Home

Veenhoop Festival, het oudere broertje van Zwarte Cross, bestaat 75 jaar: ‘Ik ben wat gewend, maar hier gaan ze echt los’

Volgend jaar is het 75 jaar geleden dat het eerste meerdaagse dorpsfeest in De Veenhoop plaatsvond. Maker Herman Zeilstra zet hoofdspelers uit het verleden in de schijnwerpers met een documentaire.

is televisierecensent voor de Volkskrant.

Lange tijd was de toneelavond hét hoogtepunt van het jaarlijkse dorpsfeest in De Veenhoop, een Fries boerendorp met zo’n 260 inwoners. Maar vaak was de plaatselijke jeugd dan al zo beschonken dat die nog maar weinig aandacht kon opbrengen voor theater. In de jaren zestig besloot het feestcomité het daarom over een andere boeg te gooien: er moesten meer bandjes komen.

Sindsdien is het dorpsfeest uitgegroeid tot een vierdaags muziekfestival in juli dat al jaren ruim tienduizend bezoekers trekt. Volgens de organisatoren – nog altijd vrijwilligers van het lokale feestcomité, die vergaderen in de kantine van korfbalclub Altijd Kwiek – is het Veenhoop Festival zelfs het oudste meerdaagse muziekfestival van Nederland. Jaren voor de eerste editie van Pinkpop in 1970 stonden er bij hen al popartiesten in de feesttent.

Hoofdrolspelers

Volgend jaar is het 75 jaar geleden dat het eerste meerdaagse dorpsfeest in De Veenhoop plaatsvond. Daarom bezocht documentairemaker Herman Zeilstra (49) voor Omrop Fryslân de editie van dit jaar en sprak hij met enkele hoofdrolspelers uit het verleden. Zaterdagmiddag is zijn documentaire 75 jaar Veenhoop Festival te zien op NPO 2.

Zeilstra kende vooral het ruige imago van het festival, vertelt hij aan de telefoon. ‘Ik ben wat gewend van dorpsfeestjes, maar op De Veenhoop gaan ze echt los: overal kerels met ontbloot bovenlijf, bier gooien, modder, touwtjespringen met aan elkaar geknoopte shirts. Grappig dus dat er ook zo veel grote internationale artiesten hebben gespeeld.’

Onder meer Meat Loaf, Joe Cocker en Status Quo stonden op het podium. Een belangrijke rol daarin speelde Bauke Algera (81) uit Sneek, die jarenlang programmeur was. Eerder had Algera als promotor rondgereisd met artiesten als Ray Charles en BB King. Door zijn contacten wist hij veel artiesten te verleiden om op maandagavond – wanneer ze vaak nog ruimte in hun agenda hadden – richting de Friese polder te komen.

Zo strikte hij in 1978 bijvoorbeeld Boney M., toen een van de populairste popgroepen van Europa. De organisatie liet een rondvaartboot uit Drachten aanrukken als kleedkamer, omdat de gebruikelijke tent in het weiland niet voldeed aan de eisen van de groep.

‘Echt boerenfestival’

Niet elk optreden sloeg aan bij het publiek, vertelt Algera. Zo vonden veel festivalgangers Herman Brood ‘geen Veenhoop-artiest’ en André Hazes ‘té Amsterdams’. Andersom botste het soms ook: de leden van BZN waren de bierdouches zo zat dat er voor het podium een ‘biervrije zone’ werd ingesteld.

‘Het is nou eenmaal een echt boerenfestival’, zegt Algera. ‘De band Jovink en de Voederbietels heeft hier nog een paar keer gespeeld, voordat zij in 1997 met de Zwarte Cross begonnen. Het Veenhoop Festival is eigenlijk een kleine variant daarvan.’

Algera vervolgt: ‘Een band als Normaal was gemaakt voor die sfeer.’ De boerenrockgroep stond maar liefst 39 keer op het Veenhoop Festival. In de documentaire vertelt leadzanger Bennie Jolink grinnikend dat hij een tand is kwijtgeraakt, omdat toeschouwers tijdens elk optreden met bier doordrenkte shirts tegen zijn microfoon bleven gooien.

Gepensioneerd veehouder Siebe Arends (85), ook een van de sprekers in 75 jaar Veenhoop Festival, moest als vrijwilliger die losbandigheid enigszins binnen de perken houden. ‘Men zei: op De Veenhoop is iedereen dronken, behalve het feestcomité’, zegt hij aan de telefoon. Hij vertelt dat het onder bezoekers gebruikelijk was om na het festival hun caravans in brand te steken. Dat werd zo’n probleem dat de organisatie een borgsom ging vragen die bezoekers pas terugkregen als ze het terrein met een ongeschonden caravan verlieten.

Uiteindelijk stopte Arends in 2003 bij het feestcomité, na 35 jaar. ‘Het was een soort verslaving: het moest telkens groter en beter’, legt hij uit. ‘Net zoals een boer ook altijd wil uitbreiden.’ Inmiddels programmeert het festival minder grote internationale namen. Volgens Algera, die ook niet meer betrokken is bij de organisatie, komt dat vooral door de hogere kosten van voorzieningen en veiligheidsmaatregelen.

‘Maar die kleinere Nederlandse groepen zijn ook mooi’, zegt Arends. ‘En er komen nog steeds veel mensen op af. Misschien omdat wij in onze tijd de basis hebben gelegd voor de goede naam van het festival. Als het festival aan de gang is, ga ik altijd wel even kijken hoe het gaat. Dan fiets ik over de dijk, waar je goed zicht hebt op het terrein. En meestal zie ik dat iedereen zich weer opperbest vermaakt. Dan ben ik wel trots, ja.’

75 jaar Veenhoop Festival (FryslânDOK) is op 31/10 te zien op NPO 2, NPO Start en Omrop Fryslân.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next