Bouw In Vught moet het station uit 1868 13,6 meter opschuiven om ruimte te maken voor „de verdiepte ligging” van het nieuwe spoor. Die verdieping zorgt ervoor dat vijf spoorwegovergangen kunnen verdwijnen.
Toeschouwers kijken naar het verplaatsen van het oude station in Vught.
De ritmische piepjes die opklinken uit de bouwput onder het monumentale stationsgebouw van Vught, zijn zelfs op de overvolle en rumoerige tribune te horen. „Dan is het systeem in werking”, zegt Jaam Wielen (63) uit ’s-Hertogenbosch. Hij kan het weten. Wielen was hier al om half acht, terwijl de eerste millimeters van de historische verplaatsing pas een half uur later zouden plaatsvinden. „Ik wilde foto’s maken toen er nog niemand was”, zegt hij.
Op zijn telefoon laat hij foto’s van de dag zien. Scrollend toont hij de horizontale reis die het station van 28 bij krap 9 meter maakt. „Het weegt ongeveer 700.000 kilo; dat zijn zo’n 470 auto’s!”, staat op de flyer die wordt uitgedeeld. Het gebouw uit 1868 moet 13,6 meter opschuiven om ruimte te maken voor „de verdiepte ligging” van het nieuwe spoor. Die verdieping zorgt ervoor dat vijf spoorwegovergangen kunnen verdwijnen. Dat maakt Vught veiliger, zei burgemeester Chantal Nijkerken-de Haan tijdens de NOS-livestream van de stationsverplaatsing.
Maar om dat te kunnen bewerkstelligen moest het oude stationsgebouw inclusief kelder dus plaatsmaken. Want afbreken, daar is elke toeschouwer het over eens, was geen optie. Het rijksmonument speelde een grote en vooral verdrietige rol tijdens de Tweede Wereldoorlog. Duizenden Joden en andere gevangenen werden via dit station naar Kamp Vught vervoerd, slechts een enkeling werd dat lot bespaard.
Op de tribune kijkt ook Marianne Coppens (63) naar het kruipende pand. De opa van Coppens, Willem Jooren, was hier vanaf 1940 stationschef. „Daar sliep mijn moeder”, zegt ze, terwijl ze naar het bovenste raampje wijst. „Zonder dat mijn opa dat wilde, werd hij meegesleurd in het geweld dat zich hier heeft afgespeeld.”
Het was een zwijgzame man, maar achteraf bezien snapt ze dat ook wel. „Hij moet zoveel afschuwelijks hebben gehoord en gezien. Ik denk dat hij altijd het gevoel heeft gehad dat hij niet genoeg heeft kunnen doen.” Toch vindt ze het belangrijk nu wel zijn verhaal te vertellen. „Omdat hij zijn kinderen en kleinkinderen altijd heeft meegegeven dat het belangrijk is te kijken wat je wél kunt doen.”
In de kelder, die nu boven de grond hangt, zat een kolenopslag met een luik, vertelt ze. „Mijn opa haalde mensen uit de rij van het transport en liet ze door dat luik naar de kelder verdwijnen. Als de Duitse soldaten vertrokken waren, konden mensen daarna ontsnappen.” Haar opa kreeg ooit een brief van ene Nathan, uit Canada. „Hij schreef dat hij mede door mijn opa nog leefde. Ik ben heel blij dat opa die brief nog heeft kunnen lezen.”
De sfeer op de tribune is goed. Er staan twee koffiekraampjes met ‘gratis koffie & koek’, waar enthousiast gebruik van wordt gemaakt. „De koek is op”, laat een toeschouwer weten die net aankomt. „Hoeveel meter hedde gij gezien?”, vraagt ze haar buurvrouw.
Wielen, die alle meters heeft gezien, zegt: „Ze zijn nu op driekwart, denk ik.” Dan moet je wel de tijd erbij zeggen, zegt spoorwegliefhebber Rob Hofmeester (69), die uit Goirle is gekomen om het spektakel te aanschouwen. „Het is nu half twee”, zegt hij na een blik op zijn horloge. „We hadden net zo goed naar een grasveld kunnen gaan kijken”, grapt een toeschouwer tijdens de lunchpauze van de verhuizers. „Je moet een referentiepunt kiezen, dat is het belangrijkst”, zegt Wielen. „Ik vind het al bijzonder als een stacaravan op een vrachtwagen vertrekt”, zegt de gepensioneerde Alida.
Naast de UFO, ’the unit for observation’, is het mediaplatform opgetuigd. Daar staan de hoofdaannemers van Alliantie Vught Verdiept en onderaannemer Bresser pers te woord. Taco Bresser legt met een complex technisch verhaal uit hoeveel werk eraan vooraf is gegaan. Het meten, de schuifconstructie, de nieuwe draagvloer onder het gebouw.
„Een dienblad, zeg maar”, vult Ricardo Nuijens van Vught Verdiept aan. Dat dienblad werd opgetild, zodat het gebouw „op pootjes” kwam te staan, zegt Nijens, en vervolgens op een rails gezet. „En zo schuift het gebouw naar zijn nieuwe bestemming.” Rond vijf uur ’s middags zal de bestemming bereikt zijn. Wielen blijft op de tribune zitten tot het zover is. „Ik blijf tot het einde, natuurlijk.” Daarna zal het nog anderhalve week duren, maar dan komt het pand „weer op zijn pootjes terecht”.
In 2030 moet het stationsgebied zijn definitieve vorm bereiken. Met dezelfde geschiedenis, maar dan 13,6 meter verderop. „Het is symbolisch”, zegt Coppens. „Dat was echt de mentaliteit van opa. Altijd kijken naar wat wél kan.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie