraaf dat een renteplafond ‘zeer nadelige financiële gevolgen voor de overheid’ zou hebben bij een rentestijging.
De oppositie kent donderdag dan ook weinig mededogen voor Letschert. ‘Heel vervelend is het als het regent. Dit is gewoon een molensteen om de nek van studenten’, protesteert SP’er Sandra Beckerman.
Wat het schrappen van het plafond des te pijnlijker maakt, is dat studenten bij de invoering van het leenstelsel werd verteld dat ze echt niet bang hoefden te zijn om te lenen – de rente was immers laag. Ook voor het verkrijgen van een hypotheek zou een studieschuld geen groot obstakel vormen. Toch is het wettelijk verplicht een schuld te melden en weegt de bank die wel degelijk mee. Zeker op de huidige, oververhitte woningmarkt speelt dat starters parten.
Wat we hier zien, is ‘een opeenstapeling van gebroken beloften’, concludeert Dassen. ‘Dit schaadt het vertrouwen van de studenten in de overheid en de politiek’, zegt Fatihya Abdi (Pro). Denk-Kamerlid Dogukan Ergin verwoordt het platter (en krijgt daarvoor een reprimande van de Kamervoorzitter): ‘Wat deze minister doet, is exact hetzelfde als wat haar voorgangers deden: studenten naaien.’
Meerdere Kamerleden wijzen erop dat de reden dat Letschert het renteplafond nu niet wil invoeren, namelijk de stijgende rente, juist het idee was achter het plafond. Dat moest studenten immers beschermen tegen te forse rentelasten. Het financiële risico, dat het kabinet niet op zichzelf wil laden, parkeert het nu dus bij de (oud-)studenten.
Bovendien: dat de wereld bibbert van de geopolitieke onzekerheden is niet bepaald nieuw. Van der Plas: ‘What the hell, denk ik dan. We hebben hier zesduizend debatten per jaar over de geopolitieke spanningen.’
Op aandringen van de Kamer geeft Letschert tijdens het debat ambtelijke stukken vrij. Daaruit blijkt dat minister Heinen van Financiën al in maart kenbaar maakte het renteplafond in de voorgestelde vorm ‘een absolute no-go te vinden’. Op dat moment was intern al bekend dat de maatregel minstens het dubbele zou kosten, dus 80 miljoen euro per jaar.
Op 24 april spraken Letschert en Heinen elkaar telefonisch om een bevredigend alternatief te vinden, maar zonder succes. Een van de voorstellen van de ambtenaren betrof een vaste verlaging van 0,2 procentpunt op de rente over de studieschuld. Dat bleek volgens Letschert een druppel op een gloeiende plaat: voor sommige studenten zou dat zijn neergekomen op ‘30 euro per jaar’.
Wat in elk geval níét uit de stukken blijkt, concludeert de oppositie, is dat de minister alles op alles heeft gezet om haar plafond te redden. ‘Studenten verwachten van een minister van D66-huize dat ze vecht als een leeuw om dit binnen te halen’, zegt Abdi van Pro.
Een groot deel van het gereserveerde geld, 30 miljoen euro, zal nu gaan naar mbo’ers. Anders dan studenten op het hbo en aan de universiteit krijgen zij op dit moment nog geen cursusgeld terug als zij vroegtijdig stoppen met hun studie. Een motie van D66 om dit recht te trekken, kreeg vanuit de oppositie de steun van JA21 en ChristenUnie. De resterende 10 miljoen wordt besteed aan een extra verhoging van de basisbeurs voor uitwonende studenten.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant