Home

Inheemse leiders op VN-top: WWij beschermen de biodiversiteit, maar hebben geen stem’

Tijdens de vorige VN-top over biodiversiteit boekten inheemse volkeren een groot succes: ze kregen een eigen adviesorgaan. Maar op de huidige top in de Armeense hoofdstad Jerevan proberen sommige landen te morrelen aan hun rechten. Drie inheemse leiders aan het woord.

is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over het Middellandse Zeegebied en migratie, klimaat en natuur.

‘We zijn hier gekomen met hetzelfde doel, maar het lijken soms wel duizend verschillende doelen.’ Pablo Hernán Jamioy, een inheemse leider uit de Amazone van Colombia, kan zijn frustratie op de VN-top over biodiversiteit niet langer verbergen.

Al bijna twee weken zijn er in de Armeense hoofdstad Jerevan onderhandelingen gaande over het beschermen van de natuur. Maar veel vooruitgang hebben de afgezanten van de 196 onderhandelende partijen (195 landen en de EU) niet geboekt.

Tijdens de vorige top over biodiversiteit, twee jaar geleden in het Colombiaanse Cali, bereikten de inheemse volkeren wel een belangrijke doorbraak. Ze kregen toen een eigen adviesorgaan, en daarmee een formele rol tijdens besprekingen over de natuur.

Hoeders van natuur

Dat was een ommekeer. Lange tijd was natuurbescherming gericht op het beperken van menselijke invloed. Soms dwongen machthebbers de inheemse volkeren hun leefgebied te verlaten om er een natuurpark van te maken. Inmiddels staat vast dat juist inheemse leefgebieden vaak rijk zijn aan biodiversiteit. Oorspronkelijke bewoners gelden nu als belangrijke hoeders van de natuur.

Maar de praktijk blijkt weerbarstig. Vooral Rusland wordt in Jerevan genoemd als een land dat probeert de rechten van de inheemse bevolking en lokale gemeenschappen, zoals ze officieel heten, te ondermijnen. Het Russische regime wil ongestoord zijn gang kunnen gaan, bijvoorbeeld in het Arctisch gebied.

Andersom kunnen de inheemse groepen voor bijvoorbeeld de EU een bondgenoot zijn. Ze hebben vaak een uitgestrekt leefgebied en kunnen een tegenwicht vormen tegen regeringen die de natuur liever exploiteren dan beschermen.

De inheemse volkeren pleiten in Jerevan voor meer dan alleen erkenning: ze willen ook zeggenschap. ‘In de toekomst zouden we zélf een van de onderhandelende partijen willen zijn, net als de landen die hier zijn’, zegt Jamioy. Hoe proberen ze hun invloed te laten gelden? Drie inheemse leiders aan het woord.

Pablo Hernán Jamioy, leider van het Kamëntsá-volk in Colombia

‘Wij zijn essentiële spelers voor het beschermen van de biodiversiteit. Toch hebben we op deze top geen stem. We gelden als observatoren, niet als partij. Dat betekent dat we niet zelf tekstvoorstellen kunnen doen.

‘We moeten dus altijd te werk gaan via vrienden en bondgenoten. Dat zijn onder andere Noorwegen, Panama, Brazilië en Mexico. Ook verschillende lidstaten van de EU steunen ons.

‘Wat deze landen gemeen hebben, is de ideologie van degenen die in de regering zitten. Sommige landen verdedigen het leven op aarde, het algemeen welzijn. Andere gaan voor de belangen van bepaalde economische sectoren.

‘Een van onze speerpunten is de directe toegang tot financiering. Zonder lange procedures en bureaucratie. Nu lopen veel financieringsstromen via de nationale overheden.

‘Vroeger hadden we geen geld nodig. Toen werd de natuur met rust gelaten. Maar nu is dat anders. Onze territoria zijn groot. Als iemand het bos komt kappen, hebben we geld nodig om op tijd ter plekke te komen. Alleen zo kunnen we onze heilige plaatsen beschermen: onze bergen, ons water.’

Inara Waty, leider van het Sateré-Mawé-volk in Brazilië

‘Een groot verschil met twee jaar geleden, in Cali, is dat we nu aan tafel zitten met de partijen. We praten direct met de vertegenwoordigers van alle landen.

‘Soms hebben de staten een nogal koloniale houding. Op dit moment draaien de gesprekken erom wie er in ons adviesorgaan moet komen. Wij mogen daarover niet vrij beslissen, bijvoorbeeld over hoeveel vertegenwoordigers we willen sturen.

‘Het gebeurt ook steeds weer dat inheemse volkeren tussen vierkante haken worden gezet in verschillende stukken tekst van de eindverklaring. Dat betekent dat er geen overeenstemming over is, en dat de inheemse volkeren dus op die punten kunnen worden geschrapt. Vooral Rusland en Indonesië plaatsen ons steeds tussen haken. Vandaag voerden we, samen Greenpeace, actie onder de leus: plaats ons niet tussen haken.

‘Panama en Nederland staan aan onze kant. De Nederlandse minister van Natuur heeft ons een paar maanden geleden ontvangen. Hij heeft naar ons geluisterd. Ja, Nederland staat op dit moment open voor wat we zeggen.’

Tuomas Aslak Juuso, vicevoorzitter van het Sámi-parlement in Finland

‘We kwamen hier met grote verwachtingen, maar de onderhandelingen verlopen erg moeizaam. Er ligt nu een voorstel om tien vertegenwoordigers te benoemen bij het adviesorgaan, vijf inheemse en vijf van de lokale gemeenschappen. Dat is moeilijk, want de inheemse volkeren zijn verdeeld over zeven regio’s, niet vijf.

‘Als dit zo blijft, zou het betekenen dat wij uit de Arctische regio één vertegenwoordiger hebben samen met Noord-Amerika en het Pacifisch gebied. Dat zou een ramp zijn. We hebben te maken met heel verschillende kwesties: wij met smeltend ijs, in Australië hebben ze hittegolven.

‘Wat op een biodiversiteitstop als deze wordt besloten, is voor ons van wezenlijk belang. Zo heeft Finland in het verleden bepaalde wildernisgebieden aangewezen op basis van onze traditionele kennis. Dat gebeurde dankzij de richtlijnen die op een top als deze waren opgesteld.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next