De Nederlandse economie is afgelopen kwartaal met 0,6 procent gegroeid, ondanks alle mondiale economische en geopolitieke onrust. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS.
is verslaggever macro-economie bij de Volkskrant. Hij volgt de wereld van de aandelenbeurzen, de grootbanken en het monetaire beleid.
Ondanks de Iran-oorlog, de afsluiting van de Straat van Hormuz, de stijgende rentes, Trumps importheffingen, de hoge olie- en gasprijzen en de vrees die af en toe de kop opsteekt dat de AI-boom verdacht veel lijkt op een AI-bubbel, is er in Nederland sprake van economische groei, becijferde het CBS.
Daarmee tonen de Nederlandse bedrijven en huishoudens zich opmerkelijk veerkrachtig; de Franse economie bijvoorbeeld kromp afgelopen kwartaal met 0,1 procent.
Ook stelde het CBS het groeipercentage voor het tweede kwartaal naar boven bij: bij nader inzien groeide de economie van april tot juni met 0,7 procent, de sterkste stijging in twee jaar tijd. Ten opzichte van een jaar geleden is de economie zelfs 2,2 procent groter; sinds eind 2022 is een jaar-op-jaar-groei niet zo hoog geweest.
‘Het vorige kwartaal was al verrassend goed en nu opnieuw’, reageert CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen tegen het ANP. ‘Begin dit jaar was de raming nog dat de groei voor dit hele jaar onder de 1 procent zou uitkomen, maar inmiddels zitten we op een gemiddeld groeitempo van 1,7 procent.
‘Zelfs als de groei in dit laatste kwartaal zou stilvallen, zou de groei nog ruim boven de 1 procent uitkomen. Dat zegt dat de verwachtingen door de geopolitieke onzekerheid veel te somber waren.’
De groei speelt zich af in vele sectoren. De export van machines ging met 0,5 procent omhoog, de overheid gaf 0,4 procent meer uit aan met name zorg en ambtenarensalarissen, en ook huishoudens besteedden 0,4 procent meer: vooral aan eten en kleding.
Nederland exporteert vooral naar de Europese Unie en daar plukt het nu de vruchten van. Veel van de internationale spanningen spelen zich niet af op het Europese continent. Bovendien hebben Nederlanders genoeg geld in de portemonnee; de hoge inflatie is nog altijd lager dan de inkomensstijging. Genoeg geld dus om te shoppen en op vakantie te gaan.
Zelfs de hete en droge zomer raakte de economie niet: de binnenvaart kon minder vervoeren door de lage waterstanden, maar daardoor reden er meer goederentreinen en vrachtauto’s.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant